Adverbs and adjectives

Lazy cat Tombili
This lazy cat's name was Tombili. Everyday, he lazily sat on this curb. The people loved this chubby cat and his relaxed attitude. They quickly took photos of him. When he sadly passed away, people put a  beautiful statue of him at this urban location. 
1 / 47
volgende
Slide 1: Tekstslide
engMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 2

In deze les zitten 47 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Lazy cat Tombili
This lazy cat's name was Tombili. Everyday, he lazily sat on this curb. The people loved this chubby cat and his relaxed attitude. They quickly took photos of him. When he sadly passed away, people put a  beautiful statue of him at this urban location. 

Slide 1 - Tekstslide

Why were some words written in bold?

Slide 2 - Open vraag

There were two types of words written in bold.
What are the two types?

Slide 3 - Woordweb

Slide 4 - Video

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

What six verbs NEVER get an adverb but ALWAYS an adjective?

Slide 8 - Open vraag

How do you make an adverb?

Slide 9 - Open vraag

Time to check! 
QUIZ! 

Slide 10 - Tekstslide

He _______ reads a book.
A
quick
B
loud
C
quickly
D
slowily

Slide 11 - Quizvraag

It is a ______ day today. The class is _______ loud today.
A
terrible, terribly
B
terribly, terrible
C
terrible, terrible
D
terribly, terribly

Slide 12 - Quizvraag

He is very sensible. He always drives the car very ________.
A
careful
B
carefully

Slide 13 - Quizvraag

She is a great singer. She sings the song _____.
A
good
B
well

Slide 14 - Quizvraag

You can _____ open this box.
A
easy
B
easily

Slide 15 - Quizvraag

Don't speak so ____. I don't understand.
A
fast
B
fastly

Slide 16 - Quizvraag

After the accident, the bus driver was _____ injured.
A
serious
B
seriously

Slide 17 - Quizvraag

The tajine smells _____.
A
good
B
well.

Slide 18 - Quizvraag

Kevin is _____ clever.
A
extreme
B
extremely

Slide 19 - Quizvraag

Our basketball team played _____ last Friday.
A
bad
B
badly

Slide 20 - Quizvraag

How well do you understand adverbs and adjectives now?
A
Extremely well, I could teach classes on it.
B
Fairly well, but I do have a few questions left
C
A little bit, I want you to explain it again
D
I feel terrible about it, please help!

Slide 21 - Quizvraag

Wat gaan we doen?
- Korte herhaling adverbs & adjectives
- Adverbs & adjectives spel

Slide 22 - Tekstslide

Adverb of adjective?
- Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord.

- Een bijwoord kan iets zeggen over een werkwoord.

- Een bijwoord kan iets zeggen over een bijvoeglijk naamwoord.

- Een bijwoord kan iets zeggen over een ander bijwoord.


Slide 23 - Tekstslide

Hoe maken we een adverb?
Bij een adverb komt -ly achter het woord te staan:
- beautiful > beautifully

Er zijn natuurlijk ook uitzonderingen op deze regel!
-le krijgen -ly in plaats van -le                                             adorable - adorably
medeklinker + y krijgen- ily in plaats van -y                  heavy - heavily
-ic krijgen -ally erachter                                                         automatic - automatically


Slide 24 - Tekstslide

Adverbs & adjectives spel
Lees de zin, verzin een leuk adverb of adjective die past in de zin en schrijf hem in het wordweb.

Slide 25 - Tekstslide

Hoe maken we een adverb?
Bij een adverb komt -ly achter het woord te staan:
- beautiful > beautifully

Er zijn natuurlijk ook uitzonderingen op deze regel!
-le krijgen -ly in plaats van -le                                             adorable - adorably
medeklinker + y krijgen- ily in plaats van -y                  heavy - heavily
-ic krijgen -ally erachter                                                         automatic - automatically


Slide 26 - Tekstslide

Adverbs & adjectives spel
Lees de zin, verzin een leuk adverb of adjective die past in de zin en schrijf hem in het wordweb.

Slide 27 - Tekstslide

I am a/an .... dancer.

Slide 28 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 29 - Woordweb

Philip sings ... in the shower.

Slide 30 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 31 - Woordweb

I feel ... about what happened.

Slide 32 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 33 - Woordweb

That woman is ... pretty.

Slide 34 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 35 - Woordweb

He smiled ...

Slide 36 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 37 - Woordweb

He is a/an ... man.

Slide 38 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 39 - Woordweb

She seems very ... today.

Slide 40 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 41 - Woordweb

This lesson is ...

Slide 42 - Woordweb

Which adverb or adjective was the best?

Slide 43 - Woordweb

Naar welke soort woorden kan een bijwoord verwijzen?

Slide 44 - Open vraag

Naar welk soort woorden verwijst een bijvoeglijk naamwoord?

Slide 45 - Open vraag

Kijk op magister in de studiewijzer voor het huiswerk!

Slide 46 - Tekstslide

Slide 47 - Tekstslide