Les 2: Taal in beweging: Het verhaal van onze taal

Les 2: Taal in beweging: Het verhaal van onze taal

Learning objective

1 / 35
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNederlandsSecundair onderwijs

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 100 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Les 2: Taal in beweging: Het verhaal van onze taal

Learning objective

Deze slide heeft geen instructies

Doelen van vandaag

Je leert …
… welke grote fasen de ontwikkeling van het Nederlands doorloopt, van het Oudnederlands tot het Middelnederlands, en hoe die taalfasen eruitzien.
… kenmerken van taalverandering en taalvariatie herkennen in middeleeuwse taalvoorbeelden, zoals spelling, lettervormen en dialectverschillen.
… uitleggen waarom middeleeuwse teksten vaak in dichtvorm werden geschreven en hoe schrijfpraktijken zoals kopiëren, afkorten en mondelinge overlevering de taal beïnvloedden.

… vroege Nederlandse woorden analyseren op vorm en betekenis.

… verklaren waarom er geen eenheidstaal bestond in de middeleeuwen en hoe dit de communicatie en literatuur beïnvloedde.

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht

Schrijf in twee minuten op wat je nog weet van de vorige les.


Deze slide heeft geen instructies

Het verhaal van onze taal


  • Moedertaal van ca. 25 miljoen mensen

  • Spreekgebieden: Europa, Suriname, Nederlandse Antillen, Aruba

  • Vraag: sinds wanneer spreken onze voorouders Nederlands?

  • Evolutie: hoe klonk die taal vroeger?

Deze slide heeft geen instructies

Oudnederlands

Eerste Nederlandse woord

  • Runeninscriptie van Bergakker (begin 5de eeuw)

  • Woord: ANN

  • Betekenis: “ik gun”

  • Oud werkwoord unnan

Situatie vóór 700

  • Geen Nederlands, maar Germaans

Oudnederlands = verzameling dialecten

  • Geen uniforme standaardtaal

Deze slide heeft geen instructies

Oudnederlands: Lex Salica

  • Merovingisch wetshandschrift (6de–7de eeuw)

  • Latijn met Oudnederlandse woorden

  • Vroege taalsporen: Nauwelijks doorlopende zinnen, enkel losse woorden, namen, korte formules


  1. maltho thi afrio lito – ik verklaar je vrij

  2. wolaman – volwassen man

  3. minnisto – beminnen

  4. gelt – geld

  5. tho – te

  6. endu – en

Deze slide heeft geen instructies

Oudnederlands: Hebban olla vogala

  • Probatio pennae: krabbelblad bij testen van nieuwe pen

  • Losse woordjes, oefenzinnen, onzinzinnen

  • Beroemd voorbeeld: Hebban olla vogala… (ca. 1100)

Deze slide heeft geen instructies

Oudnederlands: Hebban olla vogala

  • Lees de vragen in de cursus p. 8.

  • Luister naar het fragment en beantwoord de vragen.

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Gaat het hier effectief om de oudste Nederlandstalige zin?

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is dit zinnetje volgens Gerrit Komrij toch heel erg belangrijk?

Deze slide heeft geen instructies

Wat zegt professor De Grauwe over het zinnetje?

Deze slide heeft geen instructies

Professor Kwakkel is het hiermee niet eens. Wat zijn zijn argumenten?

Deze slide heeft geen instructies

Professor De Grauwe komt nog eens aan het woord: hij vindt niet dat zijn theorie ontkracht is.

Deze slide heeft geen instructies

Middelnederlands (ca. 1150–1550)


Geen eenheidstaal

  • Middelnederlands = dialectcontinuüm

  • Geen vaste spelling

  • Laag geletterdheidsniveau

  • Monniken kopiëren handschriften

Kunnen wij het lezen?

  • Moeilijke lettervormen

  • Veel c, q, x

  • Variabele spelling

  • Voorbeeld: jaar / jaer / jair / jayr

Deze slide heeft geen instructies

Middelnederlands (ca. 1150–1550)


Kunnen wij het lezen?

  • Moeilijke lettervormen

  • Veel c, q, x

  • Variabele spelling

  • Voorbeeld: jaar / jaer / jair / jayr

Verbindingen en afkortingen

  • Woorden aan elkaar geplakt

  • Voorbeelden: seidi, hebter

  • Kopiisten verkorten dubbele letters

  • Golfje boven letter = weglating


Deze slide heeft geen instructies

Middelnederlands (ca. 1150–1550)


Veel niet-literaire teksten

  • oorkonden

  • statuten

  • verkoopakten

  • verslagen

Ook veel literatuur: ‘Meesterlijke Middeleeuwen’

  • Karel en Elegast

  • Walewein

  • Beatrijs

Deze slide heeft geen instructies

Middelnederlands (ca. 1150–1550): Weetjes


Schoen / ei / raaf

  • scoescoen → nieuw enkelvoud schoen → meervoud schoenen

  • ei → meervoud eier → nieuw meervoud eieren

  • raven (enkelvoud) → als meervoud geïnterpreteerd → nieuw enkelvoud raaf

Prijskaartje van handschriften

  • Middeleeuwen: extreem duur: Even kostbaar als stenen huis

  • Tentoonstelling Leuven 2002:

    • 100 handschriften

    • Totale verzekerde waarde: 175 miljoen euro

    • Gemiddeld: 1,75 miljoen euro per handschrift

  • Waarde blijft stijgen

Deze slide heeft geen instructies

Individuele leesopdracht

De volgende slides stellen vragen over de tekst die we behandelden in deze les. Zoek het correcte antwoord. Daarna vul je de vraag in met de vindplaats van je antwoord.

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het oudste bekende vroeg Nederlandse woord?

A

ANN

B

UNNAN

C

ANNUN

D

Answer D

ANN => eerste persoon enkelvoud van unnan (gunnen => ANN = ik gun

Middelnederlandse handschriften

A

waren heel prachtig versierd

B

werden in stenen huizen bewaard

C

waren heel duur

D

Answer D

Deze slide heeft geen instructies

'Hebban olla vogala nestas hagunnan...' is

A

de eerste zin van een lang liefdesgedicht

B

de eerste Nederlandstalige zin

C

een probatio pennae

D

Answer D

een pennenproef of probatio pennae

In vergelijking met hedendaags Nederlands heeft het Oudnederlands

A

veel meer heldere klanken

B

veel meer doffe klanken

C

ongeveer dezelfde klanken

D

Answer D

Kan je aantonen door een vergelijking van 'Hebban olla vogala...' en hebben alle vogels

Het Nederlands wordt al moedertaal gesproken door ca.

A

15 miljoen mensen

B

22 miljoen mensen

C

23 miljoen mensen

D

25 miljoen mensen

Deze slide heeft geen instructies

Het Middelnederlands is te situeren tussen

A

ca 1150 - ca 1550

B

ca 1150 - ca 1450

C

ca 950 - ca 1550

D

Answer D

Deze slide heeft geen instructies

Middelnederlands is

A

een eenheidstaal

B

een verzameling van dialecten

C

de algemene taal in Vlaanderen en Nederland

D

Answer D

Deze slide heeft geen instructies

In Middelnederlandse teksten komen

A

veel afkortingen voor

B

weinig afkortingen voor

C

veel verbindingen van woorden voor

D

Answer D

Deze slide heeft geen instructies

Het Middelnederlands

A

heeft dezelfde schrifttekens als het huidige Nederlands

B

heeft andere schrifttekens als het huidige Nederlands

C

heeft voor sommige tekens een enigszins ander schriftbeeld dan het huidige Nederlands

D

Answer D

Deze slide heeft geen instructies

Oudnederlands is te situeren tussen

A

ca 600 en ca 1050

B

ca 750 en ca 1050

C

ca 700 en ca 1150

D

Answer D

Deze slide heeft geen instructies

Middelnederlandse teksten bezitten we in overvloed, o.m.

A

literaire teksten

B

statuten van verenigingen

C

oorkonden

D

Answer D

Deze slide heeft geen instructies

Syntheseoefening

Tracht de syntheseoefening nu zonder opzoeken in te vullen. We corrigeren klassikaal.


Deze slide heeft geen instructies

Nederlands is de moedertaal van ongeveer twintig miljoen mensen die vooral in Europa wonen. Het ontstond rond (1). In zijn oudste stadium noemen we het (2). Dat is te situeren tussen ca. (3) en ca. (4). Het gaat niet om een eenheidstaal, wel om een verzameling (5). Er zijn (6) geschreven bronnen van overgebleven. Het bekendste zinnetje uit die periode hebben we te danken aan een (7). Vergeleken met modern Nederlands heeft het (8) veel meer (9) klanken.

 We spreken van Middelnederlands tussen ca. (10) en ca. (11). Opnieuw is het geen (12). Er was ook

geen vaste (13). Sommige letters werden (14) geschreven dan nu. Ook werden veel woorden (15).

Er zijn heel veel Middelnederlandse (16) overgebleven. Die werden allemaal met de hand geschreven, vandaar dat ze (17) genoemd worden. Ze waren heel dikwijls (18) en bijgevolg ook zeer (19). We hebben allerlei soorten teksten, o.m. (20) teksten, (21) van verenigingen, (22) en oorkonden.

Middelnederlands had minder (23) klanken dan Oudnederlands. Sommige Middelnederlandse woorden zijn nu (24) (bv. 'ors' dat 'paard' betekende), andere hebben een andere (25) gekregen (bv. 'in vare sijn' betekende 'vrezen', nu 'in gevaar zijn').

Deze slide heeft geen instructies

1.                  700 NC

2.                  Oudnederlands

3.                  700

4.                  1150

5.                  Dialecten

6.                  Weinig

7.                  Probatio pennae

8.                  Oudenederlands

9.                  Heldere

10.               1150

11.               1550

12.               Eenheidstaal

13.               Spelling



Deze slide heeft geen instructies

14.               Anders

  1. Verbonden

16.               Teksten

17.               Handschriften

18.               Rijk versierd

19.               Duur

20.               Literaire

21.               Statuten

22.               Verkoopakten

23.               Heldere

24.     Verdwenen

  1. Betekenis

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht tegen volgende les Taal in beweging

Waar of niet waar?

Maak zelf

  • drie juiste uitspraken;

  • twee foute uitspraken

over de leerstof. Je noteert geen oplossingen!

Breng dit mee op een A4 naar de volgende les.


Deze slide heeft geen instructies