Hoofdstuk 7 Wageningse methode tot 7.5

LESSONUP DIFFERENTIËREN
Best pittig dus teams van 2!

1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

LESSONUP DIFFERENTIËREN
Best pittig dus teams van 2!

Slide 1 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:

noteer alleen het antwoord!
f(x)=2x−3

Slide 2 - Open vraag

Differentieer de volgende functie:
f(x)=​x​6​​​​3​​+​2x​2​​​​1​​
A
f​′​​(x)=​6x​5​​​​3​​+​4x​​1​​
B
f​′​​(x)=−​x​7​​​​18​​−​x​3​​​​1​​
C
f​′​​(x)=​2x​5​​​​1​​+​4x​​1​​
D
f​′​​(x)=18x​5​​+x

Slide 3 - Quizvraag

Differentieer de volgende functie:
f(x)=​x​6​​​​3​​+​2x​2​​​​1​​

Slide 4 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=​x​6​​​​3​​+​2x​2​​​​1​​
f(x)=3x​−6​​+​2​​1​​⋅x​−2​​

Slide 5 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=​x​6​​​​3​​+​2x​2​​​​1​​
f(x)=3x​−6​​+​2​​1​​⋅x​−2​​
f​′​​(x)=−18x​−7​​−x​−3​​

Slide 6 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=​x​6​​​​3​​+​2x​2​​​​1​​
f(x)=3x​−6​​+​2​​1​​⋅x​−2​​
f​′​​(x)=−18x​−7​​−x​−3​​
f​′​​(x)=−​x​7​​​​18​​−​x​3​​​​1​​

Slide 7 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​
Differentieer

Slide 8 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​
​dx​​d​​(3x​2​​+6x)​3​​=
3(3x​2​​+6x)​2​​.(6x+6)
Differentieer

Slide 9 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​
​dx​​d​​(3x​2​​+6x)​3​​=
3(3x​2​​+6x)​2​​.(6x+6)
Differentieer
f​′​​(x)=​dx​​d​​(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​=

Slide 10 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​
​dx​​d​​(3x​2​​+6x)​3​​=
3(3x​2​​+6x)​2​​.(6x+6)
Differentieer
​dx​​d​​(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​=
f​′​​(x)=4(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​3​​⋅....

Slide 11 - Tekstslide

Differentieer de volgende functie:
f(x)=(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​
​dx​​d​​(3x​2​​+6x)​3​​=
3(3x​2​​+6x)​2​​.(6x+6)
Differentieer
​dx​​d​​(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​4​​=
f​′​​(x)=4(3x+(3x​2​​+6x)​3​​)​3​​⋅(3+3(3x​2​​+6x)​2​​.(6x+6))

Slide 12 - Tekstslide

De afgeleide van
f(x)=(3x​2​​+5x+7)​−1​​
A
−(6x+5)​−2​​
B
−(3x​2​​+5x+7)​−2​​
C
−(3x​2​​+5x+7)​−2​​⋅(6x+5)
D
−(6x+5)​−2​​⋅(6x+5)

Slide 13 - Quizvraag

wat is de
afgeleide
f(x)=x​3​​√​x​​​
A
f​′​​(x)=3x​3​2​​1​​​​
B
f​′​​(x)=3​2​​1​​x​2​​√​x​​​
C
f​′​​(x)=​2​​1​​x​2​2​​1​​​​
D
f​′​​(x)=​2​​7​​x​​2​​5​​​​

Slide 14 - Quizvraag

Notatie voor de antwoorden
In de volgende slide zie je hoe je je antwoorden moet noteren. Schrijf dat over zodat je jouw antwoord correct noteert. Heb je het goed maar heb je het niet correct genoteerd.... geen punten.

Slide 15 - Tekstslide



notatie: 12(2x^2-3x^3)^3+5x  



notatie: -(3x+2)/(2wortel^3(x^2-4x)^2+2)

geen spaties toepassen dus!!
Schrijf dit even over zodat je het niet vergeet
f​′​​(x)=−​2​3​​√​x​2​​−4x​​​​2​​+2​​3x+2​​
√​x+2​​​
notatie: wortel(x+2)

Slide 16 - Tekstslide

Noteer op de juiste manier:

f​′​​(x)=​3​4​​√​x​2​​−6x​3​​​​​+2​​2x​​

Slide 17 - Open vraag

Noteer hieronder op de juiste manier:

f​′​​(x)=23(x​2​​−6x)​3​​+2

Slide 18 - Open vraag

Differentieer
f(x)=(x​6​​−2x+1)​4​​−3x

Slide 19 - Open vraag

Differentiëer en schrijf zonder gebroken of negatieve exponenten

f(x)=(√​4x​2​​+2​​​+2x​2​​)​3​​

Slide 20 - Open vraag

Differentiëer en schrijf zonder gebroken of negatieve exponenten

f(x)=​3​​√​4x​2​​+3x​​​

Slide 21 - Open vraag

Bepaal de richtingscoëfficient van de raaklijn in (x=-1) van

f(x)=√​4x+5​​​⋅(3x​2​​−4x)

Slide 22 - Open vraag

Laat maar zie die uitwerkingen!!

Slide 23 - Open vraag

Waar heb je nog vragen over?

Slide 24 - Woordweb