1.2 personal & possessive pronouns

1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 1

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Persoonlijke voornaamwoorden zijn..
A
I, you, he/she/it, we, they, you
B
My, mine, yours, theirs
C
What, who, where, when, why

Slide 6 - Quizvraag

Persoonlijke voornaamwoorden geven aan..
A
van wie iets is
B
over wie iets gaat
C
voor wie iets is

Slide 7 - Quizvraag

Persoonlijk voornaamwoord:
... like school. (ik)


A
i
B
I
C
you
D
we

Slide 8 - Quizvraag

Persoonlijk voornaamwoord:
... is from Curacao. (zij)
A
she
B
they
C
he
D
we

Slide 9 - Quizvraag

"Vertaal" naar een persoonlijk voornaamwoord:
Susan
A
he
B
we
C
you
D
she

Slide 10 - Quizvraag

"Vertaal" naar een persoonlijk voornaamwoord:
dog
A
he
B
it
C
you
D
I

Slide 11 - Quizvraag

Bezittelijke voornaamwoorden geven aan..
A
voor wie iets is
B
over wie iets gaat
C
van wie iets is

Slide 12 - Quizvraag

Wat is het Engelse bezittelijke voornaamwoord voor 'mijn'
A
my
B
her
C
our
D
their

Slide 13 - Quizvraag

bezittelijk voornaamwoord: jouw
A
my
B
her
C
your
D
their

Slide 14 - Quizvraag

Bezittelijk voornaamwoord:
ons / onze
A
us
B
we
C
our
D
hour

Slide 15 - Quizvraag

Bezittelijke voornaamwoorden

This is ... pen.
A
his
B
his
C
of his

Slide 16 - Quizvraag

Bezittelijke voornaamwoorden

These are friends ... .
A
our
B
ours
C
of ours

Slide 17 - Quizvraag

Bezittelijke voornaamwoorden

Those glasses are ... .
A
your
B
yours
C
of yours

Slide 18 - Quizvraag

Bezittelijke voornaamwoorden

That book is ... .
A
my
B
mine
C
of mine

Slide 19 - Quizvraag

(zij) ___ is walking the dog

Slide 20 - Open vraag

(zij) ___ are going to a party together

Slide 21 - Open vraag

is (het) ___ raining outside?

Slide 22 - Open vraag

The pink bag is not ____ (de mijne)

Slide 23 - Open vraag

(mijn) ___ cat is very friendly towards people

Slide 24 - Open vraag

is it ___ (hen) you wanted to talk to?

Slide 25 - Open vraag