Ondervoeding






Persoonlijke verzorging 3
Ondervoeding 1
1 / 49
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 49 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les






Persoonlijke verzorging 3
Ondervoeding 1

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
  • De student weet wat ondervoeding is
  • De student weet wat de oorzaken zijn van ondervoeding
  • De student weet welke risicogroepen een verhoogd risico hebben op ondervoeding
  • De student weet wat de gevolgen zijn van ondervoeding

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een goede voeding?

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een goede voeding?
Voedingsstoffen:
  • Koolhydraten
  • Vetten
  • Eiwitten
  • Vitamines
  • Mineralen

Met een gezond voedingspatroon krijg je van alle voedingsstoffen voldoende binnen. 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De eerste schijf van vijf is bedacht in 1953. Wat was NIET één van de groepen in de originele schijf?
A
Water
B
Groente, fruit, aardappelen
C
Vetten

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel groente en fruit moet je volgens de nieuwe richtlijn (uit 2016) per dag eten?
A
250 g groenten en 2 stuks fruit
B
200 g groenten en 1 stuk fruit
C
200 g groenten en 2 stuks fruit
D
150 g groenten en 2 stuks fruit

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welk vak horen peulvruchten?
A
brood, graanproducten, aardappelen
B
zuivel, noten, vis, vlees en ei
C
groente en fruit

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe vaak moet je vis eten volgens de Schijf van Vijf van 2016?
A
Eén keer per week
B
Twee keer per week
C
Drie keer per week

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke van de volgende producten staat NIET in de Schijf van Vijf?
A
Halvarine
B
Diepvriesgroente
C
Vruchtensap

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel koppen groene thee raadt het voedingscentrum per dag aan?
A
één
B
twee
C
drie
D
geen limiet

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk broodbeleg zit sinds 2016 niet meer in de Schijf van Vijf?
A
Paté
B
Kipfilet
C
30+ kaas
D
Hagelslag

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat versta je onder ondervoeding?

Slide 15 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat is ondervoeding?
Als je te lang te weinig eet, raak je ondervoed.

Bij ondervoeding is het verbruik van energie hoger dan wat er aan energie met de voeding binnenkomt. 

Het lichaam verzwakt 

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Criteria ondervoeding
  • Als iemand onbedoeld in een maand vier kilo afvalt (onvrijwillig)
  • Of in zes maanden meer dan vier kilo afvalt (onvrijwillig)
  • Dit geldt ook bij een persoon met overgewicht
  • Ook een BMI <22 kan risico op ondervoeding betekenen

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Iemand die aankomt in gewicht is niet ondervoed
A
Juist
B
Onjuist

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

ondervoeding komt voor bij?
A
mensen met ondergewicht
B
mensen met een normaal gewicht
C
mensen met overgewicht
D
alle bovenstaande

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe herken je ondervoeding?
  • Gewichtsverlies zonder dat dit de bedoeling is (ook bij overgewicht!)
  • Kleding die te wijd wordt of een horloge dat losser om de pols zit
  • een slechte eetlust
  • een (te) laag gewicht
  • vermoeidheid of een slechte conditie

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe ontstaat ondervoeding?
Als mensen ziek zijn, eten ze vaak minder. 

Het lichaam verbruikt dan meer energie en voedingsstoffen. 

Stofwisseling verandert. Hierdoor verlaagt de weerstand. 

Er kunnen eerder complicaties ontstaan en wonden genezen minder snel. Dit leidt tot een vertraagd herstel.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke oorzaken kunnen jullie benoemen voor ondervoeding?

Slide 22 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Oorzaken van ondervoeding
  • Acute of chronische ziekte.
  • Verminderde voedselinname door een verminderde eetlust.
  • Moeilijkheden met kauwen, proeven, slikken of de vertering.
  • Maag- / darmklachten, misselijkheid.
  • Psychologische problemen, zoals angst, depressie of verdriet.
  • Sociale factoren, zoals eenzaamheid of geen mogelijkheid om eten te kopen of te bereiden.

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke risicogroepen hebben een verhoogd kans op ondervoeding?

Slide 24 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Risicogroepen met een verhoogd risico op ondervoeding
  • Kwetsbare ouderen thuis, in een verzorgingshuid of woonzorgcentrum;
  • Cliënten die meerdere ziekten hebben, chronisch ziek zijn of veel medicatie gebruiken;
  • Cliënten met lichamelijke beperkingen;
  • Cliënten met een niet- passende gebitsprothese, kauw- of slikproblemen;
  • Cliënten (met name oudere en ernstige ziekte) die recent ontslagen zijn uit het ziekenhuis;
  • Cliënten met psychosociale problemen en verwaarlozing;
  • Cliënten met alcohol- of drugsmisbruik 











Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

0

Slide 26 - Video

https://e-nursing.nl/mijn_e_nursing


Wat zijn de gevolgen van ondervoeding?

Slide 27 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Gevolgen van ondervoeding

  • verminderde weerstand
  • verminderde spiermassa
  • minder soepel bewegen
  • grotere kans op vallen
  • langzamer herstel na een operatie of ziekte
  • meer en ernstigere complicaties na een operatie

  • vertraagde wondgenezing
  • verhoogde kans op doorligwonden (decubitus)
  • verminderde hart- en longcapaciteit
  • lagere kwaliteit van leven
  • sociaal isolement
  • verhoogde kans op overlijden

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Duizeligheid
Valgevaar
Let op!

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Adviezen ondervoeding

  • Zorg dat de maaltijd er zo aantrekkelijk mogelijk uitziet
  • Neem bewust tijd om te eten en goed te kauwen.
  • Eet vaker per dag kleinere porties
  • Probeer bij elke maaltijd of tussenmaaltijd een (soja) melkproduct te gebruiken.
  • Sla geen maaltijden over
  • Kies niet voor suikervrije, light, halfvolle of magere producten.
  • Kies voor kant en klare gerechten
  • Eet gevarieerd en probeer verschillende voedingsmiddelen uit.
  • Kies als er geen trek is in warm eten, voor een koude maaltijd.

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

BMI berekenen
De BMI (Body Mass Index) is een internationaal gebruikte maat die laat zien of je een gezond gewicht hebt in verhouding tot je lengte. 

Je kunt de BMI berekenen voor vrouwen, mannen en kinderen vanaf 2 jaar.

 Je middelomtrek geeft een inschatting van de vetverdeling in je lichaam. Ieder lichaam is anders.

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe kun je zelf je BMI berekenen?
Voorbeeld:
Als je bijvoorbeeld 65 kilo weegt en je bent 1,70 meter lang, dan bereken je je BMI als volgt: 65 kilo / (1,70 x 1,70 meter) = 22,5


Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

BMI berekening 
Voorbeeld:
65 kilo / (1,70 x 1,70 meter) = 22,5


Bereken de BMI van Mw. Visser (opdracht Dulon Online): 
53 kg, 1.72m 
Bereken je eigen BMI. 
Doe dit met rekenmachine op papier
timer
5:00

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een gezond BMI?
Voor volwassenen ligt een gezond BMI tussen de 18,5 en de 25


Lager dan 18,5
Ondergewicht
Vanaf 18,5 tot 25
Gezond gewicht
Vanaf 25 tot 30
Overgewicht
30 en hoger
Ernstig overgewicht (obesitas)

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij ouderen is er sprake van ondervoeding bij een.....
A
BMI <18
B
BMI <20
C
BMI <25

Slide 36 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de SNAQ 65+?

Slide 37 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Bij de SNAQ 65+ is in plaats van de BMI gekozen voor het meten van de:
A
Buikomvang
B
Bovenarmomtrek
C
Bovenbeenomvang

Slide 38 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kijkopdracht


Let tijdens het komende filmpje op:
Welke stappen neem je in de SNAQ65+?
Welke uitkomsten zijn er?

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Stappenplan screening op ondervoeding
Stap 1: neem SNAQ 65+ af (met de SNAQ 65+wordt gebruik gemaakt van de bovenarmomtrek i.p.v. BMI)
Stap 2: vraag oudere of hij/zij probleem herkent
Stap 3: vraag oudere of hij/zij iets aan het probleem zou willen laten doen
Stap 4: verdere diagnostiek naar mate en oorzaak van de ondervoeding
Stap 5: samenvatting van stap 1 t/m 4
Stap 6: overleg met huisarts

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht Mw. Pieterse
timer
15:00

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht Mw. Pieterse
Snaq score?
Bovenarmomtrek kan 2 kanten op...

BMI?
61 / (1.65x1.65) = .......

Adviezen?

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

En verder...
Deze les
Onderzoek welke voedingsstoffen er zijn en wat hun functie is. 

Huiswerk komende week
Neem een SNAQ score af in jouw omgeving (zie deelopdracht 4)
Neem de uitwerking hiervan mee naar de volgende les voor vergelijking.






Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
  • De student weet wat ondervoeding is
  • De student weet wat de oorzaken zijn van ondervoeding
  • De student weet welke risicogroepen een verhoogd risico hebben op ondervoeding
  • De student weet wat de gevolgen zijn van ondervoeding

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een goede voeding?
Voedingsstoffen:
  • Koolhydraten
  • Vetten
  • Eiwitten
  • Vitamines
  • Mineralen
Wat is het? Welke soorten zijn er? Wat is de functie? Hoeveel heb je ervan nodig? In welke voedingsmiddelen zit het?

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

En verder...to do
Onderzoek welke voedingstoffen er zijn en wat hun functie is. Welke voedingsstoffen extra belangrijk bij ziekte en/of ouder worden?

Breng van 2 cliënten in kaart wat ze gedurende een dag eten (observeer of vraag na) en vul daarbij het schema in om een voedingsadvies schrijven (zie Dulon online)

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ondervoeding en SNAQ 65+

Slide 49 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies