ISAAC 3: Module 1 - De aarde biedt kansen

Module 1: De aarde biedt kansen

2e graad Aardrijkskunde/ D&A finaliteit

1 / 97
volgende
Slide 1: Slide
newEditorAardrijkskundeSecundair onderwijs

In deze les zitten 97 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Module 1: De aarde biedt kansen

2e graad Aardrijkskunde/ D&A finaliteit

Deze slide heeft geen instructies

  1. De aarde:
    een ideale planeet voor de mens

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

1.1 Atmosfeer

Deze slide heeft geen instructies

p.5

Deze slide heeft geen instructies

p.5

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

p.6

Deze slide heeft geen instructies

Systeemdenken

Deze slide heeft geen instructies

Wat is systeemdenken?

Systeemdenken betekent dat je kijkt naar verbanden tussen dingen in de wereld — niet enkel naar losse feiten.

Je kijkt dus naar oorzaken en gevolgen, en hoe die elkaar weer beïnvloeden.


Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld: Ontbossing amazonewoud

  1. Wat gebeurt er?
    Bomen worden gekapt om plaats te maken voor landbouw.

  2. Wat is het gevolg?

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld: Ontbossing amazonewoud

  1. Wat gebeurt er?
    Bomen worden gekapt om plaats te maken voor landbouw.

  2. Wat is het gevolg?
    → Minder bomen → minder zuurstof en meer CO₂ in de lucht.

    → Bodem spoelt sneller weg → landbouw wordt moeilijker.

    → Minder dieren → ecosystemen raken verstoord.

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld: Ontbossing amazonewoud

  1. Wat is het gevolg van het gevolg?

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld: Ontbossing amazonewoud

  1. Wat is het gevolg van dat gevolg?
    → Slechtere oogsten → boeren kappen nóg meer bos → nog meer schade.

Deze slide heeft geen instructies

p.6

Deze slide heeft geen instructies

Opdrachten rond actualiteit

Slide tekst

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Artikel A: vulkaanuitbarstingen zijn goed voor het klimaat (p.7)

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Artikel B: Zwitsers bedekken gletsjer om te voorkomen dat deze smelt

Deze slide heeft geen instructies

De aarde wordt ingedeeld in 'sferen' die als zelfstandige systemen beschouwd worden:


  1. Atmosfeer: bevat alle gassen (denk aan CO2, NH4, etc...)

  2. Hydrosfeer: Alles met water

  3. Biosfeer: Omvat het leven op aarde

  4. Geosfeer: alles dat de vaste aarde omslaat en de materialen die ze ons biedt.

Deze slide heeft geen instructies

Atmosfeer:



Hydrosfeer:



Geosfeer:



Biosfeer:



Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

1.2 Hydrosfeer

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

70% van onze aarde bestaat uit water

Deze slide heeft geen instructies

Zelfs Mars heeft water!

https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2020/09/29/groot-ondergronds-meer-op-mars-bevestigd-nog-drie-kleine-andere/

p.9

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn ‘aggregatietoestanden’ ?

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn ‘aggregatietoestanden’ ?

Definitie: De aggregatietoestand zegt in welke vorm een stof voorkomt, afhankelijk van temperatuur en soms druk.

Deze slide heeft geen instructies

Welke aggregatietoestanden zijn er?

Deze slide heeft geen instructies

Welke aggregatietoestanden zijn er?

  1. Vast: In een vaste stof zitten de deeltjes dicht op elkaar en blijven ze op hun plaats. De stof heeft een vaste vorm en een vast volume.

  2. Vloeibaar: In een vloeistof zitten de deeltjes dicht bij elkaar, maar ze kunnen langs elkaar bewegen. De stof heeft geen vaste vorm, maar wel een vast volume.

  3. Gasvormig: In een gas zitten de deeltjes ver uit elkaar en bewegen ze vrij rond. De stof heeft geen vaste vorm en geen vast volume.

Deze slide heeft geen instructies

p.10

Deze slide heeft geen instructies

p.10

Deze slide heeft geen instructies

p.11

Deze slide heeft geen instructies

p.11

Deze slide heeft geen instructies

p.11

Deze slide heeft geen instructies

p.11

Dit is een Stabiliserende negatieve terugkoppeling

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een
Stabiliserende negatieve terugkoppeling?

Dit is een natuurlijk remsysteem.


-> Als er te veel verandering is, dan werkt het systeem automatisch tegen om alles weer rustiger en stabiel te maken.

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een
Stabiliserende negatieve terugkoppeling?


VOORBEELD

  1. De temperatuur stijgt

  2. Daardoor verdampt meer water

  3. Er ontstaan meer wolken

  4. Wolken kaatsen zonlicht terug

  5. De aarde koelt weer af

  6. Door de afkoeling verdampt minder water



-> De opwarming dooft zichzelf uit

-> Het systeem stabiliseert


Deze slide heeft geen instructies

Wat is een
Stabiliserende negatieve terugkoppeling?


Waarom heet het “negatief”?



Niet omdat het slecht is ❌

Maar omdat het de verandering tegenwerkt.


  • Positieve terugkoppeling = versterkt

  • Negatieve terugkoppeling = remt af


Deze slide heeft geen instructies

Een stabiliserende negatieve terugkoppeling zorgt ervoor dat een verandering zichzelf afremt, zodat het systeem stabiel blijft.

Deze slide heeft geen instructies

Systeemdenken

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht systeemdenken

Systeemdenken (of een oorzaak-gevolg schema maken) is van groot belang om inzicht te krijgen op hoe alles op aarde invloed heeft op elkaar.


We maken samen de basis van een oorzaak-gevolg schema. rond het verdampen van water. En hoe dit impact heeft op onze wereld. Denk daarbij aan je eigen kennis maar ook aan wat we hebben geleerd over de atmosfeer en hydrosfeer.



Deze slide heeft geen instructies

p.12

Deze slide heeft geen instructies

p.12

Deze slide heeft geen instructies

Sustainable Development Goals

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Waarom SDG’s?

Slide tekst

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

1.3 Biosfeer

Deze slide heeft geen instructies

Alles wat op aarde leeft, is opgebouwd uit materie. Materie is alles wat plaats inneemt en massa heeft: de grond onder onze voeten, het water in rivieren en zeeën, de lucht om ons heen, maar ook planten, dieren en mensen. Hoewel de levende wereld er heel verschillend uitziet, bestaat al het leven uit dezelfde basisingrediënten

p.12

Deze slide heeft geen instructies

Die ingrediënten noemen we bouwstenen

Net zoals je met een beperkt aantal Legoblokjes heel verschillende bouwwerken kan maken, gebruikt de natuur een beperkt aantal chemische elementen om al het leven op aarde te vormen.

Deze slide heeft geen instructies

Voor levende organismen zijn dat altijd dezelfde zes elementen: zwavel, fosfor, zuurstof, stikstof, koolstof en waterstof. Samen worden ze afgekort als.

S Zwavel
P Fosfor
O Zuurstof
N Stikstof
C Koolstof
H Waterstof

Deze slide heeft geen instructies

Alle bouwstenen zijn verzameld in de tabel van Mendelejev

Deze slide heeft geen instructies

p.12

Deze slide heeft geen instructies

Welke van deze bouwstenen is het belangrijkste denk je?

Deze slide heeft geen instructies

Welke van deze bouwstenen is het belangrijkste denk je?

Deze slide heeft geen instructies

Koolstof is het centrale element van al het leven. Dat komt doordat koolstof zich gemakkelijk kan verbinden met andere atomen, en ook met zichzelf.

Deze slide heeft geen instructies

Daardoor kan het lange ketens en ingewikkelde structuren vormen. Die structuren zijn nodig om biologische moleculen te maken, zoals suikers, vetten, eiwitten en DNA.

Deze slide heeft geen instructies

Koolstof beweegt dus door al vier de sferen

Deze slide heeft geen instructies

alle levende organismen (planten, dieren, mensen,…)

fossiele brandstoffen zoals steenkool, aardolie en aardgas. Dat is koolstof die miljoenen jaren geleden in planten en dieren zat.

CO2 (Koolstofdioxide)

Koolstof zit opgelost in water en wordt die gebruikt door waterplanten en algen.

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Alles heeft koolstof in zich en doorloopt dus alle sferen. MAAR tegenwoordig is het ook één van de grootste boosdoeners in het verstoren van het evenwicht tussen die sferen.

