2HGL Hoofdstuk 4

2HGL Hoofdstuk 4
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
Nask / TechniekMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 2

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

2HGL Hoofdstuk 4

Slide 1 - Tekstslide

Isotopen
  • De meeste stoffen hebben isotopen
  • Bij veel stoffen kunnen we hier een onderscheid maken tussen radioactieve en niet-radioactieve isotopen
  • Een radioactief isotoop heeft een instabiele atoomkern
  • Deze kern kan spontaan veranderen

Slide 2 - Tekstslide

Isotopen

Isotopen hebben hetzelfde atoomnummer, maar een ander Massagetal.
Notatie isotopen





Hoeveel protonen heeft een koolstofatoom?

Slide 3 - Tekstslide

Isotopen
Dit noem je dan isotopen.

Waterstof kent in dit geval dus drie isotopen.

isotopen: atomen van dezelfde atoomsoort met een verschillend aantal neutronen in de kern

Slide 4 - Tekstslide

Radioactief verval

Slide 5 - Tekstslide

radioactief verval

Slide 6 - Tekstslide

Aan de slag
Maak de rest van de opgaven uit paragraaf 4.2 
(32 t/m 49)

Slide 7 - Tekstslide

Halveringsdikte
Hoe groter de dichtheid hoe beter stof straling dicht houdt 

Hoe dieper je in een stof komt hoe meer de straling afneemt. 

Halveringsdikte is dikte waarbij de straling voor de helft is afgenomen. 

LET  OP: 

Na de tweede halveringsdikte de helft van de helft.

Na de derde halveringsdikte  de helft van de helft van de helft. etc

Slide 8 - Tekstslide

Halveringstijd
Elke radioactieve isotoop heeft een eigen halveringstijd.


Slide 9 - Tekstslide

Halveringstijd
De tijd die de helft van de kernen nodig heeft om te vervallen.

LET  OP: 
Na de tweede halveringstijd de helft van de helft.
Na de derde halveringstijd de helft van de helft van de helft. etc

Slide 10 - Tekstslide

Aan de slag
Maak uit paragraaf 4.3 
50 t/m 66

Slide 11 - Tekstslide

- Ga zitten
- pak je aantekeningschrift
-sluit je spel af
timer
3:00

Slide 12 - Tekstslide


Het aantal kernen dat per seconde vervalt.

Slide 13 - Tekstslide

Activiteit
Activiteit: hoeveel kernen er per seconden vervallen.

De eenheid van activiteit, A, is becquerel: Bq

Dus als er per seconde 1 atoomkern vervalt, 
dan is de activiteit 1 Bq
Binas TB 6

Slide 14 - Tekstslide

Rekenen met halfwaardetijd

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Aan de slag
Maak uit paragraaf 4.3 
67 t/m 73

Slide 17 - Tekstslide