H3: weglatingsstreepje en koppelteken

Spelling
weglatingsstreepje en koppelteken
Maak eerst opdracht 1 op blz. 116
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Spelling
weglatingsstreepje en koppelteken
Maak eerst opdracht 1 op blz. 116

Slide 1 - Tekstslide

Doelen:

Ik weet wanneer ik een weglatingsstreepje moet gebruiken


Ik weet wanneer ik een koppelteken moet gebruiken

Slide 2 - Tekstslide

Wat valt je op aan volgende zinnen?
Dinsdagavond en woensdagavond ga ik sporten.

Fietsvakanties, werkvakanties en taalvakanties zijn best populair. 

Ik heb posters van filmhelden en filmpersonages op mijn kamer.

Slide 3 - Tekstslide

Weglatingsstreepje
Dinsdagavond en woensdagavond ga ik sporten.
Fietsvakanties, werkvakanties en taalvakanties zijn best populair. 
Ik heb posters van filmhelden en filmpersonages op mijn kamer.

Samengestelde woorden. Soms kun je een deel vervangen door een weglatingsstreepje. 


Slide 4 - Tekstslide

Dan krijg je:

Dinsdag- en woensdagavond ga ik sporten.


Fiets-, werk- en taalvakanties zijn best populair.


Ik heb posters van filmhelden en -personages op mijn kamer.

Slide 5 - Tekstslide

Noteer het weglatingsstreepje op de juiste plek:

wielerwedstrijden en hardloopwedstrijden

Slide 6 - Open vraag

Nog eens:
wiellengte of neuslengte

Slide 7 - Open vraag

Kijk eens naar de volgende woorden:

radioomroep

autoongeluk

70jarige

%teken

NoordNederland

haatliefdeverhouding

Slide 8 - Tekstslide

Theorie (koppelteken)
Koppeltekens gebruiken we:
*om leesfouten te vermijden:
zo-even, stage-uren, radio-omroep, na-apen
* in aardrijkskundige namen met een extra toevoeging:
Noord-Brabant, Zuid-Amerika, Midden-Nederland
*bij cijfers, letters , andere tekens,afkortingen en St of Sint:
  -teken, vmbo-leerling, 70-jarige, tbs-kliniek, Sint-Janskerk

Slide 9 - Tekstslide

* in samenkoppelingen die anders onoverzichtelijk worden:
 staakt-het-vuren, doe-het-zelfzaak, Jip-en-Janneketaal
* In woorden met de voorvoegsels adjunct-, aspirant-, bijna-, ex-, interim-, kandidaat-, leerling-, niet-, non-, oud- : 
adjunct-directeur, bijna-botsing, ex-vrouw 
en voor een hoofdletter bij bij de voorvoegsels anti-, oer-, on-, en pro-:
anti-Frans, on-Engels
* in samenstellingen van twee gelijkwaardige woorden:
singer-songwriter, whisky-soda


Slide 10 - Tekstslide

Even testen

Slide 11 - Tekstslide

Waar is het koppelteken juist gebruikt?
A
minijurk
B
mini-jurk

Slide 12 - Quizvraag

Waar is het koppelteken juist gebruikt?
A
BMIwaarden
B
BMI-waarden

Slide 13 - Quizvraag

Waar is het koppelteken juist gebruikt?
A
14 jarigen
B
14-jarigen

Slide 14 - Quizvraag

Wat is juist?
A
ex-roker
B
ex roker
C
exroker
D
ëxroker

Slide 15 - Quizvraag

Wat is juist?
A
mee-ëten
B
mee-eten
C
meeëten
D
meëeten

Slide 16 - Quizvraag

Typ de zin over en noteer het weglatingsteken:

Op die manier kun je exact bepalen welke deelnemer met een wiellengte of neuslengte voorsprong heeft gewonnen.

Slide 17 - Open vraag

Typ de zin over en noteer het weglatingsteken:

Moderne digitale opnametechnologie en afdruktechnologie maakt dat overbodig.

Slide 18 - Open vraag

Doel: ik weet wanneer ik een weglatingsstreepje moet gebruiken
A
Dit kan ik
B
Dit kan ik (nog) niet

Slide 19 - Quizvraag

Doel: ik weet wanneer ik het koppelteken moet gebruiken
A
Dit kan ik
B
Dit kan ik (nog) niet

Slide 20 - Quizvraag

Werken aan de planning: 
  • Paragraaf spelling opdr. 1 t/m 8 
  • Paragraaf Formuleren opdr. 1 t/m 4  
  • Spelling – test , dictee, werkwoorden  
Oefenen met behandelde theorie:

Maak opdracht 7, 8, 10  op blz. 236 en verder

Slide 21 - Tekstslide