Insulae 5.1 regenboog en lichtgolven

Lichtbronnen
Een voorwerp dat zelf licht geeft = lichtbron

  • natuurlijke lichtbronnen
zonder invloed van mensen
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Lichtbronnen
Een voorwerp dat zelf licht geeft = lichtbron

  • natuurlijke lichtbronnen
zonder invloed van mensen

Slide 1 - Tekstslide

Lichtbronnen
Een voorwerp dat zelf licht geeft = lichtbron

  • Kunstmatige lichtbronnen
    Heeft menselijke invloed

Slide 2 - Tekstslide

Natuurlijke lichtbron & kunstmatige lichtbronnen.

Slide 3 - Tekstslide

Er zijn natuurlijke en kunstmatige lichtbronnen.
Wat is een natuurlijke lichtbron?

A
een haardvuur
B
een kaarsvlam
C
een bliksemflits
D
een olielamp

Slide 4 - Quizvraag

wat is een kunstmatige lichtbron?
A
zon
B
bliksem
C
sterren
D
kaars

Slide 5 - Quizvraag

Kaarsen zijn een kunstmatige lichtbron omdat..?
A
Ze geen natuurlijk licht geven
B
Ze door de mens gemaakt zijn
C
In de natuur gevonden worden
D
Ze een natuurlijk licht geven

Slide 6 - Quizvraag

Wat is GEEN kunstmatige lichtbron?
A
TL-lamp
B
Zon
C
Zaklamp
D
Autolichten

Slide 7 - Quizvraag

Alle kleuren die in licht voorkomen noemen wij het spectrum
Dit kun je zien als je zonlicht op een prisma laat vallen (ROGGBV)
§6.1 Licht en kleur
Het kleurenspectrum

Slide 8 - Tekstslide

Een prisma splitst licht in alle kleuren van het spectrum

Slide 9 - Tekstslide

Hoe kun je een voorwerp zien?

Slide 10 - Tekstslide

Je kan pas iets zien als
A
Het een witte kleur heeft
B
Als de lichtstralen je oog raken
C
Als het voorwerp zelf licht geeft

Slide 11 - Quizvraag

Lichtstralen bewegen in rechte stralen. Ze zijn altijd recht
A
Waar
B
Niet waar

Slide 12 - Quizvraag

Slide 13 - Video

Wit licht en sceptrum

Slide 14 - Tekstslide

Welke lichtbron geeft GEEN “wit” licht?
A
De zon
B
Een natriumlamp
C
Een gloeilamp
D
Een TL-buis

Slide 15 - Quizvraag

Waarmee kun je het spectrum laten zien?
A
Trapezium
B
Driehoek
C
Kubus
D
Prisma

Slide 16 - Quizvraag

Wat is een spectrum op de afbeelding?
A
De driehoek
B
Het invallende licht
C
De kleurenband

Slide 17 - Quizvraag

Wat is een spectrum?
A
Een prisma.
B
Een kunstmatige lichtbron.
C
Een reeks kleuren.
D
Een James Bond film.

Slide 18 - Quizvraag

Slide 19 - Video

Kleuren van voorwerpen zien
Je kunt alleen de kleuren van voorwerpen zien waarvan de gekleurde lichtstralen op jouw oog valt. 

                                                  Een voorwerp weerkaatst alleen de  kleur die het heeft.

Slide 20 - Tekstslide

Kleuren zien

Slide 21 - Tekstslide

Een voorwerp dat zelf geen licht geeft, kun je:
A
alleen zien in fel zonlicht
B
altijd zien
C
nooit zien
D
zien als er licht op valt

Slide 22 - Quizvraag

Een rode trui onder een wit licht word ?
A
Rood
B
Zwart.
C
Grijs
D
wit.

Slide 23 - Quizvraag

Een rood voorwerp absorbeert rood licht.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 24 - Quizvraag

Een wit voorwerp,
zien we in rood licht als:
A
Roze
B
Zwart
C
Wit
D
Rood

Slide 25 - Quizvraag

Een groene trui wordt met rood licht beschenen.
Wat gebeurt er?

A
Groen licht wordt geabsorbeerd.
B
Groen licht wordt gereflecteerd.
C
Rood licht wordt geabsorbeerd.
D
Rood licht wordt gereflecteerd.

Slide 26 - Quizvraag

Een blauw voorwerp
zien we in rood licht als:
A
Blauw
B
Zwart
C
Wit
D
Rood

Slide 27 - Quizvraag

Aan het werk:
Lezen: 6.1
Maken (in je schrift): 1 t/m 9

Slide 28 - Tekstslide

Wat ging goed?

Slide 29 - Open vraag

Wat vindt je nog lastig?

Slide 30 - Open vraag