Deze slide heeft geen instructies

p.12

Deze slide heeft geen instructies

1.4 Geosfeer

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

  1. Is de mens ideaal voor de aarde?

Deze slide heeft geen instructies

2.1 Met hoeveel zijn we?

Deze slide heeft geen instructies

p.18

Deze slide heeft geen instructies

Waarom zorgt de industriële evolutie voor zo’n grote groei?

  1. Technologische vooruitgang (Energie uit steenkool - machines - fabrieken)

  2. Betere hygiëne en medische kennis

  3. Meer voedsel, sneller en betrouwbaarder

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

Kijk nu eens naar de vorm van deze grafiek. Hou zouden we dit soort grafiek noemen?

Deze slide heeft geen instructies

Kijk nu eens naar de vorm van deze grafiek. Hou zouden we dit soort grafiek noemen?

Deze slide heeft geen instructies

  1. Voor de industriële revolutie: hoge sterfte → lage groei

  2. Na de industriële revolutie: lage sterfte + genoeg voedsel → snelle groei

Deze slide heeft geen instructies

2.2 Demografisch transitiemodel

Deze slide heeft geen instructies

Het demografisch transitiemodel beschrijft hoe de bevolking van een land verandert doorheen de tijd, door te kijken naar het geboortecijfer en het sterftecijfer.



In het begin hebben landen veel geboorten en veel sterfgevallen, waardoor de bevolking nauwelijks groeit. Door betere voeding, hygiëne en medische zorg daalt eerst het sterftecijfer. Omdat het geboortecijfer nog hoog blijft, groeit de bevolking dan heel snel. Pas later beginnen mensen minder kinderen te krijgen en vertraagt de groei opnieuw.

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

p.19

Deze slide heeft geen instructies

p.19

Deze slide heeft geen instructies

Hoe lees- en gebruik ik het demografisch transitiemodel ?

Het demografisch transitiemodel toont hoe het geboortecijfer, het sterftecijfer en de bevolkingsgroei veranderen wanneer een samenleving evolueert.

zie dit als het verhaal van onze evolutie !

Deze slide heeft geen instructies

Het grote verhaal

Vroeger stierven veel mensen jong en kregen gezinnen veel kinderen.
Later stierven minder mensen door betere voeding, hygiëne en geneeskunde. Nog later begonnen mensen minder kinderen te krijgen

Deze slide heeft geen instructies

Pre-transitie

Wat kan je zeggen over het geboortecijfer, sterftecijfer en de groei?

Deze slide heeft geen instructies

Pre-transitie

Wat kan je zeggen over het geboortecijfer, sterftecijfer en de groei?

"Er worden veel kinderen geboren, maar veel mensen sterven jong.
De bevolking blijft ongeveer even groot."

Deze slide heeft geen instructies

Fase 1

Wat kan je zeggen over het geboortecijfer, sterftecijfer en de groei?

Deze slide heeft geen instructies

Fase 1

Wat kan je zeggen over het geboortecijfer, sterftecijfer en de groei?

Mensen leven langer, maar blijven nog evenveel kinderen krijgen.

= Sterfte daalt – geboorten blijven hoog – snelle groei

Deze slide heeft geen instructies

Fase 2

Wat kan je zeggen over het geboortecijfer, sterftecijfer en de groei?

Mensen krijgen minder kinderen door onderwijs, werk, anticonceptie en urbanisatie.
= Geboortecijfer daalt – sterfte blijft laag – groei vertraagt

Deze slide heeft geen instructies

Post-transitie

Wat kan je zeggen over het geboortecijfer, sterftecijfer en de groei?

Er worden weinig kinderen geboren en mensen worden oud.
De bevolking groeit nauwelijks nog.

Deze slide heeft geen instructies

Het demografisch transitiemodel toont geen aantallen mensen,
maar veranderingen in geboorten en sterften door de tijd.

Deze slide heeft geen instructies

?

In de volgende les bekijken we hoe deze veranderingen zichtbaar worden in een bevolkingspiramide.

Deze slide heeft geen instructies




Het demografisch transitiemodel toont het proces, en de bevolkingspiramide toont het resultaat op één moment.

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies

p.20

Deze slide heeft geen instructies

p.20

Deze slide heeft geen instructies