Hoofdstuk Gereedschappen en machines

3 februari 2023
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
MetaaltechniekPraktijkonderwijsLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

3 februari 2023

Slide 1 - Tekstslide

Presentis
Weekverslag
week 5
Portfolio

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Programma
  1.  Tussentijdse toets blok 2 (hoofdstuk 4, 5 en 6)
  2. Wlearn
  3. Hoofdstuk 7 

Slide 4 - Tekstslide

WLearn
Tussentijdse toets H4 t/m H6: 62VCA194

Slide 5 - Tekstslide

Hoofdstuk 7
Gereedschappen en machines
presentatie hoofdstuk 7
boek blz. 139
lees hoofdstuk 7 blz 139-169

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Handgereedschappen en machines
  1. Je kent verschillende soorten handgereedschappen en kunt uitleggen waarvoor ze gebruikt worden.
  2. Je kunt uitleggen hoe je veilig werkt met handgereedschappen en machines. 

Slide 10 - Tekstslide

Handgereedschappen
Bij gewone handgereedschappen gebruik je je eigen kracht. Voor de veiligheid zijn 2 dingen belangrijk: 

Slide 11 - Tekstslide

1. Je moet handgereedschap goed onderhouden.
Goed onderhoud betekent:
a. regelmatig kijken of het gereedschap niet versleten of kapot is
b. kapot gereedschap laten repareren of weggooien.
c. het gereedschap goed schoonmaken.
2. Je moet weten hoe je handgereedschap moet gebruiken.
Dus geen schroeven indraaien met een tang.
Of iets loswrikken met een schroevendraaier.
Anders kunnen er ongelukken gebeuren.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

  • De kop moet goed vastzitten op de steel. 
  • De kop moet geborgd zijn met een wig. 
  • Borgen betekent: zorgen dat iets niet losraakt. 
 

Slide 14 - Tekstslide

  • De steel van de hamer moet glad zijn. 
  • De kop van de hamer moet gaaf zijn. 
  • Er mogen geen bramen op zitten.}
  • Bramen zijn scherpe opstaande randen. 
  • Je mag hamers niet tegen elkaar slaan.

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

moersleutel
  • geen beschadiging, geen bramen 
  • niet verlengen
  • moet precies passen om de moer
  • geen vulpaatjes gebruiken

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

ringsleutel
= beter dan een steeksleutel

Slide 19 - Tekstslide

vijl
  • heft moet goed vast
  • de arend is scherp
  • handvat stevig vast

Slide 20 - Tekstslide

schroevendraaier
  • kleine werkstukken goed vastzetten
  • de juiste maat schroevendraaier gebruiker
  • moet precies passen 

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide