2. Klassieke pedagogische stromingen

2. Klassieke pedagogische stromingen 
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026
1 / 50
volgende
Slide 1: Tekstslide
GedragswetenschappenSecundair onderwijs

In deze les zitten 50 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

2. Klassieke pedagogische stromingen 
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
De leerling:
- Legt uit waarom pedagogiek vaak als een normatieve wetenschap wordt beschouwd.
- Legt het verschil uit tussen een descriptieve en normatieve wetenschap.
- Legt uit waarom pedagogiek geen puur theoretische wetenschap is.
- Somt de drie grote stromingen in het pedagogische denken op.
- Benoemt de kenmerken van de geesteswetenschappelijke pedagogiek.
- Geeft een voorbeeld van de geesteswetenschappelijke pedagogiek (Langeveld).
- Beschrijft de visie van Langeveld.
- Formuleert kritiek op de visie van Langeveld.
- Benoemt de kenmerken van de empirisch-analytische pedagogiek.
- Geeft een voorbeeld van de empirisch-analytische pedagogiek (Belsky en/of Ince en collega’s).

- Beschrijft het sociaal-contextueel procesmodel van Belsky.
- Beschrijft het model van Ince en collega’s.
- Benoemt de kenmerken van de kritisch-emancipatorische pedagogiek.
- Geeft een voorbeeld van de kritisch-emancipatorische pedagogiek (Freire).
- Beschrijft de visie van Freire.
- Vergelijkt de voorbeelden en kenmerken van de geesteswetenschappelijke, empirisch-analytische en kritisch-emancipatorische pedagogiek.


Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
De leerling:
- Beschrijft het sociaal-contextueel procesmodel van Belsky.
- Beschrijft het model van Ince en collega’s.
- Benoemt de kenmerken van de kritisch-emancipatorische pedagogiek.
- Geeft een voorbeeld van de kritisch-emancipatorische pedagogiek (Freire).
- Beschrijft de visie van Freire.
- Vergelijkt de voorbeelden en kenmerken van de geesteswetenschappelijke, empirisch-analytische en kritisch-emancipatorische pedagogiek.


Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
Neem een blad papier
Schrijf zoveel mogelijk op in 5min

Wat weet je nog van vorige les(sen)?
timer
5:00

Slide 5 - Tekstslide

Zelf nog schema maken
Normatief vs. descriptief
Descriptieve wetenschappen = hoe de werkelijkheid in elkaar zit, zonder een waardeoordeel te vellen
Normatieve wetenschappen = geven advies, bijvoorbeeld hoe je kinderen het best kunt opvoeden

Pedagogiek wordt vaak als een normatieve wetenschap beschouwd

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geen puur theoretische wetenschap
  • Hoe je iemand opvoedt, hangt samen met de doelen die je vooropstelt
  • Moeilijk wetenschappelijk vast te leggen
  • Verbonden met de overtuigingen van de pedagoog

Conclusie: pedagogiek is geen puur theoretische wetenschap, maar heeft een onmiddellijke toepassing in de maatschappij.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klassieke pedagogische stromingen
In de 20e eeuw ontstonden drie grote stromingen in het pedagogisch denken:
  1. Geesteswetenschappelijke pedagogiek, met een eerder filosofische insteek (2.1)
  2. Empirisch-analytische pedagogiek, waarin onderzoek centraal staat (2.2)
  3. Kritisch-emancipatorische pedagogiek, met een focus op sociale (on)rechtvaardigheid (2.3)

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geesteswetenschappelijke pedagogiek
  • Mens als onderzoeksobject fundamenteel ≠ verschijnselen uit de natuurwetenschappen
  • Empirische onderzoeksmethoden niet bruikbaar om menselijk gedrag te onderzoeken
  • Wel belangrijk: persoonlijke inbreng van de pedagoog die het kind en zijn belevingswereld probeert te leren kennen
  • Vertrekpunt = praktijkervaring (relatie tussen opvoeder en kind)
  • Fenomenologische aanpak

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fenomenologische aanpak
Een kind dat tegenstribbelt bij bedtijd. Waarom?




Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fenomenologische aanpak
Een kind dat tegenstribbelt bij bedtijd. Waarom?
Bang? Te druk? Wil nog aandacht? Wil controle? Geen idee zolang je niet kijkt en luistert.



Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fenomenologische aanpak
Een kind dat tegenstribbelt bij bedtijd. Waarom?
Bang? Te druk? Wil nog aandacht? Wil controle? Geen idee zolang je niet kijkt en luistert.

Een tiener die pest. Waarom?

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fenomenologische aanpak
Een kind dat tegenstribbelt bij bedtijd. Waarom?
Bang? Te druk? Wil nog aandacht? Wil controle? Geen idee zolang je niet kijkt en luistert.

Een tiener die pest. Waarom?
Jaloezie? Groepsdruk? Humor die verkeerd valt? Eigen onzekerheid?

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fenomenologische aanpak
Fenomenologische aanpak: kijken naar hoe iets echt is in het dagelijks leven, zonder meteen te oordelen. Je probeert te begrijpen wat er gebeurt, waarom het gebeurt en hoe het voor iedereen voelt.

  1. De situatie onderzoeken: Wat zie je? Wat hoor je? Wat valt op?
  2. In gesprek gaan: Met ouders, het kind, eventueel anderen.
  3. De situatie interpreteren: Wat betekent dit gedrag in deze context?
  4. Een aanpak kiezen: Niet één standaardoplossing, maar iets dat past bij dit specifieke kind in dit specifieke moment.

Kindwaardig = je kiest iets dat bij dat kind past en dat goed voelt voor iedereen.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2. Klassieke pedagogische stromingen 
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fenomenologische aanpak (herhaling)
Fenomenologische aanpak: kijken naar hoe iets echt is in het dagelijks leven, zonder meteen te oordelen. Je probeert te begrijpen wat er gebeurt, waarom het gebeurt en hoe het voor iedereen voelt.

  1. De situatie onderzoeken: Wat zie je? Wat hoor je? Wat valt op?
  2. In gesprek gaan: Met ouders, het kind, eventueel anderen.
  3. De situatie interpreteren: Wat betekent dit gedrag in deze context?
  4. Een aanpak kiezen: Niet één standaardoplossing, maar iets dat past bij dit specifieke kind in dit specifieke moment.

Kindwaardig = je kiest iets dat bij dat kind past en dat goed voelt voor iedereen.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
Groepjes van 3 à 4
Pas de fenomenologische aanpak toe op de twee casussen
timer
15:00

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Visie van Langeveld
Twee principes :
1. Pedagogisch handelen doet ertoe
2. Kinderen zijn zelf actief betrokken bij hun opvoeding

Macht vs. gezag

Opvoeding wanneer kind 'nee' kan zeggen (2 jaar)
Bovengrens wanneer kind gezag niet meer nodig heeft

Doel = zelfverantwoordelijke zelfbepaling’

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2. Klassieke pedagogische stromingen 
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Descriptieve wetenschappen...
A
Geven vooral advies
B
Beschrijven hoe de werkelijkheid in elkaar zit

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Pedagogiek is eerder een...
A
Normatieve wetenschap
B
Descriptieve wetenschap

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De pedagogische stroming die de persoonlijke inbreng van de pedagoog centraal zet is ...
A
Fenomenologische aanpak
B
Kritisch-emancipatorische pedagogiek
C
Empirisch-analytische pedagogiek
D
Geesteswetenschappelijke pedagogiek

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

"Opvoeding begint wanneer een kind 'nee' kan zeggen en stopt wanneer het kind geen gezag meer nodig heeft" is de visie van ...
A
Belsky
B
Ince en collega's
C
Langeveld
D
Freud

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Empirisch-analytische pedagogiek 
  • Hecht veel belang aan kwantitatief onderzoek
  • Wetenschappelijk onderzoek (adhv empirische cyclus) noodzakelijk om de ideeën van pedagogen te toetsen aan de werkelijkheid (effectiviteit)
  • Evidence based education: opvoeding en onderwijs moeten gebaseerd zijn op een aanpak waarvan in de praktijk bewezen is dat ze werkt. 

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Empirisch-analytische pedagogiek 
  • Afstand centraal
  • Geen algemene visie op opvoeding door nadruk op puur onderzoek (eerder descriptief)
  • Typische toepassing: wat is de geschikte aanpak van pesten?  

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Sociaal-contextueel procesmodel van Belsky
  • Gebaseerd op onderzoek naar kindermishandeling
  • Determinanten van ouderlijk gedrag 
  • In zijn model factoren waarvan onderzoek had uitgewezen dat ze een positieve of negatieve invloed hebben op ouderlijk gedrag

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Top tien van Ince et al.
  • Meta-analyses en systematische review van een grote hoeveelheid onderzoeken 
  • Top tien van beschermende factoren die de kans vergroten op een voorspoedige ontwikkeling van kinderen en jongeren

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Top tien van Ince et al.
1. Sociale binding: warme, ondersteunende relaties in het gezin en de omgeving
2. Kansen voor betrokkenheid: kunnen participeren in sociale interacties
3. Prosociale normen: opgroeien in een omgeving met positieve waarden en normen
4. Erkenning en waardering van positief gedrag: bekrachtigd worden als je het goed doet
5. Steun van belangrijke volwassenen en voorzieningen in de omgeving: ondersteund worden door ouders en beroepsopvoeders
6. Constructieve tijdsbesteding: aangename en zinvolle vrijetijdsbesteding, in contact met leeftijdsgenoten en volwassenen
7. Competenties: gepast kunnen reageren in sociale en emotionele situaties
8. Cognitieve vaardigheden: logisch denken, lees- en rekenvaardigheden
9. Schoolmotivatie: bereid zijn om zich voor school in te zetten
10. Positieve identiteit: zelfvertrouwen, positief zelfbeeld

