Breuken, vereenvoudigen, gelijk maken, tellen met breuken.

1 / 17
volgende
Slide 1: Slide
newEditorRekenenMBOStudiejaar 1,2

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Deze les gaat over breuken


Na deze les weet je:

  • Wat zijn breuken

  • Hoe je breuken kunt vereenvoudigen

  • Hoe breuken kunt optellen

  • Hoe je breuken gelijk kunt maken



Breuken





Hoeveelste deel krijg jij?


Wat is een breuk?

A

Een deelsom.

B

Een deel van een geheel.

C


D


Welke breuk is groter?

A

4/9

B

4/11

C


D


Wat is in deze breuk de noemer?

A

3

B

2

C

5

D

6

Breuken vereenvoudigen 

De noemer en teller moet je kunnen delen door hetzelfde getal.

Bijvoorbeeld beide door 2 of 3 of 5 of 7 



Breuken gelijk maken

Breuken optellen

Een nieuwe gameconsole kost € 600. James heeft al twee derde van het bedrag gespaard. Hoeveel heeft James al gespaard?

Deel van

x € 600 = 

Bereken 2/5 deel van €110

A

€ 20

B

€44

C

€22

D

€54

Maak de instaptoets Breuken

(basis)