Les 4: Een gedwongen kortstondig huwelijk?

uit De Tijd van 27.07.21
uit HLN van 20.07.21
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisSecundair onderwijs

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

uit De Tijd van 27.07.21
uit HLN van 20.07.21

Slide 1 - Tekstslide

Niet zo gek misschien?
Reeds eerder: 
17de eeuw (XVII prov.)
19de eeuw VKN
Les 4
Het VKN. Een gedwongen, kortstondig huwelijk?

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onderzoeksvragen:
Wat was het VKN? Wie stond aan het hoofd?
Waarom werd het gevormd?
Hoe komt het dat het maar zo kort bleef bestaan? (1815-1830)

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Herhaling vorige les:
Na Congres van Wenen:
- restauratie macht koningshuizen
- oprichting bufferstaten (o.m. VKN)
Doel:
- stabiliteit in Europa bewaken (o.i.v. GB) -> uit eigenbelang.
VKN?
- Verenigd Koninkrijk der Nederlanden
- bestaat uit Belgische en Nederlandse provincies

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Willem I: Koning der Nederlanden
Willem I: Koning der Nederlanden
Controversieel bestuur => ontevredenheid in het Zuiden
  • godsdienst?
  • onderwijs?
  • taalwetten?
  • <=> industrie: populair
  • Grondwet: veel macht aan koning -> regeert via KB's & manipuleert stemmingen (opdracht 4)
  • Gevoel van onrechtvaardig bestuur: 
  • Zuid en Noord krijgen evenveel volksvertegenwoordigers <=> Zuid meer inwoners (i.t.t. vandaag!)

Slide 5 - Tekstslide

Godsdienst: N = protestants <-> Z: katholiek
Taal: N = Ndl <-> Z: elite = Franstalig / gewone volk = Ndl
Opdracht 5:
In het zuiden is de katholieke Kerk
boos over de godsdienstvrijheid die in de grondwet ingeschreven staat. Waarom is dit niet naar de zin van de katholieke Kerk? (2 juist)
A
De protestanten krijgen in het katholieke zuiden dezelfde rechten als de katholieken.
B
De katholieken krijgen minder rechten dan de protestanten omdat de koning protestants is.
C
De protestanten zijn bang om hun invloed te verliezen.
D
De katholieke Kerk is bang om haar invloed te verliezen.

Slide 6 - Quizvraag

Twee juiste antwoorden.
  • Welke taal bedoelt het besluit met ‘de taal van het land’?
  • Het Nederlands
  • In welk gedeelte van het huidige België is dit besluit van toepassing?
  • Vlaanderen (zonder Brussel)
  • Welk principe past de koning toe om de bestuurstaal te bepalen?
  • De streektaal is de bestuurstaal.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wie is ongelukkig met het Taalbesluit van 1818?
A
De Vlaamse boeren
B
De Nederlandse bovenklasse
C
De Vlaamse en Franstalige bovenklasse
D
De Nederlandse boeren

Slide 8 - Quizvraag

De Franstalige en Vlaamse bovenklasse.
  • Willem I = 'moderne' vorst:
  • belang van industrie;
  • modern staatsapparaat => behoudt napoleontische bureaucratie en wettelijk apparaat;
  • wijst bemoeienis van katholieke Kerk in het bestuur van de hand;
  • MAAR: <=>
  • onderschat wens tot politieke inspraak van de burgerij
  • onderschat invloed Kerk op bevolking
  • ==> Er ontstaat een 'monsterverbond' tussen conservatieven (vooral katholieken maar ook adel die zich verzet tegen hoge belasting) en liberalen (bang voor industrialisatie en impact op hun handel) TEGEN Willem
  • Wel steun van 'Orangisten' vooral in Luik en Gent (textielindustrie)
  • Tijd voor opdracht 8 - LWB p. 24

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  • Wat is te zien op de spotprent?
  • Wie is wie?
  • Wat valt jou op bij deze stemming?

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  • Wat is de Staten-Generaal?
  • Het parlement
  • Wat is de eerste eis van de katholieken?
  • Vrijheid van onderwijs
  • Wie bedoelt de abt met 'ils'?
  • De liberalen.
  • Wat eisen die liberalen op hun beurt?
  • Persvrijheid.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Louis de Potter = kritisch journalist
==> wordt opgesloten
  • Willem I aanvaardt geen kritiek op zijn politiek

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat moet je kennen/kunnen?
  • het begrip ‘Restauratie’ uitleggen
  • de twee grote doelstellingen van
    het Congres van Wenen uitleggen 
  • de politiek van Koning Willem
    op deze vlakken uitleggen:
    politiek-bestuurlijk, economisch,
    godsdienstig, onderwijs 
  • aan de hand van voorbeelden
    het verzet van het Zuiden tegen de
    politiek van Willem I uitleggen
  • spotprent ontleden en toelichten in functie van de leerstof

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesschema

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Enkele oefenvragen...
Met deze vragen kan je testen of je klaar bent voor de toets.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer vond het Congres van Wenen plaats?
A
1789-1799
B
1814-1815
C
1870-1871
D
1914-1918

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat waren de twee doelstellingen van het Congres van Wenen?

Slide 17 - Open vraag

1. De grootmachten willen terug naar het Europa van voor de Franse Revolutie met vorsten op de troon(=Restauratie).
2. Ze willen een stabiel Europa (machtsevenwicht) en richten daarvoor bufferstaten op.
Welke bufferstaten worden opgericht na het Congres van Wenen?

Slide 18 - Open vraag

1. Het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden;
2. Het koninkrijk Piëmont-Sardinië;
3. (West-)Pruisen
Wie wordt vorst in het VKN?
A
Philippe II
B
Willem I
C
Willem II
D
Leopold I

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leg uit wat bedoeld wordt met "koning Willem voerde in het Zuiden een actieve taalpolitiek"?

Slide 20 - Open vraag

Hij verplicht het gebruik van de streektaal als bestuurstaal.
Op welke manier probeert Willem I om het land economisch te moderniseren?

Slide 21 - Open vraag

Hij stimulert de handel, de scheepvaart en de industrie. Hij laat kanalen aanleggen en richt industriebanken op.
Waarom is de katholieke Kerk ontevreden met de beslissing van Willem I om godsdienstvrijheid in te voeren?

Slide 22 - Open vraag

De katholieke Kerk had op dat moment het 'monopolie' op religie in het Zuiden. Door nu ook het protestantisme in het Zuiden toe te laten, zijn ze bang om aan invloed in te boeten.
Waarom is niet iedereen in Vlaanderen tevreden met de taalpolitiek van Willem?

Slide 23 - Open vraag

De elite in Vlaanderen is Franstalig.
Wat was het monsterverbond?

Slide 24 - Open vraag

Dit was een politieke alliantie tussen conservatieven en liberalen in het Zuiden van het VKN. In 1828 besluiten zij om samen te werken (ondanks hun meningsverschillen) om zo allebei hun slag thuis te halen. De liberalen wilden persvrijheid en de conservatieve katholieken wilden onderwijsvrijheid.
Waarvan is deze prent een illustratie?
A
de economische modernisering in het VKN
B
het democratisch systeem in het VKN
C
godsdienstvrijheid in het VKN
D
de taalpolitiek van Willem I

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies