les 2 Zuivel basis

Les 2: Zuivel basis
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
VoedingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 120 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Les 2: Zuivel basis

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesplanning
  • Keek op de week
  • Lesdoelen
  • Inloggen Zone College en Cumlaude
  • Praktijkopdracht vorige week
  • Theorie
  • Rondleiding Voorfabriek
  • Praktijkopdracht
  •  Aan de slag!

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



  • Is er nog iets bijzonders gebeurd?

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
Jij:
  • hebt kennis van een aantal feiten van de ontwikkeling van  de zuivelindustrie in NL.
  • weet welke producten van melk worden gemaakt.
  • Kan de samenstelling van melk benoemen.
  • Kan factoren benoemen die invloed hebben op de melkkwaliteit.


Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inloggen

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Praktijkopdrachten vorige les
  • Zoek/maak 2 foto’s die met jouw werk te maken hebben. en licht deze toe
  • Stroomschema eigen afdeling

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat maken we van melk; De feiten

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht: Video "Van koe tot koelkast"
Bekijk de video en beantwoord de volgende vragen:
  • Waarom worden de spenen gereinigd voor het melken?
  • Wat is de functie van de tag om de hals van de koe?
  • Tijdens het melken wordt melk geanalyseerd en bij afwijkingen apart gehouden. Waarom is dat?

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Waarom worden de spenen gereinigd voor het melken?

Slide 10 - Open vraag

Om het melken van de koe te activeren en voor hygiene en voorkomen van besmettingen
Wat is de functie van de tag om de hals van de koe?

Slide 11 - Open vraag

Koe herkenning en daarin staan alle belangrijke koe gegevens. Tevens kan je daarmee de koe weigeren om te melken bij ziekte of droogstand
Tijdens het melken wordt melk geanalyseerd en bij afwijkingen apart gehouden. Waarom is dat?

Slide 12 - Open vraag

Analyseren om melkkwaliteit te bepalen adhv geleidbaarheid. Je kan daarmee ook koe ziekte herkennen

Slide 13 - Tekstslide

hier zie je de samenstelling van geiten en koeienmelk weergegeven. de getallen zijn een gemiddelde . de getallen van de koe moet je goed onthouden zodat je later in de opleiding afwijkingen of reacties/processen makkelijker kunt verklaren.

Slide 14 - Tekstslide

het melkeiwit wordt onderverdeeld in 3 categorieën: de kaasstof, ofwel caseïne, dit is het grootste deel van de eiwitten (ongeveer 80%) en belangrijk voor het maken van de kaas. serumeiwitten ook wel wei-eiwit. en overige eiwitten
Welke bestanddelen zijn (volgens jou) opgelost in melk en welke niet?

Slide 15 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

De samenstelling is niet altijd het hele jaar door gelijk. Welke bestanddelen kunnen variëren denk je?

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

In de volgende slide wordt een filmpje van schoolTV getoond.  Klik op de link om het filmpje te openen. 
Beantwoord de volgende vragen: 
  • Hoe lang geeft een koe melk?
  • Wat gebeurt er met melk waarin bloedsporen zitten?
  • Op welke temperatuur wordt de melk bewaard?

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Hoe lang geeft een koe melk?

Slide 19 - Open vraag

10 tot 12 maanden
Wat gebeurt er met melk waarin bloedsporen zitten?

Slide 20 - Open vraag

De melk wordt afgekeurd en de koe wordt ziekgemeld.
Op welke temperatuur wordt de melk bewaard bij de boer?

Slide 21 - Open vraag

Op ongeveer 3 graden Celsius.

Slide 22 - Tekstslide

Een koe is net als de mens 9 maanden zwanger.

Koemelk heeft net na afkalven een bijzondere samenstelling. Deze melk noemen we biest. Biest heeft wel 33% droge stof. In de biest zitten veel meer vetten en eiwitten dan in gewone melk. Biest heeft ongeveer 20% eiwit. Een belangrijk deel hiervan van antistoffen of immunoglobulinen. Hierdoor is biest is een wonderdrank voor het kalf. Immunoglobulinen worden ook wel serumeiwitten genoemd. Het kalf kan deze de eerste 36 uur opnemen in de bloedbaan. Het kalf is door de antistoffen beschermd tegen de eerste ziekteverwekkers.

Na drie dagen is de melk van de koe weer normaal. Door de lactatie heen verandert de samenstelling vaak nog een klein beetje. Koeien aan het begin van de lactatie hebben vaak lagere gehalten dan op de piek van de lactatie(150-200) dagen. Aan het einde van de lactatie is het vetgehalte vaak iets hoger. (zie grafiek) Biest is niet meer zo uniek als vroeger.
Veranderingen melk tijdens lactatie
Tijdens de lactatie verandert er wat aan de melk:
  • De hoeveelheid melk neemt eerst snel toe en dan langzaam af.
  • Het vetgehalte daalt eerst wat en wordt daarna steeds hoger.
  • De grootte van de vetbolletjes wordt steeds kleiner.
  • Het eiwitgehalte neemt eerst af en daarna steeds toe.
  • Het calciumgehalte is eerst hoog maar neemt steeds meer af.






Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke factoren kunnen invloed hebben op de samenstelling van de melk?

Slide 24 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Samenstelling koemelk kan veranderen
De getallen zijn gemiddelden.

  • Net na de geboorte van een kalfje (start lactatie) is de samenstelling anders dan aan het einde van de lactatie.
  • De ene koe heeft meer eiwit en/of vet in de melk dan de andere koe.
  • Het ene ras levert vettere melk of melk met meer eiwit dan het andere ras.
  • Voeding speelt een belangrijke factor in melksamenstelling





Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke bestanddelen bepalen vooral de prijs die de boer krijgt voor zijn melk?

Slide 26 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Invloed uitbetaling veehouder
Uitbetaling veehouder vindt plaats op basis van:
  • Hoeveelheid geleverde melk.
  • Het vetgehalte en eiwitgehalte van de melk.
  • De kwaliteit van de melk.
  • De marktprijs van melk


Eens in de 2 of 4 weken wordt de geleverde melk onderzocht op de kwaliteit.
Afwijkingen in de melk, dat betekend korting in melkgeld.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is kwaliteit?

Slide 28 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat is kwaliteit

  • Als iets voldoet aan de wensen van de klant.  
  • Vastgelegd in het melkkwaliteitsstelsel.
  • Vastgelegd in product specificaties.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke kwaliteitseisen van de melk ken je al?

Slide 30 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Kwaliteitscontrole- gebreken in melk
  • Vetsplitsing
  • Te hoog totaal kiemgetal
  • Te hoog kiemgetal aan thermoresistente micro-organismen
  • Te hoog vriespunt
  • Aanwezigheid van boterzuurbacteriën of hun sporen
  • Vuil in de melk
  • Aanwezigheid van desinfectiemiddelen
  • Te veel witte bloedcellen in de melk
  • Aanwezigheid van antibiotica

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

(praktijk)Opdracht!
Werk in 2-tallen. Kies 3 gebreken van de lijst van mogelijke gebreken en zoek daarvan het volgende uit:
  • Wat is het.
  • Wat is de oorzaak.
  • Wat is het mogelijke gevolg ervan.


Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rondleiding voorfabriek
Rondleiding door de voorfabriek door Allan en Erwin

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Melkkwaliteit onderzoek door QLIP

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het vriespunt van melk?
A
0 graden C
B
+ 0,5 Graden C
C
-0,54 graden C
D
Melk bevriest niet

Slide 35 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vriespunt
  • Te hoog vriespunt van de melk = teveel water in de melk
  •  Voor de boer is dit winst. Kostprijs melk is immer > dan water
  • Vriespunt controle door QLIP. Te hoog vriespunt is korting op melkgeld

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een KVE?
A
Kolonie vormende eenheden
B
Soort micro-organismen
C
Kiemgetal, Vet, Eiwit
D
Kuil Voer Eenheid

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kiemgetal
  • Kiemgetal = aantal MO (Micro-organismen) per milliliter (Ml)
  •  > kiemgetal komt door onhygiënisch melken of een slechte reiniging
  • Goede melk heeft < 10000 KVE per Ml

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Reinheid
  • Melk kan verontreinigd worden tijdens het melken door stro, zaagsel en zandresten.
  • Dit heeft alles te maken met hygiënisch werken. Een goede stal hygiëne met schone koe matrassen is essentieel

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Witte bloedlichaampjes
  • Ook wel celgetal genoemd
  • > Celgetal duidt op  teveel witte bloedlichaampjes in de melk en is een signaal voor beginnende uierontsteking.

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zoek op in de zuivel academie. Wat kan oorzaak zijn van &gt; celgetal?

Slide 41 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
Check je kennis over deze workshop door het maken van deze opdracht:
  • Opdracht (les 1) Basis zuivel

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Check: Lesdoelen
Jij:
  • hebt kennis van een aantal feiten in de ontwikkeling van de zuivelindustrie in NL.
  • weet welke producten van melk worden gemaakt.
  • Kan de samenstelling van melk benoemen.
  • Kan factoren benoemen die invloed hebben op de melkkwaliteit.


Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag!
  • Lees van de zuivelacademie: Basiskennis H1 Algemene zuivelkennis
  • Maak de theorieopdrachten,  aangegeven staan bij les 2.

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen check
Jij:
• Kan de melksamenstelling benoemen.
• Kan de veranderingen van de melk tijdens de lactatieperiode benoemen.
• Kan factoren benoemen die invloed hebben op de melksamenstelling.

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies