Ontwikkelingspsychologie bij de oudere zorgvrager

Ontwikkelingspsychologie 
bij de oudere zorgvrager
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Ontwikkelingspsychologie 
bij de oudere zorgvrager

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
Aan het einde van de les:
  • Kun je zelf een theorie toepassen op een casus
  • Weet je hoe een casus op verschillende manieren geanalyseerd kan worden

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opbouw van de les
Deel 1: een korte terugblik op enkele theorieën
Deel 2: doornemen van de casus
Deel 3: casus uitwerken adhv de werkkaart
Deel 4: verwerkingsopdracht
Deel 5: Evaluatie en afsluiting

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je nog over...
 
Maslow

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De Pyramide van Maslow?

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je nog over...

Erikson

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De 8 levensfasen van Erikson

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je nog over...

Nature - Nurture

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nature -Nurture

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke basisbehoefte staat onderaan de piramide?
A
Veiligheid
B
Zelfactualisatie
C
Fysiologische behoeften
D
Waardering

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke behoefte is voor ouderen in een woonzorgcentrum vaak extra belangrijk?

A
Zelfactualisatie
B
Sociale verbondenheid
C
Fysiologische behoeften
D
Macht en controle

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een verpleeghuis cliënt voelt zich onveilig door valgevaar. Welke laag van Maslow is onvoldoende vervuld?
A
Veiligheid
B
sociale behoefte
C
Fysiologische behoeften
D
Waardering

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke fase van Erikson bevindt een oudere (65+) zich meestal?
A
Identiteit versus identiteitsverwarring
B
Vertrouwen versus wantrouwen
C
Initiatief versus schuldgevoel
D
Integriteit versus wanhoop

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een belangrijk ontwikkelingsdoel in de fase ‘Integriteit vs. wanhoop’?
A
Eigen identiteit ontdekken
B
Sociaal netwerk opbouwen
C
Terugblikken op het verleden en vrede sluiten
D
Grenzen stellen aan anderen

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke uitspraak past bij Nature
A
Iemands opvoeding bepaald zijn karakter
B
Iemand wordt beïnvloed door vrienden en cultuur
C
Genetische aanleg bepaald een deel van je gedrag
D
Alles wordt aangeleerd

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een oudere heeft een aangeboren rustige aard.
Dit is een voorbeeld van:
A
Nature
B
Nurture
C
Beïnvloeding door de omgeving
D
Beïnvloeding door cultuur

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een cliënt ontwikkelt angst om te vallen nadat ze meerdere is gevallen. Dit is vooral beïnvloed door:
A
Nature
B
Nurture
C
Genetisch gedrag
D
Reflex

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke theorie is het meest geschikt
om te analyseren waarom een oudere zich eenzaam voelt in het verpleeghuis?
A
Maslow (sociale behoefte)
B
Erikson (integriteit versus wanhoop)
C
Nature - Nurture (aangeboren-aangeleerd)
D
Allen (Afhankelijk van de invalshoek)

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

“Wat maakt de ouderenzorg anders dan werken met kinderen?”

Slide 19 - Tekstslide

Benadrukken: levensloop, verlieservaringen, zingeving, afhankelijkheid, autonomie.
Casus Mevrouw van der Velde
  • Lees de casus 
  • Beantwoord de vragen op de werkkaart (10 min)
  • Vergelijk je antwoorden in een tweetal/drietal (10 min)
  • Maak individueel een verwerkingsopdracht naar
        keuze.
  • Voeg je verwerkingsopdracht toe aan je dossier

Slide 20 - Tekstslide

Laat studenten de casus lezen (eventueel klassikaal)
Laat de studenten eerst individueel de vragen op de werkkaart uitwerken. 
Vervolgens gaan ze de antwoorden vergelijken met een medestudent. 

De opgehaalde informatie gaan ze gebruiken om individueel 1 verwerkingsopdracht uit te werken.
Evaluatie 
  • Hoe vond je dat het uitwerken van de casus ging?
  • Hoe vond je dat de presentatie ging?
  • Wat vond je van deze les?
  • Dit zou ik vaker willen...
  • Dit zou ik anders willen...

Slide 21 - Tekstslide

Laat enkele studenten een vraag naar keuze beantwoorden.