Les 4: Armoede en werkloosheid

1 / 51
volgende
Slide 1: Tekstslide
ontwikkelingsfasenMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 51 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  • Terugblik
  • Les 4: Armoede en werkloosheid
  • Afsluiting
  • vragen? 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik
Les 3: Kenmerken van sociale problematiek

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel kenmerken heeft sociale problematiek?
A
6
B
7
C
3
D
10

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

'Sociale problematiek van de ouders is niet de sociale problematiek van het kind'
A
Waar
B
Niet waar

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

'Sociale problematiek vergroot niet het risico op andere problemen'
A
Waar
B
Niet waar

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

'Risicofactoren vergroten de kans op problemen'
A
Waar
B
Niet waar

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een zieke vader is een voorbeeld van sociale problematiek
A
Waar
B
Niet waar

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk probleem valt NIET onder sociale problematiek?
A
Laaggeletterheid
B
Gebrek aan sociale vaardigheden
C
Alcoholverslaving
D
Financiële problemen

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is GEEN voorbeeld van sociale problematiek?
A
Armoede
B
Huiselijk geweld
C
Echtscheiding
D
Een auto ongeluk

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kenmerk 3: achterstelling in de maatschappij. Noem 1 voorbeeld

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Noem voorbeelden van andere problemen die voortkomen uit sociale problematiek

Slide 12 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Arm of rijk?

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Armoede is alleen te weinig geld hebben
A
Ja, als de mensen meer geld hebben zijn er minder problemen
B
Nee, er is meer nodig dan geld om het probleem op te lossen

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Duurt: 1:14

Slide 19 - Tekstslide

Veel mensen denken dat armoede hetzelfde is als gebrek aan geld. Maar armoede is veel meer. Wie arm is, voelt zich vaak minder waard en schaamt zich voor het ‘arm zijn’. Armoede gaat dus verder dan materiaal gebrek. 

Armoede gaat gepaard met zorgen. Mensen die moeten rondkomen van (te) weinig geld, liggen ’s nachts wakker, piekerend over hoe ze de eindjes aan elkaar kunnen knopen. Er is angst voor de deurwaarder, die zo maar op de stoep kan staan. Soms is er angst het huis uitgezet te worden als er een huurschuld is. Deze mensen voelen zich niet beschermd en geborgen, maar vooral bang en onzeker.

Slide 20 - Tekstslide

Mensen die arm zijn verbergen dat vaak. Soms ook willen ze dat hun kinderen er niet de dupe van zijn, waardoor ze té dure spullen voor hun kinderen kopen.
Mensen die arm zijn, steken zich regelmatig in de schulden. Het is lastig om van een bijstandsuitkering te moeten rondkomen, zeker als de situatie uitzichtloos is. Het komt voor dat armoede – soms noodgedwongen – tot een gebrekkige verzorging van kinderen leidt. Er is daarnaast geen geld voor ontspanning, vakantie of een schoolreisje en daarmee geen geld om ‘mee te doen’.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht

Opdracht 13
Bladzijde 19

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bedenk vier oorzaken van armoede

Slide 24 - Open vraag

Bijvoorbeeld:
• werkloosheid;
• arbeidsongeschiktheid;
• echtscheiding;
• ziekte;
• verslaving;
• schulden maken.

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Antwoord..
Vaak optelsom van factoren
• arbeidsongeschiktheid;
• echtscheiding;
• ziekte;
• verslaving;
• schulden maken.
• werkloosheid

Slide 26 - Tekstslide

In sommige gezinnen is er een traditie van armoede. Het leven op of onder de armoedegrens gaat van generatie op generatie over. Hieruit blijkt dat het moeilijk is zich aan armoede te ontworstelen. 

Slide 27 - Tekstslide

Soms zijn er meerdere oorzaken in het spel, dit kan de problematiek verergeren.

Armoede kan ook het gevolg zijn van een ‘leven op krediet’. In Nederland is het vrij gemakkelijk om geld te lenen en is het gemakkelijk dingen te kopen zonder ze direct te betalen. Mensen gaan gemakkelijk financiële verplichtingen aan, bijvoorbeeld telefoonabonnementen. Het gevolg kan zijn dat mensen niet meer alles kunnen afbetalen. 

Met sociale wetgeving wordt geprobeerd hulp te bieden aan mensen die in armoede leven. Voorbeelden zijn: uitkering, sociale woningbouw, huursubsidie, tegemoetkoming zorgkosten, hulp bij schuldsanering.


Slide 28 - Tekstslide

Armoede ontstaat zelden van vandaag op morgen. Vaak is het een optelsom en gaat het van kwaad tot erger. Kenmerkend voor gezinnen in financiële problemen is dat ze het ene gat vullen met het andere. Het geld bestemd voor de huur gebruiken ze om kleding van te kopen, en het geld bestemd voor de vakantie gebruiken ze dan weer om de huur van te betalen. Uiteindelijk loopt alles verkeerd en zit het gezin met een soms torenhoge schuld die ze niet meer kunnen betalen. Gezinnen kunnen uit deze neerwaartse spiraal komen met behulp van projecten voor schuldhulpverlening, die in veel gemeenten zijn opgezet.
Sommigen kiezen voor illegale oplossingen, ze gaan bijvoorbeeld zwart werken of klussen naast een bijstandsuitkering. Enkelen zoeken de oplossing in criminele activiteiten als (winkel)diefstal, inbraak en heling.
Mensen die in armoede leven komen vaak buiten de maatschappij te staan, zeker als de armoede langer duurt. Geld om actief deel te nemen aan de maatschappij is er niet. Er is geen geld voor een internetabonnement, en er is ook geen geld voor uitstapjes of voor een lidmaatschap van bijvoorbeeld een sportclub. Mensen komen daardoor los te staan van de maatschappij.

Hoe wordt er geprobeerd vanuit de overheid om mensen met armoede te helpen? Noem 2 voorbeelden

Slide 29 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Antwoord:
  • Uitkering
  • Sociale woningbouw
  • Huursubsidie
  • Tegemoetkoming zorg kosten
  • Hulp bij schuldsanering

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

opdracht spandoek
Maak een spandoek over de beste oplossing tegen armoede.
1 of 2 zinnen waarom jou oplossing het beste is.

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Video

Duurt 2:20

Slide 33 - Tekstslide

Werkloosheid kan het gevolg zijn van ontslag maar, maar er is ook een groep jongvolwassenen die nog nooit gewerkt heeft. Werkloosheid komt onder bepaalde groepen mensen meer voor dan onder andere. Een grotere kans op werkloosheid lopen: jongeren, ouderen, allochtonen, mensen met een beperking en laag opgeleiden. 

Slide 34 - Tekstslide

De meeste mensen vinden het geen pretje om werkloos te zijn. Werk zorgt niet alleen voor inkomen, maar ook voor structuur, een zinvolle dagbesteding, sociale contacten en status. Wie werkloos is, voelt zich al snel nutteloos en kan zijn gevoel voor eigenwaarde verliezen. Het teveel aan vrije tijd wordt vaak niet als positief beleefd, integendeel. Vrije tijd is eigenlijk pas vrije tijd, als er daarnaast andere verplichtingen zijn. Verveling is vaak het gevolg. In een gezin gaat werkloosheid alle gezinseden aan. Een achteruitgang in inkomen merken alle gezinsleden. Ook kan een rolverdeling in het gezin nodig zijn. Bijvoorbeeld, als de vader zijn baan verlies gaat de moeder (meer) werken. De vader doet het huishouden en hij zorgt voor de kinderen, die nu niet meer naar de bso (buitenschoolse opvang) hoeven te gaan. 
Wat kunnen oorzaken
van werkloosheid zijn?

Slide 35 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  • Geen geld
  • Uitkering
  • Geen extra's
Gevolgen van werkloosheid
  • Minder contact
  • Eenzaam
  • Somber
  • Slecht gevoel over jezelf
  • Stress
Financiële gevolgen
Sociale gevolgen
Persoonlijke gevolgen

Slide 37 - Tekstslide

Er zijn ook factoren in de persoon zelf die de kans op werkloosheid vergroten. Denk aan: een gebrek aan scholing of iemands persoonlijke voorgeschiedenis. Ex-gedetineerden en ex-verslaafden komen bijvoorbeeld vaak alleen via speciale projecten aan een baan.

Slide 38 - Tekstslide

Langdurige werkloosheid kan allerlei problemen tot gevolg hebben, zoals depressiviteit, isolement en armoede. Als een vader plotseling werkloos wordt, betekent dit niet alleen dat hij zijn werk en inkomen mist. De werkloosheid kan tot een achteruitgang in inkomen leiden, wat ook de rest van het gezin aangaat. Er kunnen bijvoorbeeld geen kleren en speelgoed meer voor de kinderen worden gekocht.

Ook heeft de werkloosheid gevolgen voor de taak- en rolverdeling binnen het gezin. Als zijn vrouw werkt, moet hij misschien voor de kinderen gaan zorgen, omdat de kinderopvang te duur is geworden. Als zijn vrouw niet werkt, is er geen scheiding van levensterreinen meer: de man is opeens hele dagen thuis, loopt haar misschien voor de voeten. Werkloosheid vergroot de kans op echtscheiding.

Er bestaat daarnaast een risico dat de man zijn gevoelens van falen en onmacht gaat afreageren op zijn vrouw en kinderen. Huiselijk geweld kan het gevolg zijn. Zowel de partner als de kinderen kunnen slachtoffer zijn.

Opdracht

Opdracht 14 en 15
Bladzijde 20

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

timer
4:00

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht

Opdracht 11 en 12
Bladzijde 18

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

timer
5:00

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afsluiting..

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij welke groepen mensen komt werkloosheid vaker voor? Geef 2 voorbeelden

Slide 47 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

'Armoede gaat vaak van generatie op generatie over'
A
Waar
B
Niet waar

Slide 48 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat vond je het meest interessante van deze les?

Slide 49 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat vind je van de lessen in LessonUp?

Slide 50 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Tot volgende week!
Les 5: Analfabetisme en laaggeletterdheid

Slide 51 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies