Les 5: Intramusculair injecteren

Verpleegtechnische handelingen - I.M.
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 4

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Verpleegtechnische handelingen - I.M.

Slide 1 - Tekstslide

!
7 weken
Wetgeving en toediening
Inhalatie en vingerprik
Subcutaan
Intramusculair
Interactie en bijwerkingen
Prikaccidenten
Casustoets
Oefenen 1

Slide 2 - Tekstslide

Programma

Opwarmer
Theorie
Quiz
Prikaccidenten

Slide 3 - Tekstslide

Opwarmer...
Schrijf de regel van 5 op!

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Leerdoelen
Je kunt benoemen wat I.M. injecteren is 
Je kent de injectieplaatsen bij I.M. injecteren
Je kunt de voor- en nadelen ervan benoemen
Je weet de verschillen tussen S.C. en I.M. injecteren
Je kunt een zorgvrager gerust stellen
Je kunt uitleggen wat een prikaccident is
Je weet hoe je moet handelen bij een prikaccident

Slide 6 - Tekstslide

Injectie I.M.

Intra = in 
 Musculair = spier
in het spierweefsel dus..!

Voorbehouden handeling volgens wet BIG

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Kenmerken

Spieren zijn goed doorbloed, er lopen dus veel bloedvaten. Dit zorgt voor gemakkelijke en snelle opname van het medicijn (binnen 15 - 20 min).
 
Injecteren in de spier kan pijnlijk zijn. Help de patiënt de spier te ontspannen.

Slide 10 - Tekstslide


Waarom WEL intramusculair?

Waarom NIET?

Slide 11 - Tekstslide

Andere nadelen I.M. injecteren
  • Beschadigingen van
        - Zenuwbanen (foute locatie)
        - Bloedvaten (foute locatie)
        - Botweefsel (verkeerde type naald)

  • Angstig / spanning

Slide 12 - Tekstslide

Technieken
1.
2.

Slide 13 - Tekstslide

Waar ?
  • Grote bilspier
    BBB --> Bovenste Buitenste Bil kwadrant  
  • Dijbeenspier
    Boven buitenkant bovenbeen 
  • Deltaspier
    Zijkant bovenarm
    (voornamelijk vaccinaties)

Slide 14 - Tekstslide

Let op!! Bij het prikken in de bil...

Slide 15 - Tekstslide

Tijd voor wat vragen!

Slide 16 - Tekstslide

Een subcutane naald is dunner en korter dan een intramusculaire naald
A
juist
B
onjuist

Slide 17 - Quizvraag

Is een opzuignaald dikker of dunner dan een injectienaald?
A
Dikker
B
Dunner

Slide 18 - Quizvraag

Waar prik je met I.M. injecteren?
A
ader
B
bot
C
huid
D
spier

Slide 19 - Quizvraag

Waar mogen we intramusculair injecteren?

Slide 20 - Open vraag

Je gaat een injectie toedienen.
Welke stellingen zijn juist?
A
Handschoenen beschermen je tegen een prikaccident
B
Je desinfecteert de huid altijd
C
Je hebt een uitvoeringsverzoek nodig
D
Het medicijn wat je gaat inspuiten moet dubbel gecontroleerd worden

Slide 21 - Quizvraag

Casus
Dit is Cas, 39 jaar en gezond. 
Hij is aan de beurt voor het Coronavaccin, maar is erg angstig. Hij kan niet goed uitleggen waarom, hij vindt het gewoon een naar idee om een naald in zijn arm te krijgen.

Slide 22 - Tekstslide

Hoe ga jij Cas geruststellen?
timer
2:30

Slide 23 - Open vraag

PRIKACCIDENT

Slide 24 - Tekstslide

Wat is een prikaccident? Prikken aan een naald...
A
tijdens klaarmaken van medicatie
B
na het injecteren van een zorgvrager
C
A en B zijn beiden juist

Slide 25 - Quizvraag

Wat is belangrijk bij een prikaccident?
A
Wondje goed laten bloeden
B
Het prikaccident direct melden
C
Wondje desinfecteren met alcohol 70%
D
Allemaal juist

Slide 26 - Quizvraag

Wat is de juiste volgorde van handelen bij een prikaccident?
A
Bloeden, desinfecteren, spoelen, melden
B
Bloeden, spoelen, desinfecteren, melden
C
Melden, spoelen, bloeden, desinfecteren
D
Melden, bloeden, spoelen, desinfecteren

Slide 27 - Quizvraag

Slide 28 - Tekstslide

BPV opdracht 

Slide 29 - Tekstslide

Aan de slag...

Slide 30 - Tekstslide