2.1 Kijk en vergelijk!

3 KADER
2.1 Kijk en vergelijk!
1 / 49
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 49 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 14 videos.

time-iconLesduur is: 35 min

Onderdelen in deze les

3 KADER
2.1 Kijk en vergelijk!

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen 2.1
- Waar haal jij betrouwbare info over producten vandaan?
- Hoe vergelijk je prijzen?
- Welke betekenis hebben enkele keurmerken?

Slide 2 - Tekstslide

Keurmerk

Slide 3 - Woordweb

Consumentenorganisaties
  • Eerlijke en onpartijdige informatie geven 
  • Komen op voor de belagen v/d consument
  • Informatie over rechten en plichten
  • Actie voeren bij fabrikanten of de overheid

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Autoriteit consument en markt
Dit is een instelling van de overheid die de belangen van consumenten beschermt. De ACM:

  • controleert of bedrijven eerlijk concurreren
  • controleeert of keurmerken betrouwbaar zijn
  • geeft informatie en advies over de rechten van consumenten
  • onderhoudt de website www.consuwijzer.nl 
  • Kan boetes opleggen aan bedrijven 

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Vergelijkend warenonderzoek
  • Consumentenorganisaties 
  • Bijvoorbeeld: ANWB & Vereniging Eigen Huis 
  • Onderzoek naar prijs en kwaliteit van producten
  • Deze informatie is nuttig voor consumenten

Slide 8 - Tekstslide

Consumer Power
Invloed op de fabrikant door als groep consumenten op te treden.


Voorbeelden
  1. samen protesteren
  2. Een product masaal niet kopen

Doel: fabrikant moet iets gaan veranderen.

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Slide 11 - Video

Slide 12 - Video

Slide 13 - Video

Keurmerken
Geeft de consument zekerheid dat het product of de producent aan bepaalde eisen voldoet.

Slide 14 - Tekstslide

biologische producten
Biologische producten

Slide 15 - Tekstslide

eerlijke producten

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video

Mag iedereen een keurmerk beginnen?
A
ja
B
nee

Slide 18 - Quizvraag

Is een keurmerk altijd betrouwbaar?
A
ja
B
nee

Slide 19 - Quizvraag

Prijsverschil berekenen in %
Formule
Prijsverschil in % = verschil : prijs waarmee je vergelijkt x 100
Voorbeeld
Een Peugeot scooter kost € 2.129.  
Een Kymco scooter kost € 1.749.   

Hoeveel procent is de Peugeot duurder dan de Kymco?

(Peugeot - Kymco) : Kymco x 100%

(€ 2.129 - € 1.749) : € 1.749 x 100% = 21,7%

Slide 20 - Tekstslide

Wie geeft de beste 'koop' informatie over een iPad?
A
de docent
B
een vriend
C
de consumentenbond
D
apple store

Slide 21 - Quizvraag

Welke hoort NIET tot de consumentenorganisaties?
A
ANWB
B
Vereniging Eigen Huis
C
IKEA
D
Goede Waar & Co

Slide 22 - Quizvraag

Wat betekent: A.C.M.?
A
Autoriteit Consument & Markt
B
Autoriteit Consument & Media
C
Autoriteit Commercie & Markt
D
Algemene Consumenten & Markt

Slide 23 - Quizvraag

Welke term hoort bij:
De macht/kracht van de consument op wat de producent verkoopt.
A
Consumenten kracht
B
Kopers macht
C
Consumer Power
D
Danoontje Power

Slide 24 - Quizvraag

Slide 25 - Link

Wat heb je geleerd?

Slide 26 - Tekstslide

welke website kun je controleren of een keurmerk wel onafhankelijk en betrouwbaar is ?
A
Acm
B
fairtrade
C
thuiswinkel waarborg
D
kema keur

Slide 27 - Quizvraag

consumentenorganisaties doen onderzoek naar gelijk soortige producten van verschillende merken hoe heet zo'n onderzoek ?
A
vergelijkend warenonderzoek
B
merkonderzoek
C
producten onderzoek
D
prijs onderzoek

Slide 28 - Quizvraag

Een Peugeot scooter kost € 2.129.
Een Kymco scooter kost € 1.749.
Hoeveel procent is de Peugeot duurder dan de Kymco?


Slide 29 - Open vraag

Waar haal jij betrouwbare info over producten vandaan?

Slide 30 - Open vraag

Hoe vergelijk je prijzen?

Slide 31 - Open vraag

Welke betekenis hebben enkele keurmerken?

Slide 32 - Open vraag

Extra uitleg

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Video

Slide 35 - Video

Slide 36 - Video

Slide 37 - Video

Slide 38 - Video

Slide 39 - Video

Extra oefening

Slide 40 - Tekstslide

1. Bekijk opdracht 1 t/m 6 op bladzijde  62 van 'Rekenen' en maak diegene die jij lastig vindt.

2. Bekijk opdracht 1 t/m 8 op bladzijde 58  van 'oefenopgaven' en maak diegene die jij lastig vindt.

Slide 41 - Tekstslide

Extra uitdaging

Slide 42 - Tekstslide

FSC keurmerk
Je gaat zo een filmpje kijken.
Daarbij ga je de volgende vraag beantwoorden:

Aan welke eisen moet hout voldoen volgens het FSC keurmerk?

Slide 43 - Tekstslide

Slide 44 - Video

Aan welke eisen moet hout voldoen volgens het FSC keurmerk?

Slide 45 - Open vraag

Aan welke eisen moet hout voldoen volgens het FSC keurmerk?
  • Houthakkers moeten veilig kunnen werken

  • Er moet rekening gehouden worden met de dieren in het bos.

  • Er moet genoeg tijd zijn om het bos te laten herstellen.

Slide 46 - Tekstslide

Als bomen gekapt worden en er komen nieuwe bomen voor in de plaats, dan hebben we te maken met hout met een........keurmerk
A
FFC
B
FSC
C
Fair trade
D
B

Slide 47 - Quizvraag

4 verschillende producten vergelijken

Slide 48 - Tekstslide

Wie zou de test winnen als 'goedkoopste keuze'?

Slide 49 - Open vraag