W3 L1: Utilisme II

Herhaling
Zonder boek, zonder aantekeningen
B: Descriptief of prescriptief:
"Filosofie is een heel belangrijk vak."
A: Leg uit wat het hedonisme en het consequentialisme inhoudt.
C: Leg uit wat volgens Plessner het verschil tussen mens en dier is.
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
FilosofieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 25 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Herhaling
Zonder boek, zonder aantekeningen
B: Descriptief of prescriptief:
"Filosofie is een heel belangrijk vak."
A: Leg uit wat het hedonisme en het consequentialisme inhoudt.
C: Leg uit wat volgens Plessner het verschil tussen mens en dier is.

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Herhaling
Zonder boek, zonder aantekeningen
B: "Filosofie is een heel belangrijk vak."
Prescriptief
A: Consequentialisme: Alleen de uitkomst van een actie is moreel relevant.
Hedonisme: Alleen geluk heeft intrinsieke waarde.
C: De mens heeft ex-centriciteit. Dieren alleen centriciteit.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  1. Herhalingg
  2. Leerdoelenkaart
  3. Uitleg: Utilisme
  4. Toepassen van het utilisme
  5. Kritiek op utilisme
Programma

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ethische stromingen
Stroming:
Utilisme
Plichtethiek
Deugdethiek
Wat heeft intrinsieke waarde?
Wat moet je wel doen?
Wat moet je niet doen?
Wat gebruik je om er achter te komen wat je moet doen?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

3. Ik kan de utilistische ethiek uitleggen, toepassen en beoordelen.
Dat betekent:
• Ik kan uitleggen dat het utilisme een morele theorie is die bepaalt wat goed op basis van wat het meeste plezier oplevert voor de meeste mensen
• Ik kan het utilisme toepassen op een voorbeeld met gebruik van de hedonistische calculus
• Ik kan kritiek geven op het utilisme

Leerdoelen utilisme

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hedonisme: Alleen geluk heeft intrinsieke waarde.

Consequentialisme: Alleen de uitkomst van een actie is moreel relevant.

Wat moet je doen als je in allebei deze ideeën gelooft?

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Filosoof: Jeremy Bentham

Regel: "Handel altijd zo dat je handeling het meeste geluk voor de grootste hoeveelheid mensen oplevert."

Utilisme is: Consequentialistisch, hedonistisch en gelijk


Utilisme:

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gelijkheid:

Volgens utilisme is alleen geluk belangrijk. Het maakt niet uit wiens geluk dit is. Iedereen telt even veel mee.
Utilisme:

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

"Handel altijd zo dat je handeling het meeste geluk voor de grootste hoeveelheid mensen oplevert."

Leg uit waarom de bovenstaande zin consequentialistisch en hedonistisch leg ook uit waarom de zin van gelijkheid uitgaat.
Controlevraag:
timer
3:00

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De uitspraak is consequentialistisch omdat alleen de uitkomst van je daad tellen.
Hij is hedonistisch omdat geluk het belangrijkste wordt genoemd.
Hij is gelijk omdat het geluk van alle mensen telt.
Controlevraag:
timer
3:00

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

3. Ik het utilistische ethiek uitleggen, toepassen en beoordelen.
Dat betekent:
• Ik kan uitleggen dat het utilisme een morele theorie is die bepaalt wat goed op basis van wat het meeste plezier oplevert voor de meeste mensen
• Ik kan het utilisme toepassen op een voorbeeld met gebruik van de hedonistische calculus
• Ik kan kritiek geven op het utilisme

Leerdoelen utilisme

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hedonistische calculus: 
Een soort berekening die utilisten maken om te kijken wat ze moeten doen. Hiervoor kijken naar hoeveel geluk (of pijn) een daad oplevert en voor hoe veel mensen.
Utilisme toepassen

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Als je de hedonistische calculus toepast op een dilemma moet je:

  • Alle mogelijke opties van het dilemma bespreken
  • Laten zien welk geluk of pijn deze acties opleveren
  • Laten zien voor hoe veel mensen dit is
  • Een afweging maken welke keuze het beste is volgens de utilisten
Utilisme toepassen

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een net nieuwe vriend vraagt of je haar schoenen mooi vind. Je vind ze eigenlijk lelijk. Wat moet je doen?
Oefendilemma's
Iemand ligt op het spoor vastgebonden en er komt een trein aan. Je kan de trein stoppen door je hand ervoor te gooien, maar dan ben je je hand kwijt.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