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
Lees hoofdstuk 2 in de cursus
Leg de link met de belangrijkste zaken uit hoofdstuk 1 (zie volgende slide)

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Belangrijke elementen uit H1
- Opvoeden 
- 2 implicaties
                       1) transactioneel proces
                       2) doelgericht
- 3 actoren betrokken bij opvoeding
                       1) het kind
                       2) de opvoeder(s) en het gezin
                       3) de omgeving
- belang van opvoeden (kind voedt zichzelf niet op)

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2. Klassieke pedagogische stromingen 
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht
  1. Geesteswetenschappelijke pedagogiek, met een eerder filosofische insteek (2.1)
  2. Empirisch-analytische pedagogiek, waarin onderzoek centraal staat (2.2)
  3. Kritisch-emancipatorische pedagogiek, met een focus op sociale (on)rechtvaardigheid (2.3)

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kritisch-emancipatorische pedagogiek
Tegen gangbare, traditionele ideeën over opvoeding
Deze stimuleren de status quo (houden sociale ongelijkheid in stand)

Doel = kinderen en jongeren kritisch leren kijken naar de maatschappij
Opvoeding en onderwijs zijn middelen om onderdrukking en onrechtvaardigheid tegen te gaan

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Pedagogiek van de onderdrukten (Freire)
Braziliaanse pedagoog Paulo Freire

Werkte met straatarme volwassenen
'cultuur van het zwijgen'
De onderdrukten voelen zichzelf dom, 
onwetend en tot weinig in staat 
-> ze ondergaan het gezag van de elite
Kennis = macht
Van staatsgevaarlijk naar minister van onderwijs


Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld
Kritisch-emancipatorische pedagogiek als inspiratiebron om via onderwijs ongelijkheid aan te pakken

In Vlaanderen grote verschillen qua studieresultaten tussen jongeren met en zonder migratieachtergrond


Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Discriminatie is zo ingebakken in het onderwijs dat het beter zou zijn moesten we aparte scholen hebben (bijv. islamitische scholen)
A
Eens
B
Niet eens

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
  • Vul de tabel in op pagina's 5-6
  • Maak voor jezelf een top 3 (interactieve slide)
  • Bespreking in de klas

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Jouw top 3 van opvoedingsdoelen

Slide 39 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

2. Klassieke pedagogische stromingen 
7VJHO - Gedragswetenschappen
Mevrouw van Loon
2025-2026

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
In groepjes van 3
Elk groepje leest het toebedeelde fragment
Noteer samen de voor-/tegenargumenten die aan bod komen in het fragment

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verdeling
Groep 1: Farah (A), Yasmina (B), Yana (C) -> lezen fragment 1
Groep 2: Amelia (A) en Violetta (B) -> lezen fragment 1 
Groep 3:  Misha (A), Miles (B) en Oleksii (C) -> lezen fragment 2
Groep 5:  Bloem (A), Mira (B) en Yasmine (C) -> lezen fragment 3
Groep 6:  Elisya (A), Nadire (B) en Ahmad (C) -> lezen fragment 3

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
In groepjes van 6 
Je wisselt voor- en tegenargumenten uit
Noteer jullie conclusie op de volgende slide

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conclusie (1 antwoord per groep)

Slide 44 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Argumenten voor aparte islamitische scholen

1. Het kan de identiteit en het zelfbeeld van de leerlingen versterken en zo tot betere studieresultaten leiden.
2. Het kan een middel tegen radicalisering zijn.

Extra: Jongeren zonder migratieachtergrond worden in het huidige schoolsysteem bevoordeeld. 

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Argumenten tegen aparte islamitische scholen
1. Het werkt integratie tegen en segregatie in de hand.
2. De leerling wordt er minder geconfronteerd met andere meningen. Het wordt de leerlingen te gemakkelijk gemaakt, omdat er geen spanning is tussen thuis en school.

Extra: Bepaalde onderwerpen, zoals evolutieleer of seksuele opvoeding, kunnen gevoelig liggen in moslimscholen. 

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conclusie
Tegenwoordig lopen de drie stromingen van pedagogiek meer in elkaar over. Elke benadering bevat immers waardevolle elementen.

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In welke mate heb je het gevoel dit deel te begrijpen?
😒🙁😐🙂😃

Slide 48 - Poll

Exit ticket

Na deze les, 
wil ik...
stuk van de uitleg nog 1 keer horen (vul in op de volgende slide)
meer voorbeelden krijgen
meer oefeningen maken
de leerstof thuis nog even bekijken
overgaan naar nieuwe leerstof
nog meer te weten komen over de leerstof
nog iets anders (vul de vraag op de volgende slide in)

Slide 49 - Poll

Deze slide heeft geen instructies


Stuk van de uitleg nog 1x horen, namelijk ...
Nog iets anders, namelijk ...

Slide 50 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies