p3/week 1

1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Goals for today
  • Introduction period 3
  • Introduction + Start Chapter 5
  • I can use words, sentences and grammar that I have learned before

les 1

Slide 3 - Tekstslide

REGELS
Als je binnen in het lokaal komt en tijdens de les:
  • jas uit  , telefoon in je tas                                                                       
  • boek/pen/schrift of map/laptop op de tafel
  • klaar voor de les 
  • stil tijdens de les; je blijft op je plaats; iets vragen/een antwoord geven-->hand opsteken
WELKOM HB2B !

Slide 4 - Tekstslide

REGELS
Geen wc bezoek tijdens de les!

RESPECT VOOR ELKAAR

Slide 5 - Tekstslide

Als je de regels niet respecteert...
  • 3 keer HV - nablijven + strafwerk
  • 3 keer MV - nablijven + strafwerk
  • als je de les verstoord - je pasje bij mij inleveren en nablijven + strafwerk

Slide 6 - Tekstslide

DIGI UUR
Elke donderdag (onze laatste les van de week) - check in Slim Stampen

Opdrachten niet gemaakt? - > Blijf je op donderdag de 10de uur op school deze af te maken.

Slide 7 - Tekstslide

Introduction P 3

Slide 8 - Tekstslide

Introduction Chapter 5

Slide 9 - Tekstslide

Wat hebben we geleerd tijdens periode 2?

Slide 10 - Tekstslide

Vocabulary exercises
Getting started
p. 58/ex. 1,2



Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Grammar exercise
Getting started
p. 59/ex. 3



Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

showbiz

Slide 15 - Woordweb

Make: p. 59/ex.4

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Goals for today
  • Homework check
  • I can use                                    (bijvoeglijke naamwoorden) in a sentence correctly 
les 2

Slide 19 - Tekstslide


p. 59/ex.4

Slide 20 - Tekstslide

LOG IN LESSONUP...

Slide 21 - Tekstslide

adjectives

Slide 22 - Woordweb

Drag and drop: Match the pictures with the adjectives
ex.1

Slide 23 - Tekstslide

angry
joyful
weird
curious
focussed
stunning

Slide 24 - Sleepvraag

Do you remember the rule?
WAT
WAAR
WIE
DOET
WANNEER

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

1.  ran/ into/ unicorn/ The/ forest/ dark/ the.
2.  She/ shy/ seems.
3. wanted/ table/ a/ We/ grey.
4. dancers/ The/ stunning/ costumes/ their/look.
5. for/ He/ looking/ bag/ a/ is/ leather.
6. The/ wears/ Friday/ every/ woman/ a/ dress/ yellow.
7. stood/ bridge/ by/ A/ troll/ small/the.
ex.2
Put the words into the correct order to make sentences. Write them down in your map/schrift.
Zelfstandig werken.

Slide 27 - Tekstslide

Goal

  • I can say what I like and what I don`t like about movies and series (using adjectives) 
les 3

Slide 28 - Tekstslide

What can you tell about ...
ADJECTIVES?
Examples?
+

Slide 29 - Tekstslide

opdracht- work in groups
Step 1: Kies een serie/film die je leuk/ niet leukt vindt en leg uit waarom. 
Gebruik zo veel mogelijk bijvoeglijke naamwoorden (adjectives).
De groepen krijgen een punt voor elke bijvoeglijke naamwoord  die ze hebben benoemd.
Let op de woordvolgorde!

Step 2: Elke groep krijgt 2 minuten om te presenteren.  


Slide 30 - Tekstslide

groep 1 : Anouar, Asmae, Shanaya - film
groep 2: Maryam, Saif, Inssaf-serie
groep 3: Emre, Nabilla, Nisrine- film
groep 4: Richard, Chaimae, Kadir- serie
groep 5: Leyla, Zeynep, Nadia, Mucella- film

Slide 31 - Tekstslide

Wat is de vaste woordvolgorde in het Engels?
A
wie-wat-doet-wanneer-waar
B
wie-doet-wat-waar-wanneer
C
wie-doet-wat-wanneer-waar

Slide 32 - Quizvraag

Write down 6 sentences using these adjectives : weird, stunning, curious,angry joyful, focussed


Use 1 adjective for each a sentence.
Let op: woordvolgorde.

Slide 33 - Tekstslide

Goals for today
  • Homework check
  • I can use the Present Perfect in a sentence (affirmative+negative)
les 4

Slide 34 - Tekstslide

Write down 6 sentences using these adjectives : weird, stunning, curious,angry joyful, focussed

 Use 1 adjective for each a sentence.
+ nabespreken

Slide 35 - Tekstslide

What do you remember about the PRESENT PERFECT ?
(voltooid tegenwoordige tijd)

Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Tekstslide

you 
we
they
he
she
it
have seen
has visited

Slide 38 - Sleepvraag

Slide 39 - Tekstslide

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Tekstslide

Ex. 1 Put the verbs in brackets into the Present Perfect (affirmative).

Zelfstandig werken. /5 minuten/
1. I (see) _____________________ her before.
2. She (cut) ______________________ her finger.
3. He (visit) ______________________his grandfather.
4. They (be) ______________________ in Spain before.
Make this exercise in your map/schrift.
5. We (know)_____________________ each other for six weeks.
6. I (try) ___________________________to call him three times this morning.
7. He (study) ________________________ English for two years.

Slide 42 - Tekstslide

Slide 43 - Tekstslide

Ex. 1 Put the verbs in brackets into the Present Perfect (negative).

Zelfstandig werken. / 3 minuten/
1. I (see) _____________________ her before.
2. She (cut) ______________________ her finger.
3. He (visit) ______________________his grandfather.
4. They (be) ______________________ in Spain before.
Make this exercise in your map/schrift.
5. We (know)_____________________ each other for six weeks.
6. I (try) ___________________________to call him three times this morning.
7. He (study) ________________________ English for two years.

Slide 44 - Tekstslide

What did I learn today?

Complete the sentences. Use the Present Perfect

Slide 45 - Tekstslide

1. I ____ (wash) my hands.

Slide 46 - Open vraag

2. She ____________ (not-been) to Amsterdam.

Slide 47 - Open vraag

onregelmatige werkwoorden/blz.215-216 (de onregelmatige werkwoorden van blz. 215 en de helft van blz. 216 hebben jullie al geleerd)

Slide 48 - Tekstslide