Les 8.3 Cursus F Organiseert (mede) organisatiebrede activiteiten

8.3  Cursus F 

Organiseert (mede) organisatiebrede activiteiten

Werkproces P3-K2-W2
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
WelzijnMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

8.3  Cursus F 

Organiseert (mede) organisatiebrede activiteiten

Werkproces P3-K2-W2

Slide 1 - Tekstslide

👁️👁️Terugblik
  1. Opbouw van periode 8
  2. Benoemen wat er allemaal bij het organiseren van een schoolbrede activiteit komt kijken
  3. Een digitale uitnodiging maken voor een activiteit



Slide 2 - Tekstslide

🎯Lesdoelen
Aan het einde van deze les kan de student
  1. Uitleggen wat het verschil is van nabeschouwen en evalueren
  2. Je kunt voorbeelden geven van vragen die je stelt tijdens de nabeschouwing en evaluatie



Slide 3 - Tekstslide

🗒️Lesprogramma
  • Activeren voorkennis (5 min)
  • Opdracht 'Dubbele bril van de OA' (20 min)
  • Opdracht 'Bruggenbouwer' (50 min)
  • Afsluiting (5min)
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 4 - Tekstslide

Periode 8 cursus F
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 5 - Tekstslide

Periode 8️⃣
In deze periode gaan we ons verder oriënteren op de organisatiebrede activiteiten
  • Aan het einde van periode 8 krijg je alvast de uitleg over de formatieve opdracht van leerjaar 3 periode 9+10!

Slide 6 - Tekstslide

Hoe zit periode 8️⃣ eruit
  • 8 weken onderwijs
  • Er is deze periode geen formatieve toetsing
  • Weekplanning staat op Its'learning
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 7 - Tekstslide

Welk boek gaan we deze week gebruiken? 


Boek: Onderwijs als werkveld M3; 

H2 Organiseren van organisatiebrede activiteiten
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 8 - Tekstslide

Wat is het verschil tussen nabeschouwen en evalueren?

Slide 9 - Woordweb

🟦 Nabeschouwen =
“Beschrijf precies wat er gebeurde.”

Voorbeelden van vragen:
  • Wat gebeurde er stap voor stap?
  • Wat zei jij/de ander?
  • Wat deden de leerlingen?
  • Wanneer ging het makkelijk / lastig?

👉 Belangrijk: geen oordeel! Alleen beschrijven.
🟥 Evalueren =
“Beoordeel en verbeter de situatie.”

Voorbeelden van vragen:
  • Wat ging goed en waarom?
  • Wat kon beter?
  • Wat zou je de volgende keer anders doen?
  • Hoe effectief was je begeleiding?

👉 Hier mogen ze wél oordelen en conclusies trekken.

Slide 10 - Tekstslide

👓 De Dubbele Bril van de Onderwijsassistent
Als onderwijsassistent kijk je altijd met een dubbele bril naar situaties in de klas

🟦 Nabeschouwend
🟥 Evaluerend
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 11 - Tekstslide

📸Opdracht nabeschouwen
  • Je krijgt zo  afbeelding te zien van een klassensituatie
  • Je gaat beschouwen
  • Je schrijft alleen op wat je ziet
  • 👉🏻je geeft geen oordeel
🟦Nabeschouwen
Beschrijven
Feiten
Wat gebeurde er?
Zonder oordeel
Basis voor relectie

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

🟦Nabeschouwen
Beschrijven
Feiten
Wat gebeurde er?
Zonder oordeel
Basis voor relectie
🟦 Nabeschouwen
  • In het klaslokaal zijn veel leerlingen tegelijk met verschillende dingen bezig.
  • Een volwassene staat op een tafel en houdt de handen voor het gezicht.
  • Leerlingen zitten, staan en lopen door elkaar heen.
  • Op meerdere tafels liggen boeken, schriften en losse materialen verspreid.
  • Een leerling staat op een tafel bij een computer en wijst ergens naartoe.
  • Er worden verschillende activiteiten gedaan, zoals knutselen, puzzelen, werken op de computer en schaken.
  • Er liggen spullen en afval op de grond.
  • Leerlingen gebruiken voorwerpen zoals een bal, racket en gereedschap.
  • Er is een kat op een kast en een hond in de klas aanwezig.
  • Leerlingen nemen verschillende houdingen aan: zittend, staand en liggend.

