Thema 6 BS 3-1 Samenleven 2V

BS 3 Samenleven - deel 1
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

BS 3 Samenleven - deel 1

Slide 1 - Tekstslide

Doel BS 3
  • Je kunt uitleggen hoe de grootte van een populatie wordt beïnvloed
  • Je kunt een optimumkromme aflezen en zelf maken
  • Je kunt uitleggen wat een biologisch evenwicht is
  • Je kunt de verschillende vormen van symbiose noemen, omschrijven en voorbeelden geven

Slide 2 - Tekstslide

Eekhoornpopulatie

Slide 3 - Tekstslide

Populatie
Populatie = een groep organismen van dezelfde soort binnen één gebied (ecosysteem).

Populatiegrootte = het aantal individuen in een populatie

Slide 4 - Tekstslide

Eekhoorn - opdracht
Je wilt de eenkoorn populatie vergroten in een gebied. 
Beschrijf een zo gunstig mogelijke leefomgeving voor de eekhoorn.
Maak onderscheid tussen abiotische en biotische factoren.


Slide 5 - Tekstslide

Eekhoorn - opdracht
"De eekhoorn voedt zich met name met plantaardig materiaal als noten en zaden van sparren en pijnbomen."

Biotisch
Veel sparren
Veel pijnbomen


Slide 6 - Tekstslide

Hoe groot is een populatie?
Optimale omstandigheden: abiotische en biotische factoren zijn zo gunstig mogelijk: de populatie kan zo groot mogelijk worden.
Abiotische factoren, bijvoorbeeld een optimale temperatuur/ vochtigheid voor het organisme.
Biotische factoren, bijvoorbeeld voldoende voedsel, weinig roofdieren, concurrentie.

Slide 7 - Tekstslide

Optimumkromme
Voor elke abiotische factor kun je meten hoe de overlevingskans is van een bepaald organisme. Bijvoorbeeld temperatuur.

Slide 8 - Tekstslide

Teken de optimumkromme voor temperatuur voor een eekhoorn

Slide 9 - Open vraag

Biologisch evenwicht
De meeste populaties schommelen om een bepaald vast punt over de jaren heen: biologisch evenwicht.

De populaties van roofdieren en prooidieren beïnvloeden elkaar.

Slide 10 - Tekstslide

Biologisch evenwicht

Slide 11 - Tekstslide

Welke lijn roofdier/ prooidier?

Slide 12 - Tekstslide

Relaties tussen soorten

Slide 13 - Tekstslide

Relaties tussen soorten
Symbiose:

samenlevingsvorm tussen soorten (anders dan voedselrelatie).

Slide 14 - Tekstslide

Relaties tussen soorten
Stel ik heb autovervoer nodig en ik heb geen auto. Welke opties heb ik?

Slide 15 - Tekstslide

Symbiose: Mutualisme
ik: 



taxichauffeur:

Slide 16 - Tekstslide

Symbiose: Commensalisme
ik: 



chauffeur:

Slide 17 - Tekstslide

Symbiose: Parasitisme
ik: parasiet



eigenaar: gastheer

Slide 18 - Tekstslide

Neem de tabel over en vul aan

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Doel BS 3
  • Je kunt uitleggen hoe de grootte van een populatie wordt beïnvloed
  • Je kunt een optimumkromme aflezen en zelf maken
  • Je kunt uitleggen wat een biologisch evenwicht is
  • Je kunt de verschillende vormen van symbiose noemen, omschrijven en voorbeelden geven

Slide 23 - Tekstslide

Huiswerk
Opdracht 1, 2, 6, 7, 8, 9 van BS 3


Slide 24 - Tekstslide