Samen boodschappen doen!
Samen boodschappen doen!
Wat weet je nog over boodschappen doen?
Leerdoel
Aan het einde van deze les kun je vertellen wat je nodig hebt om boodschappen te doen en zelf boodschappen doen.
Wat neem je ook alweer mee naar de winkel?
Denk aan je boodschappentas, een boodschappenlijstje en geld.
Praten in de winkel
Hoe vraag je ook alweer waar iets ligt? Bijvoorbeeld: 'Waar zijn de appels?'
Woorden voor boodschappen doen
Brood, melk, appels, kaas, boter
Producten
Handelingen
pakken, zoeken, vinden, betalen
Wat kies jij?
Bedenk welke producten je graag wilt kopen. Maak een lijstje.
Rekenen in de winkel
Tel het geld dat je nodig hebt. Hoeveel kost alles samen?
Reflectie: hoe ging het boodschappen doen?
Wat vond je makkelijk? Wat vond je lastig? Wat wil je beter leren?
Schrijf 3 dingen op die je deze lessen +32hebt geleerd.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.