Middeleeuwen

Literatuurgeschiedenis
Middeleeuwen
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

Literatuurgeschiedenis
Middeleeuwen

Slide 1 - Tekstslide

Hoofd-kenmerken

  • Theocentrisme (God/het geloof staat centraal)​
  • Gemeenschapsgevoel (het individu is ondergeschikt aan de samenleving)​
  • Memento mori (het hiernamaals is belangrijker dan het heden)​

Slide 2 - Tekstslide

Culturele context
Wereldlijke cultuur (adel, ridders, stad)
Geestelijke cultuur (religieus, kerk)


Slide 3 - Tekstslide

Christelijk Europa

  • Christelijk kerk breidde zich uit
  • Een erkende kerk in West-Europa: rooms-katholieke kerk
  • Geestelijke literatuur werd belangrijk
  • Kunst had religieuze bedoeling

Slide 4 - Tekstslide

Voorbeelden: exempelen, waaronder heiligenlevens en Marialegendes (Mariken van Nieumeghen en Beatrijs)

Slide 5 - Tekstslide

In het Midden-Oosten kwam de Islam op
In het Midden-Oosten kwam de Islam op.
In het Midden-Oosten kwam de Islam op.

Slide 6 - Tekstslide

Europa reageerde hierop met de kruistochten.

Slide 7 - Tekstslide

Standen-
maatschappij

1. Geestelijkheid
2. Adel
3. Boeren en vissers (later ook burgers)

Slide 8 - Tekstslide

Geestelijkheid
  • Reguliere geestelijkheid (monniken en nonnen)

  • Wereldlijke geestelijkheid (paus, bisschoppen, pastoor)

Slide 9 - Tekstslide

Feodale systeem
  • Koning (= leenheer) > leende land uit om beschermen/besturen 
  • Adel (= leenmannen/vazallen) > trouw zweren aan leenheer
  • Maar, zij leenden het land zelf ook weer uit 
  • Achterleenmannen
  • Op het land werkten de boeren

Slide 10 - Tekstslide

Hoofsheid
Voorbeeld wereldlijke cultuur

Gedragsregels, beschaafde omgangsvormen, zelfbeheersing

In literaire teksten speelt hoofse liefde belangrijke rol

Slide 11 - Tekstslide

Literaire ontwikkelingen

Slide 12 - Tekstslide

Teksten en schrijvers (1)

  • Boekdrukkunst nam handschriften/manuscripten over
  • Schrijvers vaak onbekend, werkten in opdracht (mecenas)
  • 3 literaire milieus: hovelingen, stedelingen, geestelijken

Slide 13 - Tekstslide

Hebban olla vogala nestas higunnan is de oudste Nederlandse tekst, geschreven in een Engels klooster door een monnik.​

Slide 14 - Tekstslide

Teksten en schrijvers (2)

  • Middelnederlandse teksten vooral vertaald/bewerkt
  • Originaliteit niet van belang
  • Voorleescultuur zorgde voor rijmende teksten
  • Doel teksten: vermaak en boodschap

Slide 15 - Tekstslide

De orale traditie, ookwel voorleescultuur, werden voorgedragen door rondtrekkende jongleurs.​ Manuscripten waren duur en voor de elite bestemd.​

Slide 16 - Tekstslide

Ridderromans
  • Educatief voor jonge ridders
  • Vermakelijk door spannende verhalen
  • In traditie heldenepos
  • Twee categorieën: Karelepiek en hoofse romans (o.a. Arturromans)

Slide 17 - Tekstslide

Karelepiek
  • Verhalende teksten over Karel de Grote
  • Strijd tegen heidenen of spanningen binnen feodale systeem 
  • Groepstrouw van belang, geweld normaal
  • Voorbeelden: Roelandslied

Slide 18 - Tekstslide

Karel ende Elegast bekendste voorbeeld Karelepiek

Slide 19 - Tekstslide

Arturroman: Ridders en koning Artur zijn de helden

Slide 20 - Tekstslide

Arturroman
  • Voorbeeld hoofse roman
  • Ontdekken identiteit hoofdpersoon centraal
  • Tedere gevoelens naar vrouw
  • Avontuur/queeste
  • Voorbeelden: Walewein

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Dierverhaal
  • Afspiegeling mensenwereld
  • Satire/bespotting
  • Kritiek op de maatschappij
  • Voorbeeld: Van den vos Reynaerde

Slide 23 - Tekstslide