4. Rechtlijnige bewegingen

Rechtlijnige bewegingen


1 / 49
volgende
Slide 1: Slide
newEditorFysicaSecundair onderwijs

In deze les zitten 49 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 180 min

Onderdelen in deze les

Rechtlijnige bewegingen


1. De rechtlijnige beweging

p4

Rechtlijnige (ééndimensionale) beweging

  •  

Rechtlijnige (ééndimensionale) beweging

  •  

1.1 Positie en Tijdstip

  • 1) Positie

    • Geeft aan waar het systeem zich bevindt


  • Beschrijven van een beweging

    • ieder tijdstip een positie geven

    • (x, t)-tabel + (x, t)-grafiek

= vectoriele grootheid!

1.2 Verplaatsing

  • De verplaatsing in een tijdsinterval Δt is de verandering van de positie in dat tijdsinterval  ΔX = X2 – X1


  • Delta t = de verandering in tijd

  • Delta X = de verandering van de ‘plaats’ (positie)

    • Kan + als – zijn!

= vectoriele grootheid!

1.4 Afgelegde weg ≠ verplaatsing

  • De afgelegde weg = de totale lengte van het gevolgde traject weer

  • de verplaatsing = het verschil tussen begin- en eindpositie.


  • Vooral bij tweedimensionale bewegingen is de afgelegde weg vaak groter dan de verplaatsing, maar ook bij ééndimensionale bewegingen zijn beide grootheden niet noodzakelijk gelijk.

1.4 Het tijdsverloop

1.5 Snelheid

1.5 Snelheid

oefening

(v, t)-Tabel + grafiek

  • Willen we een beweging zo volledig mogelijk beschrijven  (v, t)-Tabel + grafiek

  •  op ieder tijdstip, de snelheid van het voorwerp geven

Wist je dat?  referentiematen!

Deze 3 moet je kennen!

Hoe omrekenen?

Km/u  m/s = delen door 3,6

m/s  km/u = maal 3,6

1.6 Versnelling

1.6 Versnelling

We gebruiken het symbool a voor de versnelling, zowel bij een versnelde als bij een vertraagde beweging.


De versnelling kan constant zijn, maar kan ook veranderen in de loop van de tijd.

(a, t) – tabel + grafiek

  •  geeft weer hoe een versnelling tijdens de beweging evolueert

Historie van beweging

  • Doorheen de geschiedenis hebben wetenschappers beweging bestudeerd.

  • Galileo legde de basis van de bewegingsleer en introduceerde belangrijke begrippen zoals traagheid.

  • Newton formuleerde bewegingswetten waarmee we alledaagse bewegingen goed kunnen beschrijven.

  • Bij zeer hoge snelheden volstaat dit echter niet, en daarom ontwikkelde Einstein de relativiteitstheorie.

  • De kinematica bestudeert hoe voorwerpen bewegen zonder naar krachten te kijken, terwijl de dynamica onderzoekt welke krachten die beweging veroorzaken.


HFST 2: De eenparig rechtlijnige beweging

p15

Herhaling de eerste wet van newton

  • https://www.menti.com/alhz4d5gg85q


Eerste wet van newton


ERB – Eenparig rechtlijnige beweging


Meetresultaat

verwerking



verwerking

Controle van het vermoeden

  • Kies verschillende tijdsintervallen (Δt)

  • Bereken de bijhorende verplaatsing (Δx)

  • Δx neemt toe als Δt toeneemt


⇒ opnieuw een recht evenredig verband


Besluit

  • Bereken de verhouding Δx / Δt

  • Deze verhouding blijft constant


Huistaak – ERB

De gemiddelde en ogenblikkelijke snelheid bij een erb

  • Bepalen van de snelheid

  • Start vanuit de (x, t)-tabel

  • Verdeel de beweging in opeenvolgende tijdsintervallen

  • Bepaal telkens het midden van het tijdsinterval

  • Bereken de gemiddelde snelheid


  • Berekening

  • Formule:
    v₍g₎ = Δx / Δt

  • Zet de berekende snelheden uit in de v₍g₎(t)-grafiek


De gemiddelde en ogenblikkelijke snelheid bij een erb

De gemiddelde en ogenblikkelijke snelheid bij een erb

De gemiddelde en ogenblikkelijke snelheid bij een erb

Constante snelheid

  • Gemiddelde snelheid is constant in alle kleine tijdsintervallen

  • Ogenblikkelijke snelheid = dezelfde constante waarde

  • Snelheid van het wagentje: 0,8 m/s

  • Het wagentje beweegt met constante snelheid

  • Geen onderscheid nodig tussen:

    • gemiddelde snelheid

    • ogenblikkelijke snelheid




Grafieken van een ERB

p21

De x-(t) grafiek

Vertrekken vanuit een ander tijdstip of plaats

Voorbeeld: Denk aan een rechte straat:

  • Het beginpunt (0 m) is een lantaarnpaal.

  • Jij staat al 2,5 meter verderop.

  • Je loopt verder van de lantaarnpaal weg.

Je begint dus niet bij 0, maar je beweegt wel in positieve richting.

De x-(t) grafiek

De x-(t)grafiek

De x-(t) grafiek

De grafiek is een x(t)-grafiek (plaats tegen tijd) met een dalende rechte lijn. Dat betekent:

  • De positie wordt kleiner in de tijd

  • De snelheid is constant en negatief

  • Het voorwerp beweegt in de tegengestelde richting van de positieve x-as

Voorbeeld 1: Stel je een auto op een rechte weg voor.

  • De positieve x-richting is naar het oosten.

  • De auto rijdt naar het westen (dus terug richting het beginpunt).

  • Elke seconde komt de auto dichter bij het startpunt.

Voorbeeld 2: Je staat 6 meter van een muur en loopt recht naar de muur toe met constante snelheid.
Je positie wordt steeds kleiner → precies zoals in de grafiek.

De v(t)-grafiek

Als we de oppervlakte onder de rechte berekenen voor een bepaald tijdsinterval, dan berekenen we v × Δt.
Dat komt overeen met Δx, de verplaatsing van het voorwerp in dat tijdsinterval.

Δx = v × Δt.



Verder oefenen

p29

begrijpen

Begrijpen

begrijpen

begrijpen