Verpleging en verzorgingPraktijkonderwijsLeerjaar 2
In deze les zitten 11 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
praktijkles bloeddruk meten
Slide 1 - Tekstslide
doel van de les
Aan het einde van de les heeft de leerling voorkennis opgedaan over bloeddruk en kan de leerling uitleggen wat bovendruk, onderdruk en pols zijn, én weet de leerling hoe je bloeddruk op de juiste manier meet volgens de werkkaart.
Slide 2 - Tekstslide
wat weet je van bloeddruk? noem 3 dingen
Slide 3 - Woordweb
Wat is bloeddruk
Je bloeddruk, kan je ook wel uitleggen als hoe het bloed 'drukt' tegen de wanden van de bloedvaten. Dit noem je bloeddruk.
De bloeddruk is niet overal in je lichaam hetzelfde. In slagaders is de druk van bloed tegen de wanden het grootst
Slide 4 - Tekstslide
Bloeddruk
-Bovendruk (systolische druk):hard je bloed tegen je bloedvaten drukt wanneer je hart samentrekt.
-Onderdruk (diastolische druk): hard het bloed drukt wanneer je hart even ontspant
-Pols (hartslag):aantal hartslagen per minuut.
Slide 5 - Tekstslide
Wanneer zou je een bloeddrukmeten ?
Slide 6 - Woordweb
Wanneer voer je een bloeddruk meting uit ?
-Als de dokter dat vraagt.
-Als je zelf wilt controleren of je bloeddruk goed blijft.
-Bij klachten zoals duizeligheid, hoofdpijn of hartkloppingen