3. Ik het utilistische ethiek uitleggen, toepassen en beoordelen.
Dat betekent:
• Ik kan uitleggen dat het utilisme een morele theorie is die bepaalt wat goed op basis van wat het meeste plezier oplevert voor de meeste mensen
• Ik kan het utilisme toepassen op een voorbeeld met gebruik van de hedonistische calculus
• Ik kan kritiek geven op het utilisme

Leerdoelen utilisme

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Casus 1: Je maakt een wandeling door het park. Plotseling hoor je een kind om hulp roepen. Je ziet een peuter verdrinken in de vijver. Je kan in het water springen om haar te redden, maar je hebt net nieuwe schoenen gekocht voor 150 euro.

Wat doe je?
Ik kan kritiek geven op het utilisme

Slide 16 - Tekstslide

https://neal.fun/absurd-trolley-problems/
Casus 2: Je staat in de winkel om hele mooie nieuwe schoenen te kopen voor 150 euro. Je wilt bijna afrekenen, maar plotseling bedenk je dat er in Nigeria veel kinderen Malaria hebben. Voor elke tien euro die je aan een goed doel geeft kan een kind gered worden van Malaria.
  
Wat doe je?
Ik kan kritiek geven op het utilisme

Slide 17 - Tekstslide

https://neal.fun/absurd-trolley-problems/
Kritiek 1: Utilisme is te veeleisend, bijna elke keer dat je iets voor jezelf doet in plaats van anderen te helpen ben je volgens utilisten slecht bezig.


Ik kan kritiek geven op het utilisme

Slide 18 - Tekstslide

https://neal.fun/absurd-trolley-problems/
Casus 3: Kadir is jarig en gaat koekjes uitdelen aan VWO4. Hij heeft precies 5 koekjes. Meneer Langhout vind koekjes alleen zo lekker dat hij meer plezier krijgt als hij alle 5 koekjes opeet dan wanneer iedereen 1 koekje eet.

Wat doe je?
Ik kan kritiek geven op het utilisme

Slide 19 - Tekstslide

https://neal.fun/absurd-trolley-problems/
Kritiek 1: Utilisme is te veeleisend, bijna elke keer dat je iets voor jezelf doet in plaats van anderen te helpen ben je volgens utilisten slecht bezig.

Kritiek 2: Utilisme is niet rechtvaardig omdat het soms zegt dat een kleine groep mensen veel geluk moeten krijgen.

Ik kan kritiek geven op het utilisme

Slide 20 - Tekstslide

https://neal.fun/absurd-trolley-problems/
Casus 4: Een man loopt een ziekenhuis binnen. Hij heeft een gezond hart, lever en nieren. In het ziekenhuis ligt 1 patiënt die een nieuw hart nodig heeft, 1 die een lever nodig heeft, en 1 die nieren nodig heeft anders gaan ze dood.

Wat doe je?
Ik kan kritiek geven op het utilisme

Slide 21 - Tekstslide

https://neal.fun/absurd-trolley-problems/
Kritiek 1: Utilisme is te veeleisend, bijna elke keer dat je iets voor jezelf doet in plaats van anderen te helpen ben je volgens utilisten slecht bezig.

Kritiek 2: Utilisme is niet rechtvaardig omdat het soms zegt dat een kleine groep mensen veel geluk moeten krijgen.

Kritiek 3: Utilisme staat te veel toe. Volgens het utilisme kan het goed zijn om te liegen, moorden of mensen pijn te doen als dat meer geluk oplevert.

Ik kan kritiek geven op het utilisme

Slide 22 - Tekstslide

https://neal.fun/absurd-trolley-problems/
3. Ik het utilistische ethiek uitleggen, toepassen en beoordelen.
Dat betekent:
• Ik kan uitleggen dat het utilisme een morele theorie is die bepaalt wat goed op basis van wat het meeste plezier oplevert voor de meeste mensen
• Ik kan het utilisme toepassen op een voorbeeld met gebruik van de hedonistische calculus
• Ik kan kritiek geven op het utilisme

Leerdoelen utilisme

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ethische stromingen
Stroming:
Utilisme
Plichtethiek
Deugdethiek
Wat heeft intrinsieke waarde?
Wat moet je wel doen?
Wat moet je niet doen?
Wat gebruik je om er achter te komen wat je moet doen?

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vul de leerdoelen in.

Neem je leerdoelenkaart mee naar elke les.

Aan het einde van elke les vul je de aantekening bij het leerdoel in
Leerdoelenkaart

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies