Capitulo 3 - les 5

1 / 21
volgende
Slide 1: Slide
newEditorSpaansMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 1-4

In deze les zitten 21 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les




                          Hoy es martes, 6 de octubre

Las reglas:

Respect:

Als iemand praat is de rest stil

Ik steek me vinger op als ik iets wil zeggen

We maken elkaar niet belachelijk

We komen onze afspraken na (HW, geen mobiel, etc.)

¿Qué vamos a hacer hoy?


  • Deberes: Bijvoeglijk vnw en tekst

  • herhaling

  • Vragen

¿Cuál es la meta de hoy? 


  • Ik heb extra uitleg gekregen over onderwerpen die ik nog moeilijk vind.

  • Ik kan het werkwoord TENER goed vervoegen in het Spaans

  • Ik weet hoe ik de bijvoeglijk vnw in het Spaans moet opschrijven

Las reglas:

Advertencia 1: Je krijgt nog een kans om beter te gedragen/ te 
                               luisteren

Advertencia 2: Je krijgt een schrijfopdracht en die moet je aan
                                het einde van de dag bij mij inleveren. Ik bel je
                                 ouders om ze op de hoogte te stellen.

Advertencia 3:  Je wordt uit de klas gestuurd, je moet een gele kaart halen, je
                                 krijgt een schrijfopdracht en die moet je aan het einde van de
                                 dag bij mij inleveren. Ik bel je ouders om ze op de hoogte te
                                 stellen.

Deberes:

Leerwerk:

TB blz. 32 bron J Bijvoeglijk naamwoord

TB blz. 32 bron K Fraces clave


Maakwerk:

TB blz. 28 bron C tekst

WB blz. 66 opdr. 7 vragen

Herhaling:


Het werkwoord tener

Tientallen

Familieleden

Bijvoeglijk naamwoord

Uitleg SO

¿Preguntas?

Het werkwoord TENER (hebben)

tengo

tienes

tiene

tienen

tenemos

tenéis

*

*

Persoonlijke voornaamwoorden

Yo = staat alléén yo

Tú = staat alléén tú

él / ella/ usted= staat één naam of één ding

___________________________________________________

Nosotros/as = staat een naam (of meerdere) + yo

Vosotros/as = staat een naam (of meerdere) + tú

ellos = man + man    OF    vrouw + man

ellas= vrouw + vrouw

ustedes = oudere persoon + oudere persoon

Bijvoeglijk naamwoorden

Feo       3. Ella tiene una gata ___________.

Bonito  1. Yo tengo una casa _______________.

Nuevo  2. Nosotros tenemos unos libros _________.

Verde  4. Tú tienes una mochila ____________.

Azul     5. Ustedes tienen unos lápices ____________.

Naranja 6. Vosotros tenéis un bolígrafo ___________.

Blanco  7. Él tiene unas perlas _______________.

man = hombre

vrouw= mujer

jongen= chico

meisje= chica

jong= joven

oud= viejo




SO

Getallen van 20 t/m 100 in het Spaans


Vocabulario: Werkboek blz. 85

Alleen 3.1 bron A en B


Gramática:

-Vervoeging TENER (hebben) Tekstbeok blz. 29, bron D

















Na de SO: oefentoets

Frases clave:

-Je kunt vertellen over je familie: Tekstboek blz. 29, bron E

-Je kunt je huis beschrijven: Tekstboek blz. 32, bron K

Vocabulario: Werkboek blz. 85- alle woordjes

-getallen 21 t/m 100

-familienamen

-je eigen huis

-kleuren

Gramática:

-Vervoeging TENER (hebben) Tekstbeok blz. 29, bron D

-Bijvoeglijk naamwoord Tekstboek blz. 32, bron J
















¿Cuál es la meta de hoy? 


  • Ik heb extra uitleg gekregen over onderwerpen die ik nog moeilijk vind.

  • Ik kan het werkwoord TENER goed vervoegen in het Spaans

  • Ik weet hoe ik de bijvoeglijk vnw in het Spaans moet opschrijven