Kenmerken en begrippen uit de Barok

1 / 30
volgende
Slide 1: Video
MuziekMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Video

Deze les:

Deze les gaan we de begrippen van de barok herhalen. 

Slide 2 - Tekstslide

Je hoorde zojuist een gedeelte uit het "hallelujah" van Händel.
Dit werk is een onderdeel van een grotere compositie. 

Slide 3 - Tekstslide

Je hoorde zojuist een gedeelte uit het "hallelujah" van Händel.
Dit is een gedeelte van een grotere compositie. Uit welke compositie komt dit koorwerk?
A
Oratorium "The Messiah"
B
Opera "lascia ch'io pianga"

Slide 4 - Quizvraag

Oratorium
groot en meerdelig werk
zowel vocaal als instrumentaal
tekst altijd religieus
ouverture - recitatieven - aria's - koorwerken - instrumentale tussenspelen

Slide 5 - Tekstslide


Een ouverture is altijd
A
zang met begeleiding
B
solo instrument + begeleiding
C
instrumentaal
D
vocaal

Slide 6 - Quizvraag

Hoe noemen we een grote, meerdelige vocale - instrumentale compositie waarin het leven en sterven van Jezus Christus het onderwerp is?
A
Melodrama
B
Passie
C
Hartstocht
D
Exotique

Slide 7 - Quizvraag

Recitatief - Aria
Zowel in een opera als in een oratorium wordt er gewerkt met recitatieven en aria's, koorwerken en instrumentale tussenstukken. 
Omdat een opera en een oratorium een verhaal vertellen, kan dit niet alleen bezongen worden in de mooiste melodieën. Het is een verteld verhaal met enkele hoogtepunten in de vorm van aria's en koorwerken. Vaak wordt alleen een aria of alleen een koorwerk bekend. In het geval van Händel is dat zeker de "Hallelujah" van hierboven!

Slide 8 - Tekstslide

Recitatief / Aria
Omdat het verhaal best lang duurt, en het nog veel langer gaat duren als je er alleen maar aria's in stopt, wordt er gebruikt gemaakt van recitatieven. Dat is een stuk tekst zonder herhalen dat "to the point" een verhaal vertelt. Dat gebeurt zonder omhaal, geen versieringen, geen herhalingen, met veel woordaccenten, en op een gezongen toon, en niet gesproken. Als je zingt, kan je je stem namelijk luider laten klinken, en dat was precies de bedoeling in een grote ruimte. De begeleiding is eenvoudig.
Gelukkig wordt deze betrekkelijk saaie tekstverwerking geregeld onderbroken door een aria of een koorwerk!

Slide 9 - Tekstslide

waarom wordt een recitatief gezongen en niet gesproken?

Slide 10 - Open vraag

een aria
Definitie: een compositie voor zangstem met orkestbegeleiding. 
Ik vind het leuk om jullie een stukje aria te laten horen dat ik in april tijdens mijn examen ga zingen.
Let met name op  wat het orkest doet bij de intro en bij de tussenstukken. Dus wat is het verschil in spelen tussen de intro en tussenstukken, en de begeleiding terwijl de sopraan zingt? 

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Video

Wat viel jullie op over de geluidssterkte van het orkest?

Slide 13 - Open vraag

Wat betekent "Tutti"
A
een verschrikkelijk vervelend meisje
B
een olifant met een kleine slurf
C
een zak met Turks fruit
D
met z'n allen

Slide 14 - Quizvraag

Welke begrippen horen bij 1: Oratorium, 2: beide, 3: Opera
1: oratorium
2: beide
3: opera
recitatief
Aria
passie
ouverture
Tussenspelen
bijbelse tekst
wereldlijke tekst
emotie
Baletten
decor
kostuums
aan het hof
in de kerk

Slide 15 - Sleepvraag

Orkesten

barokorkest
kamerorkest

Welke is het grootst?

Slide 16 - Tekstslide

Welk orkest is het grootst en welke het kleinst?

Slide 17 - Open vraag

wat is een typisch muziekstuk voor een kamerbezetting?

Slide 18 - Open vraag

wat zijn de typische werken voor een barokorkest om te spelen?

Slide 19 - Open vraag

Welk woord past niet?
A
suite
B
fuga
C
menuet
D
sarabande

Slide 20 - Quizvraag

Welke  composities bestaan uit meerdere onderdelen, en welke maar uit één? Sleep ze naar het eerste of het tweede vak.
meerdere onderdelen
maar één onderdeel
Sonate
Sarabande
Suite
Cantate
Concerto grosso
Fuga
menuet
Concerto
Soloconcert
Opera
oratorium
Aria

Slide 21 - Sleepvraag

Fuga
Fugare: vluchten
de stemmen zetten ná elkaar in, vluchten ahw voor elkaar
fuga bestaat uit drie onderdelen:
expositie - verwerking - slot

Slide 22 - Tekstslide

expositie fuga
het thema wordt tentoongesteld in de expositie. 
Alle 'stemmen' die meedoen, laten het thema even horen. Eerst op de tonica, daarna op de kwint, dan weer op de tonica en weer op de kwint. We geven dat met romeinse cijfers aan: I - V - I - V 
de I staat voor de eerste trede van de ladder, de V voor de vijfde trede van de ladder. 

Slide 23 - Tekstslide

fugatische inzet
Het thema klinkt in zijn geheel, dat kan over 1 maat zijn of over meer maten. Op het moment dat de tweede stem inzet is het thema klaar. Zo kun je precies de lengte van het thema zien. De expositie is afgelopen als de laatste stem het thema heeft laten horen.
Het na elkaar inzetten van stemmen noemen we fugatische inzetten. 

Slide 24 - Tekstslide

Tot welke compositietechniek hoort de fuga?
A
Imitatie
B
canon
C
sequens
D
versieringen

Slide 25 - Quizvraag

Uitleg
Imitatie: het thema wordt letterlijk herhaald (op een andere         toon)
Canon: de herhalingen zijn op dezelfde toon
Sequens: motiefje dat zich een aantal keren herhaald op een     volgende toon (hoger of lager)
Versieringen: die versieren een noot 

Slide 26 - Tekstslide

Hoe noemen we de lang aangehouden bastoon aan het einde van de fuga?
A
orgelpijp
B
orgelpunt
C
baspunt
D
baspijp

Slide 27 - Quizvraag

Wat betekent " Voortspinnen"?
A
motief dat verder 'gekneed' wordt dmv sequensen en herhalingen
B
motief dat enkele keren herhaald wordt op een dalende of stijgende toon
C
het thema wordt herhaald op de dominant
D
het thema klinkt tegelijk met een tegenmelodie

Slide 28 - Quizvraag

Veel succes morgen!!!

Slide 29 - Tekstslide

Slide 30 - Video