3MW - les6

1 / 51
volgende
Slide 1: Tekstslide
Maatschappij en WelzijnSecundair onderwijs

In deze les zitten 51 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 100 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Herhaling 

Slide 2 - Tekstslide

Diversiteit? 
Betekenis? 
Voorbeeld? 

Slide 3 - Tekstslide

Diversiteit 
Overkoepelend begrip voor alle mogelijke verschillen die tussen mensen kunnen bestaan, het besef dat elk individu anders is en dat er verschillen zijn tussen mensen van bepaalde groepen.

vb: andere huidskleur, verschillende culturen. 

Slide 4 - Tekstslide

Culturele assimilatie 
Betekenis? 
vb?

Slide 5 - Tekstslide

Culturele assimilatie 
Betekent dat je een andere cultuur overneemt en je eigen cultuur loslaat.

vb. Een jongen uit Turkije verhuist met zijn familie naar België. Na enkele jaren spreekt hij nog alleen maar Nederlands, viert hij geen Turkse feestdagen meer en volgt hij volledig de Belgische gewoonten. Zijn oorspronkelijke cultuur laat hij los.

Slide 6 - Tekstslide

Integratie
Betekenis?

vb? 

Slide 7 - Tekstslide

Integratie 
Betekent dat je je aanpast, maar je eigen cultuur behoudt

vb: Een jongen uit Marokko leert Nederlands, maar thuis spreekt hij nog Arabisch en viert hij zijn eigen feestdagen.

Slide 8 - Tekstslide

Monoculturaliteit?
betekenis? 
vb? 

Slide 9 - Tekstslide

Monoculturaliteit 
Dit is een samenleving waar maar één cultuur wordt gehanteerd. 

Vb. In een land wordt alleen de eigen nationale cultuur gevierd en andere culturen krijgen geen plek. 

-> Japan

Slide 10 - Tekstslide

Multiculturaliteit 
Betekenis? 

vb?

Slide 11 - Tekstslide

Multiculturaliteit 
Maatschappelijk en politiek standpunt waarbij verschillende culturen, etnische en godsdienstige gemeenschappen gelijkwaardig worden behandeld. 

Vb. In een stad wonen en leven mensen van verschillende culturen samen en worden feesten zoals Kerst en Suikerfeest allemaal gevierd.

Slide 12 - Tekstslide

Stereotype 
betekenis? 

vb? 

Slide 13 - Tekstslide

Stereotype 
Dit is een kenmerk van één persoon dat je toeschrijft aan een hele groep.

Vb. jongens zijn niet goed in wiskunde.

Slide 14 - Tekstslide

Vooroordeel 
Betekenis? 

vb? 

Slide 15 - Tekstslide

Vooroordeel
Dit is een mening die je bij voorbaat hebt over anderen of hun gedragingen (uitelijk, afkomst, religie, …) die niet op feiten gebaseerd is. 

Vb. ik wil niet met hem samenwerken, want jongens zoals hij zijn altijd luid.

Slide 16 - Tekstslide

Lesdoelen 
Ik kan mijn mening duidelijk zeggen in het kringgesprek.
Ik luister naar anderen en reageer op een respectvolle manier.
Ik sta open voor verschillen tussen mensen.
Ik toon begrip voor anderen (ik probeer te voelen wat zij voelen).
Ik zeg minstens één keer iets tijdens het kringgesprek
Ik kan de begrippen diversiteit, stereotype, vooroordeel, referentiekader, monoculturaliteit en multiculturaliteit juist gebruiken.
Ik kan mijn begrippenlijst beter studeren door te markeren, kernwoorden te zoeken of te samenvatten.
Ik kan aan het einde van de 1 inzicht en 1 actie formuleren: wat heb ik geleerd en wat ga ik voortaan anders doen?

Slide 17 - Tekstslide

Toets -> samen overlopen








Klaar? -> hand opsteken -> artikel lezen
timer
20:00
Klaar? = artikel vragen 

Slide 18 - Tekstslide

pg. 120 -> bordboek (begrippen)

Slide 19 - Tekstslide

PAUZE

Slide 20 - Tekstslide

KRINGGESPREK
Persoon X draagt een trainingspak, draagt oortjes, praat luid en komt soms te laat.

Welke eerste indruk heb je? 
Waarom denk je dat?

Slide 21 - Tekstslide

Welke stereotypen hoor je vaak bij jongeren?

Slide 22 - Tekstslide

Heb je al eens gemerkt dat iemand jou in een hokje stak?

 Hoe voelde dat?

Slide 23 - Tekstslide

Kan een stereotype soms grappig bedoeld zijn maar toch kwetsend overkomen?

Slide 24 - Tekstslide

Wat is het verschil tussen een grap en discriminatie volgens jullie?

Slide 25 - Tekstslide

Waar zie je op school (of online) vormen van lichte of onbewuste discriminatie?

Slide 26 - Tekstslide

Hoe kan je daar zelf op reageren?

Slide 27 - Tekstslide

Welke zichtbare verschillen herken jij meteen als je een groep mensen ziet?

Slide 28 - Tekstslide

Welke verschillen merk je soms pas later op (onzichtbare verschillen)?

Slide 29 - Tekstslide

Hoe snel vorm jij een eerste indruk van iemand?

Slide 30 - Tekstslide

Hoe merk je dat media (TikTok, Instagram…) stereotypen versterken?

Slide 31 - Tekstslide

Wanneer worden stereotypen gevaarlijk, volgens jullie?

Slide 32 - Tekstslide

Heb je al eens een vooroordeel moeten bijstellen nadat je iemand beter leerde kennen?

Slide 33 - Tekstslide

Wat zijn voordelen van een diverse samenleving of klasgroep?

Slide 34 - Tekstslide

Wat kan jij doen om minder snel te oordelen over anderen?

Slide 35 - Tekstslide

Hoe zou onze maatschappij eruitzien zonder stereotypen? Beter? Slechter?

Slide 36 - Tekstslide

METAGESPREK + REFLECTIE

Slide 37 - Tekstslide

Wat vonden jullie van het gesprek?
Wat vonden jullie van het gesprek?
Waren er zaken die jullie moeilijk vonden om met de volledige groep te delen?
Wat heb je bijgeleerd uit het gesprek? 
timer
2:00

Slide 38 - Tekstslide

Waren er zaken die jullie moeilijk vonden om met de volledige groep te delen?

Slide 39 - Tekstslide



Wat heb je bijgeleerd uit het gesprek? 

Slide 40 - Tekstslide

WAARDEN EN NORMEN
Waarden? 

Normen? 

Slide 41 - Tekstslide

Waarden 
 is wat je belangrijk vindt in het leven, het is niet zichtbaar maar ze sturen je keuzes zoals eerlijkheid, vriendschap, respect, vrijheid of gezondheid. Waarden zitten binnen in je (je gedachten, gevoelens, overtuigingen)

Slide 42 - Tekstslide

Normen
zijn regels die voortkomen uit waarden. Ze zeggen wat hoort of niet hoort. 

Bvb. Je steekt je hand op in de klas. De waarde hierbij is orde.

Slide 43 - Tekstslide

Aanduiden begrippenlijst! 
+ lezen 

Slide 44 - Tekstslide

1 INZICHT - 1 ACTIE

Slide 45 - Tekstslide

EINDE LES 

Slide 46 - Tekstslide

Spel -> welke waarden vind je belangrijk?
-> overgang 1.3 Hoe ontwikkelen jongeren hun eigen levensstijl? 

Slide 47 - Tekstslide

Waardenspel 
- Elke lln 3 kaartjes met waarden 
- Telkens 1 extra kaart nemen van de stapel 
- 4 waarden in handen-> 1 wegleggen die minst bij jou past 
2 opties: kaart apart leggen (aflegstapel) of kaart aan klasgenoot geven met reden (argumenteren waarom) 
- tot de waarden op zijn! 
mogelijkheid: spelregels op papier! 

timer
1:00

Slide 48 - Tekstslide

NABESPREKING 
Welke drie waarden zijn bij jou overgebleven?

Herkende je jezelf in de keuzes van anderen?

Wat zegt dit over hoe jongeren hun eigen levensstijl ontwikkelen?

Welke waarden zie je terugkomen in je gedrag?

Slide 49 - Tekstslide

PG 123

Slide 50 - Tekstslide

SLOT
Waarden vormen eigen levensstijl 
-> vandaag een belangrijke eerste blik 

Onthouden: iedereen heeft andere waarden, is oké! = uniek 

Hoe beter je eigen waarden kent -> hoe beter je begrijpt waarom je doet wat je doet! 

Slide 51 - Tekstslide