In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 150 min
Onderdelen in deze les
H5 voor 100 procent
Slide 1 - Tekstslide
Wat is een procent?
Een procent is het honderdste deel van het geheel.
1% = 1 honderdste van ....
Slide 2 - Tekstslide
Wat betekent het woord Procent ?
A
voor centen
B
delen
C
per honderd
D
per keer
Slide 3 - Quizvraag
Wat betekent het symbool voor procent?
A
*
B
/
C
%
D
&
Slide 4 - Quizvraag
Hoeveel procent is roos?
A
15%
B
25%
C
30%
D
20%
Slide 5 - Quizvraag
Hoeveel procent is geel?
A
10%
B
20%
C
100%
D
2%
Slide 6 - Quizvraag
Relatie tussen procenten, breuken en kommagetallen
Procenten, breuken en kommagetallen zijn met elkaar verbonden.
Je kunt ze naar elkaar omrekenen.
Slide 7 - Tekstslide
Van procent naar breuk naar kommagetal
15% = 15/100 = 0,15
Zet je procent eerst op een breuk
Lees de breuk = het kommagetal
Slide 8 - Tekstslide
Van breuk naar procent naar kommagetal
1/4 =25/100 = 25% = 0,25
Zet je breuk eerst op noemer 100 = procent
Lees de breuk met noemer 100 = het kommagetal
Slide 9 - Tekstslide
50%
25%
33,3 %
20%
1/2
1/4
Sleep de juiste breuk naar de juiste procenten.
1/3
1/5
Slide 10 - Sleepvraag
Van procent naar breuk 40% is ... Schrijf de breuk
A
2/10
B
40/100
C
4/10
D
4/100
Slide 11 - Quizvraag
Van procent naar breuk 75% is ... Schrijf de breuk
A
3/4
B
4/5
C
7/10
D
75/100
Slide 12 - Quizvraag
Van procent naar breuk 20% is ... Schrijf de breuk
A
2/10
B
1/5
C
20/100
D
2/4
Slide 13 - Quizvraag
Van breuk naar procent 1/5 is ... Schrijf het procent
A
25%
B
15%
C
20%
D
10%
Slide 14 - Quizvraag
Welk kommagetal hoort bij 65 %?
A
6,5
B
0,65
C
0,065
D
6,05
Slide 15 - Quizvraag
Van generatie z gebruikt 93% YouTube. Hoe kun je 93% nog schrijven?
A
93 op 100
B
9,3
C
2/3
D
93,100
Slide 16 - Quizvraag
Bij generatie Z shopt 53% online met zijn smartphone. Hoe kun je 53% nog schrijven?
A
5,3
B
0,53
C
53,100
D
53/10
Slide 17 - Quizvraag
Werkschrift p 143 - 144
Slide 18 - Tekstslide
Een procent nemen van een getal
We zijn met 500 leerlingen op deze school.
85% van de leerlingen komt zelfstandig naar onze school.
Slide 19 - Tekstslide
Kies de juiste berekening bij de volgende opdracht: een jas van 95 euro wordt 15 procent duurder.
A
95:15x100
B
95 :100x85
C
95 :100x15
Slide 20 - Quizvraag
Slide 21 - Tekstslide
Hoeveel is 85% van 500 =
Slide 22 - Open vraag
Hoeveel is 15% van 80?
A
5
B
12
C
15
D
20
Slide 23 - Quizvraag
Onderzoek bij generatie Z toont dat 30 % droomt van een vaste baan bij een multinational. Aan het onderzoek namen 214 jongeren deel. Hoeveel is 30% van 214?
Slide 24 - Open vraag
Een gsm kost 275 euro. Je krijgt 10% korting bij aankoop. Hoeveel moet je nog betalen?
Slide 25 - Open vraag
Een wasmachine kost 499 euro. Je moet nog 21% BTW betalen. Hoeveel moet je nog betalen?