Slide 14 - Tekstslide

📸Opdracht evalueren
  • Je krijgt zo  afbeelding te zien van een klassensituatie
  • Je gaat evalueren
  • Je schrijft alleen op wat je ziet
  • 👉🏻 je geeft wel een oordeel of waardering
🟥Evalueren
Beoordelen
Meningen + analyse
Hoe ging het
Met oordeel
Gericht op verbeteren

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

🟥 Evalueren 
  • De klas is onrustig en weinig gestructureerd.
  • De volwassene lijkt geen overzicht of controle te hebben over de groep.
  • Er is onvoldoende klassenmanagement.
  • De werkplekken zijn rommelig en belemmeren effectief werken.
  • Het gedrag van leerlingen is op sommige momenten onveilig en wordt niet gecorrigeerd.
  • Er is weinig gezamenlijke focus of duidelijke instructie.
  • Orde en netheid krijgen onvoldoende aandacht.
  • Sommige activiteiten lijken niet passend bij de les en kunnen risico’s opleveren.
  • De aanwezigheid van dieren kan afleiden en is mogelijk onhygiënisch.
  • Veel leerlingen zijn niet taakgericht bezig.
🟥Evalueren
Beoordelen
Meningen + analyse
Hoe ging het
Met oordeel
Gericht op verbeteren

Slide 17 - Tekstslide

👉🏻Wat zie je?
👉🏻Wat vind je daarvan en wat zou beter kunnen!

Slide 18 - Tekstslide

Praktijkopdracht "Bruggenbouwer"🌉
🎯Nabeschouwen en evalueren
⏰30-45 minuten
👨🏼‍👩‍👧🏾‍👦🏿Groepjes +/- 5 personen

Materialen; papier, tape, sateprikkers, schaar, klein gewicht (gum, boekje, etui)

Slide 19 - Tekstslide

Bouwen van de brug🌉
"
"Bouw in 15 minuten een brug die minimaal 30 cm overspant en een gewicht kan dragen"
timer
15:00
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 20 - Tekstslide

Testmoment
Iedere groep presenteert hun brug en test!

Slide 21 - Tekstslide

Nabeschouwen
  • Wat hebben jullie gedaan?
  • Welke keuzes maakten jullie tijdens het bouwen?
  • Wanneer veranderde het plan?
  • Wat gebeurde er tijdens de test?
  • Welke samenwerking zagen jullie?
👉🏻Woorden als goed, fout, beter, slecht mogen niet gebruikt worden

Slide 22 - Tekstslide

Evalueren
  • In hoeverre voldeed de brug aan de opdracht?
  • Wat werkte goed?
  • Wat werkte minder goed?
  • Welke verbetering zouden jullie doen?
  • Welk cijfer (1-10) geef je de brug en waarom?
👉🏻Beoordelen en conclusies trekken

Slide 23 - Tekstslide

Vraag❓
Na een activiteit; waarom helpt het om eerst te beschouwen voordat je gaat evalueren?
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 24 - Tekstslide

🎯Onderwijsassistenten
Omdat je eerst wilt begrijpen 🧠
➡️daarna je beter kan oordelen, wat een sterkere professionele reflectie oplevert
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 25 - Tekstslide

📝 Wat heb ik vandaag geleerd 
✅ Ik weet het verschil tussen beschouwen en evalueren
✅ Ik kan voorbeelden geven van vragen die je stelt tijdens de nabeschouwing en evaluatie
Programma
  • Activeren voorkennis (5min)
  • Opdr Dubbele bril (20 min)
  • Opdr Bruggenbouwer (50min)
  • Afsluiting (5min)
 

Slide 26 - Tekstslide

Vooruitblik voor de komende les
Boek: Onderwijs als werkveld M3;


H2 Organiseren van organisatiebrede activiteiten

8.3 Nabeschouwing en evaluatie

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Tekstslide