1. Een persoonlijk verslag schrijven

Les 1:
Een persoonlijk verslag schrijven
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 1

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Les 1:
Een persoonlijk verslag schrijven

Slide 1 - Tekstslide

DOEL


- je kunt een eenvoudig persoonlijk verslag schrijven met een inleiding, middenstuk en slot

- je kunt volgordewoorden gebruiken

schrijven

Slide 2 - Tekstslide

Wat doe jij op een vrije zaterdag?

Sporten, je favoriete serie kijken, knutselen, gamen, 
je kamer opruimen, meehelpen met...?

Slide 3 - Tekstslide

Schrijf in jouw schrift een bericht van vijf zinnen over iets wat jij afgelopen zaterdag deed.

Slide 4 - Tekstslide

Zaterdag
Zaterdag ging ik met mijn moeder naar de stad om nieuwe kleren te kopen. Toen we in de winkel waren, ging ineens het alarm van de poortjes af. En toen rende een beveiliger keihard door de winkel heen om iemand aan te houden. Maar toen hij bij de poortjes kwam, zat daar alleen een monteur. Die had niks gestolen, maar was de poortjes aan het testen. En toen werd de beveiliger knalrood. Dat was grappig.
Lees het verslag

Slide 5 - Tekstslide

Zaterdag
Zaterdag ging ik met mijn moeder naar de stad om nieuwe kleren te kopen. Toen we in de winkel waren, ging ineens het alarm van de poortjes af. En toen rende een beveiliger keihard door de winkel heen om iemand aan te houden. Maar toen hij bij de poortjes kwam, zat daar alleen een monteur. Die had niks gestolen, maar was de poortjes aan het testen. En toen werd de beveiliger knalrood. Dat was grappig.
Het verslag is nogal saai, doordat veel zinnen met 'toen', 'maar toen' en 'en toen' beginnen.
Welke woorden zou je in plaats daarvan kunnen gebruiken?

Slide 6 - Tekstslide

Zaterdag
Zaterdag ging ik met mijn moeder naar de stad om nieuwe kleren te kopen. Toen we in de winkel waren, ging ineens het alarm van de poortjes af. Daarna rende een beveiliger keihard door de winkel heen om iemand aan te houden. Wanneer hij bij de poortjes kwam, zat daar alleen een monteur. Die had niks gestolen, maar was de poortjes aan het testen. Vervolgens werd de beveiliger knalrood. Dat was grappig.
Bijvoorbeeld

Slide 7 - Tekstslide

Bekijk de video-uitleg

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Een persoonlijk verslag

Een persoonlijk verslag is een tekst waarin je beschrijft wat je hebt gedaan of wat er is gebeurd. Dat kan bijvoorbeeld een beschrijving zijn van een wedstrijd of een vakantie. Je vertelt de lezer alles wat hij moet weten. Dat doe je door in het verslag antwoord te geven op de 5w+h-vragen.

Slide 10 - Tekstslide

Zo schrijf je een persoonlijk verslag
• Schrijf op een papiertje kort de antwoorden op de 5w+h-vragen.
• Schrijf in de inleiding kort waar je verslag over gaat.
• Vertel in het middenstuk de gebeurtenissen in de volgorde waarin ze gebeurd zijn (chronologisch). Gebruik woorden die een volgorde noemen. Bijvoorbeeld: eerst, daarna, vervolgens, toen, dan, verder, ten slotte.
• Verdeel je tekst in alinea’s.
• Vertel in het slot wat je er zelf van vond.

Slide 11 - Tekstslide


Wat ik op vrijdagmiddag doe

Op vrijdagmiddag pas ik altijd op de buurkinderen. Ze zijn drie en vijf jaar oud. We hebben dan altijd een vast programma.
We drinken altijd (1) .... een groot glas limonade op de bank. (2) ... spelen we buiten bij de speeltuin in de straat. We kijken (3) ... meestal tv. Hun vader komt (4) ... thuis en ik krijg betaald. (5) ... ga ik weer naar thuis.
Lees de tekst

Slide 12 - Tekstslide


Wat ik op vrijdagmiddag doe

Op vrijdagmiddag pas ik altijd op de buurkinderen. Ze zijn drie en vijf jaar oud. We hebben dan altijd een vast programma.
We drinken altijd (1) .... een groot glas limonade op de bank. (2) ... spelen we buiten bij de speeltuin in de straat. We kijken (3) ... meestal tv. Hun vader komt (4) ... thuis en ik krijg betaald. (5) ... ga ik weer naar thuis.
In de tekst staan geen woorden die een volgorde noemen. Vul een passend volgordewoord in voor elke open plaats in de tekst. 
Kies steeds een ander volgordewoord.
1. Eerst.
2. Vervolgens, daarna, dan.
3. Daarna, vervolgens.
4. Dan, vervolgens, daarna.
5. Tot slot, ten slotte.

Slide 13 - Tekstslide


Wat ik op vrijdagmiddag doe

Op vrijdagmiddag pas ik altijd op de buurkinderen. Ze zijn drie en vijf jaar oud. We hebben dan altijd een vast programma.
We drinken altijd (1) .... een groot glas limonade op de bank. (2) ... spelen we buiten bij de speeltuin in de straat. We kijken (3) ... meestal tv. Hun vader komt (4) ... thuis en ik krijg betaald. (5) ... ga ik weer naar thuis.
Bedenk wat de oppas waarschijnlijk van het oppasbaantje vindt. 
Maak daarmee een slotzin.
Ik vind het oppassen leuk, maar soms ook een beetje saai.

Slide 14 - Tekstslide


Wat ik op vrijdagmiddag doe

Op vrijdagmiddag pas ik altijd op de buurkinderen. Ze zijn drie en vijf jaar oud. We hebben dan altijd een vast programma.
We drinken altijd (1) .... een groot glas limonade op de bank. (2) ... spelen we buiten bij de speeltuin in de straat. We kijken (3) ... meestal tv. Hun vader komt (4) ... thuis en ik krijg betaald. (5) ... ga ik weer naar thuis.
Wat zou je kunnen veranderen of toevoegen om deze tekst minder saai te vinden?
Voorbeelden van wat de oppas en de kinderen meemaken.

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

DOEL


- je kunt een eenvoudig persoonlijk verslag schrijven met een inleiding, middenstuk en slot

- je kunt volgordewoorden gebruiken

schrijven

Slide 17 - Tekstslide