In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.
Lesduur is: 60 min
Dit is niet oké
Onderdelen in deze les
ICT
Slide 1 - Tekstslide
Wachtwoord
Een goed (=sterk) wachtwoord voldoet aan veel eisen.
Slide 2 - Tekstslide
Kent er iemand het wachtwoord van je e-mail of computer?
A
Nee, niemand, alleen ik
B
Ja, alleen mijn ouders
C
Ja, alleen mijn beste vriend(in)
D
Ja, klasgenoten of vrienden
Slide 3 - Quizvraag
Wat kan er mis gaan als iemand anders jouw wachtwoorden kent?
Slide 4 - Woordweb
Het is belangrijk, omdat je niet wilt dat:
een ander jouw mailtjes leest,
een ander rare mailtjes stuurt uit jouw naam,
een ander op jouw naam bestellingen doet,
iemand jouw gegevens wist
iemand fraude pleegt via jouw gegevens....
Slide 5 - Tekstslide
Een sterk wachtwoord
1) Gebruik geen voor de hand liggende informatie
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Video
Een sterk wachtwoord
2) Gebruik een wachtwoord van minimaal 10 tekens
Hoe langer, hoe moeilijker te raden
Slide 8 - Tekstslide
Een sterk wachtwoord
3) Gebruik letters, cijfers en symbolen
Hoofdletter
Kleine letter
Cijfer
Leesteken
Bv: P0$!t!3f
Slide 9 - Tekstslide
Een sterk wachtwoord
4) Gebruik een wachtwoordzin
.
Gebruik een wachtwoordzin
Vervang je wachtwoord bijvoorbeeld door een wachtwoordzin. En dan eentje die zo ongebruikelijk of vreemd mogelijk is, met een aantal tekens erin zoals een aantal, jaartal, accentteken, euro- of dollarteken of aanhalingstekens.
Twee voorbeelden:
Kost deze Italiaanse motorfiets uit 1975 € 100.000?!
Beter 1 vogel in de hand dan 10 in de lucht!
Gebruik dan bijvoorbeeld de eerste twee letters van elk woord en de cijfers en speciale tekens.
Bij de voorgaande voorbeelden krijg je dan:
KodeItmoui1975€100.000?!
Be1voindehada10indelu!
Slide 10 - Tekstslide
Een sterk wachtwoord
5) Gebruik niet één wachtwoord voor meerdere websites
Slide 11 - Tekstslide
Een sterk wachtwoord
6) Verander regelmatig je wachtwoord
Slide 12 - Tekstslide
Samengevat:
Gebruik geen voor de hand liggende informatie
Gebruik een wachtwoord van minimaal 10 tekens
Gebruik kleine letters, hoofdletters, cijfers en symbolen
Gebruik een wachtwoordzin
Gebruik verschillende wachtwoorden
Verander je wachtwoord regelmatig
Slide 13 - Tekstslide
Slide 14 - Video
Je krijgt nu een aantal wachtwoorden te zien.
Jij moet bepalen of ze sterk of zwak zijn.
Slide 15 - Tekstslide
QWERTS
A
Sterk wachtwoord
B
Zwak wachtwoord
Slide 16 - Quizvraag
Ikz2Bbs!
A
Sterk wachtwoord
B
Zwak wachtwoord
Slide 17 - Quizvraag
N0g1x!
A
Sterk wachtwoord
B
Zwak wachtwoord
Slide 18 - Quizvraag
D3z313sw@s13uk!
A
Sterk wachtwoord
B
Zwak wachtwoord
Slide 19 - Quizvraag
Hoe kun je (veel verschillende) wachtwoorden onthouden?