Woordsoorten hf 1-5

Welkom
Vandaag...
- bespreken huiswerk
- Terugblik op Woordsoorten 
hf 1 - 4
- Uitleg Woordsoorten hf 5
1 / 34
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Welkom
Vandaag...
- bespreken huiswerk
- Terugblik op Woordsoorten 
hf 1 - 4
- Uitleg Woordsoorten hf 5

Slide 1 - Tekstslide

Huiswerk bespreken
Hoofdstuk 4 - telwoorden
opdracht 1-3 (p. 120-121)

Slide 2 - Tekstslide

Opdracht 1
1 middelste = rangtelw; twee = hoofdtelw
2 Hoeveelste = rangtelw
3 drie = hoofdtelw; halve = hoofdtelw; wat = hoofdtelw
4 meeste = hoofdtelw; zevende = rangtelw; veel = hoofdtelw



Slide 3 - Tekstslide

Opdracht 2
Opdracht 2
1 één = hoofdtelw; laatste = rangtelw
2 enkele = hoofdtelw
3 kwart = hoofdtelw
4 wat = hoofdtelw; beide = hoofdtelw
5 tweede = rangtelw
6 sommige = hoofdtelw; veel = hoofdtelw

Slide 4 - Tekstslide

Opdracht 3
1 sommige = onbep.hoofdtelw; twintigste = bep.rangtelw
2 zoveelste = onbep.rangtelw
3 10 = bep.hoofdtelw; laatste = onbep.rangtelw
4 alle = onbep.hoofdtelw; een = bep.hoofdtelw; twee = bep.hoofdtelw; derde = bep.rangtelw
5 enkele = onbep.hoofdtelw; eerste = bep.rangtelw


Slide 5 - Tekstslide

nu aan de slag
opdracht 4 (p.121)
KLAAR?
Lees de theorie van hoofdstuk 5 op p. 150 en
maak opdracht 1-5
timer
10:00

Slide 6 - Tekstslide

Opdracht 4
 Wie (vr.vnw) kent hem niet?

(1) In 2017 (hoofdtelw) vierde (zww) Donald Duck zijn (bez.vnw) 65-jarig jubileum (zn). (2) Op 25 (hoofdtelw) oktober 1952 viel het (blw) eerste (bep.rangtelw) weekblad op (vz) de (blw) deurmat, toen nog uitgegeven door (vz) het weekblad Margriet. (3) Abonnees (zn) van Margriet konden (hww) voor 15 cent ook wekelijks (bw) de Donald Duck ontvangen (zww).
(4) Donald was voor het eerst op het witte (bn) doek te zien in de korte Disneyfilm (zn) The Wise Little Hen uit (vz) 1934. (5) Hij had hier echter (bw) maar een bijrol (zn). (6) Ook zag deze (aanw.vnw) eend er nog heel (bw) anders uit dan de Donald Duck van nu: hij (pers.vnw) had een langere nek en snavel. (7) De eend werd (kww) al gauw heel populair. (8) Daarom (bw) besloot Walt Disney een strip (zn) te maken die alleen over Donald Duck zou gaan.


Slide 7 - Tekstslide

Woordsoorten hf 1 (blz. 30)

Slide 8 - Tekstslide

Hf 2 Koppel- of hulpwerkwoord
Ken je ze nog?
ZWoBBeLS

zijn, worden, blijven, blijken, lijken, schijnen

Slide 9 - Tekstslide

Koppelwerkwoorden
Koppelwerkwoorden gebruik je bij een naamwoordelijk gezegde. In een naamwoordelijk gezegde(ng) is of lijkt het onderwerp iets en in een werkwoordelijk gezegde (wg) doet het onderwerp is.

Het zonlicht schijnt fel in mijn ogen (wg)
Hij schijnt erg aardig te zijn (ng)

Slide 10 - Tekstslide

Koppelwerkwoorden
Als er in een zin met een naamwoordelijk gezegde maar één werkwoord staat, is dat het koppelwerkwoord.

Als er meer werkwoorden in de zin staan, is het koppelwerkwoord vaak het laatste werkwoord in de zin. De andere werkwoorden zijn dan hulpwerkwoorden.

Slide 11 - Tekstslide

Hulpwerkwoord
Als er meer werkwoorden in de zin staan, staat het zelfstandig werkwoord meestal achter in de zin. De andere werkwoorden (zoals de persoonsvorm) zijn dan hulpwerkwoorden.

Het liefst zou ik mijn huiswerk tijdens de les willen maken.

Slide 12 - Tekstslide

Woordsoorten hf 3
Zelfstandig werkwoord

Staat er in de zin maar één werkwoord, dan is dat een zelfstandig werkwoord.

Ik maak mijn huiswerk altijd tijdens de les.

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Woordsoorten hf 4

Slide 15 - Tekstslide

Woordsoorten hf 5
Leerdoel:

- Ik kan nevenschikkende en onderschikkende voegwoorden herkennen en gebruiken

Slide 16 - Tekstslide

Woordsoorten hs 5 

Slide 17 - Tekstslide

Hoofdzin en bijzin

Slide 18 - Tekstslide

Door welk 'trucje' kun je het verschil bepalen tussen een hoofdzin en een bijzin?

Slide 19 - Open vraag

Welk woord is een voegwoord?

A
een
B
en
C
die
D
zij

Slide 20 - Quizvraag

Leerdoelen

Je kunt 
nevenschikkende 
en 
onderschikkende 
voegwoorden herkennen.


Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Noteer het voegwoord:
Ik kon je niet whatsappen, want de batterij van mijn telefoon was leeg.

Slide 28 - Open vraag

Noteer het voegwoord:
Voordat hij naar de tandarts ging, poetste Patrick zijn tanden extra goed.

Slide 29 - Open vraag

Noteer het voegwoord:
Deze vakantie blijven we thuis en volgend jaar ook.

Slide 30 - Open vraag

Nevenschikkend voegwoord of
onderschikkend voegwoord?
Ik kon je niet whatsappen, want de batterij van mijn telefoon was leeg.
A
ns. vgw.
B
os. vgw.

Slide 31 - Quizvraag

Nevenschikkend voegwoord of
onderschikkend voegwoord?
Voordat hij naar de tandarts ging, poetste Patrick zijn tanden extra goed.
A
ns. vgw.
B
os. vgw.

Slide 32 - Quizvraag

En nu...

Aan de slag met opdrachten 1 t/m 5 hoofdstuk 5  
Grammatica - woordsoorten (p.150-151). 

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Tekstslide