Les 4 THEORIE: kostuum en props

Welkom klas M3
Drama Theorie
Theatervormgeving: kostuum en rekwisieten/atrributen
1 / 39
volgende
Slide 1: Tekstslide
DramaMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

In deze les zitten 39 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Welkom klas M3
Drama Theorie
Theatervormgeving: kostuum en rekwisieten/atrributen

Slide 1 - Tekstslide

Eerst even dit
https://www.theaterkrant.nl/nieuws/coronapas-vervalt-voor-theaters/

CORONAPAS VOOR (GEPLACEERD) THEATER VERVALT 25 FEBRUARI



Slide 2 - Tekstslide

Programma P3
Week 1 - introductie PTA 3 theatervormgeving en theaterspel
Week 2 – analyse videoclip
Week 3 – theatervormgeving: decor
Week 4 – theatervormgeving: kostuum, grime/hairstyling, rekwisieten, attributen
Week 5 – theatervormgeving: belichting, muziek, geluid / analyse theatervormgeving / SO theatervormgeving
Week 6 – opdracht theatervormgeving OF oefentoets
Week 7 - theaterspel: spel en speelstijl (herhaling)
Week 8 – herhalen toetsstof

Slide 3 - Tekstslide

Terugblik
Decor in DAD - wat waren keuzes van Nasrdin Dchar?
Hoe kun je decor beschrijven?

Hoe gaan we hier vandaag mee verder? Jullie gaan zelf ontwerp voor decor en kostuum maken

Slide 4 - Tekstslide

Leerdoelen
Je kunt het kostuum en props beschrijven in een scene
Je kunt de begrippen van theatervormgeving (decor, kostuum) op een nieuw voorbeeld (voorstelling Julius Caesar) toepassen
Je kunt zelf een kostuum en decor ontwerpen vanuit de theatertekst van de voorstelling 'Its my mouth..'

Slide 5 - Tekstslide

7 materiële
vormgevingsmiddelen

Slide 6 - Woordweb


7
Materiële
Vormgevings-middelen


Decor 
Rekwisieten / attributen
Kostuums 
Grime en Hairstyling
Licht
Muziek 
Geluid

Slide 7 - Tekstslide

kostuums
kap en grime

Slide 8 - Tekstslide

Kostuum en grime
Kostuum = onder kostuum verstaat men de kleding die hoort bij het personage en bij de context van het toneelstuk
Grime en hairstyling = dit gaat over de opmaak van het gezicht van de acteurs en hun haardracht: schmink, pruiken en littekens


Slide 9 - Tekstslide

Decor
Attributen

Slide 10 - Tekstslide

Rekwisieten en attributen
Rekwisieten = rekwisieten zijn voorwerpen die in een voorstelling gebruikt worden door de spelers, zoals een pen of een zwaard. Ook stoelen en tafels die op een toneel staan zijn rekwisieten
Attributen = een attribuut is een speciaal rekwisiet, dat bij een rol hoort, zoals een liniaal voor een strenge juf, een scepter voor een koning. Daaraan kun je het personage herkennen.


Slide 11 - Tekstslide

Wat doe je om een kostuum uit te zoeken?
A
Kijken wat bij je personage hoort
B
Gewoon wat te pakken
C
Niks. Gewoon met je eigen kleding

Slide 12 - Quizvraag

Wat bedoelen we met kap en grime?
A
Verkleedspullen
B
Kapsels, schmink en make up
C
Make up en maskers
D
Make up artist

Slide 13 - Quizvraag

Wat is een attribuut?
A
Een rekwisiet
B
Hulpmiddel die een rol ondersteunt
C
Spullen die typisch bij een personage horen
D
Decorstuk

Slide 14 - Quizvraag

Slide 15 - Video

Waar heeft de ontwerper inspiratie vandaan gehaald voor de kostuums? Welke keuzes heeft ze hierin gemaakt?

Slide 16 - Open vraag

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Beschrijf de kostuums in het fragment. Hoe zie je ontwerp kostuumontwerper terug?

Slide 19 - Open vraag

Opdracht
Maak zelf een ontwerp voor het decor en kostuum voor de voorstelling 'It my mouth and I can say what I want'.

Hiervoor lees je eerst de tekst It's my mouth and I can say what I want hardop
Verdeel de rollen - jullie gaan de tekst samen spelen

Opdracht bij tekst: waar gaat tekst over? 
wat voor kostuums passen hierbij? wat voor decor? 


Slide 20 - Tekstslide

Beschrijving
Een incident op een middelbare school. Commotie. Een jongen raakt vermist. Een docent wordt geschorst. Het vermoeden gonst: ‘er lag mogelijk een racistisch motief aan ten grondslag’. Getuigen worden gehoord. Speculaties buitelen over elkaar heen. De pers loopt ermee weg. Niemand weet iets. Iedereen bemoeit zich ermee.
Een mening is geen feit en racisme is niet ok. Makkelijk zat. Maar wat als jouw feiten een mening blijken te zijn?
Hoe zie je thematiek terug in kostuum/decor?


Slide 21 - Tekstslide

Eerst wat voorbeelden...
van uiteindelijke ontwerpen voorstelling en uitleg van de kostuum- en decorontwerp van de voorstelling

Slide 22 - Tekstslide

Beschrijf kostuum en grime

Slide 23 - Tekstslide

Beschrijf kostuum en grime

Slide 24 - Tekstslide

Beschrijf kostuum en grime

Slide 25 - Tekstslide

Uitleg kostuumontwerper
“‘Decor en kostuums zijn veel belangrijker bij het vertellen van een verhaal dan je vaak denkt. Een decor geeft informatie en gevoel over waar het verhaal zich afspeelt.”


Decor- en kostuumontwerper Dymph Boss over haar ontworpen decor en kostuums in Its My Mouth I Can Say What I want To van JONG


Slide 26 - Tekstslide

Decor & kostuums
Wat zie je? Waar gaat de voorstelling over?

Slide 27 - Tekstslide

Uitleg ontwerper
Een decor geeft informatie en gevoel over waar het verhaal zich afspeelt. Die context bepaalt weer hoe je naar personages kijkt, en wat je van iemand vindt. Kostuums voegen ook heel veel betekenis aan dat verhaal toe.


Stel je voor, je decor is een politiebureau. Een agent daarin voelt logisch. Bij een man in pak in een politiebureau, denk je meteen: ‘wat heeft ie gedaan?’. Maar welk verhaal begin je te vertellen als je iemand in een badpak in een politiebureau ziet?’


Slide 28 - Tekstslide

Decor & kostuums
Wat zie je? Waar gaat de voorstelling over denk je?

Slide 29 - Tekstslide

Slide 30 - Video

Je hebt de trailer gezien. Wat kom je hier te weten? Rol kostuums?

Slide 31 - Open vraag

Inspiratie decor
‘Voor het decor van de voorstelling ben ik geïnspireerd door de beelden van politieonderzoeken in films. Daar wordt vaak een wand met foto’s en objecten van de misdaad gemaakt, en de verbanden tussen de verschillende foto’s worden dan aangegeven met lijnen of draden. Dat zijn bij mij de rode draden op de gaatjeswand geworden.’


Slide 32 - Tekstslide

Inspiratie kostuums
‘Voor de kostuums heb ik gezocht naar een serie personages die op eerste gezicht makkelijk te plaatsen zijn. Mensen die in hoe zij zich kleden voldoen aan clichés en vooroordelen. Ik vind het fascinerend dat mensen zichzelf door middel van kleding een identiteit geven. Dat imago bepaalt ook hoe anderen naar je kijken en het roept dus ook vooroordelen op en aannames over wie jij bent.’

Slide 33 - Tekstslide

Opdracht (10 min)
Maak zelf een ontwerp voor het decor en kostuum voor de voorstelling 'It my mouth and I can say what I want'.

Je kunt hiervoor eerder gegeven informatie gebruiken of de toneeltekst (zie magister.me)

Laat je inspireren door thema's en kijk verder dan alleen de tekst
Klaar? Begin aan ontwerp voor je eigen scene

Slide 34 - Tekstslide

Presentatie ontwerp
Presenteer je ontwerp in 1 minuut




Slide 35 - Tekstslide

Check
Begrippen: kostuum, grime, props (rekwisieten, attributen)
Wie maakt kostuumontwerp?
Weet je hoe je kostuum in scene kan analyseren?
Hoe maak je een ontwerp voor decor en kostuum?


Slide 36 - Tekstslide

Noem drie dingen die je vandaag hebt geleerd

Slide 37 - Open vraag

Stel 1 vraag over iets dat je deze les nog niet zo goed hebt begrepen

Slide 38 - Open vraag

Volgende les
SO theatervormgeving

Gaan we verder met theatervormgeving: het onderdeel licht, geluid en muziek


Slide 39 - Tekstslide