AH1: Het bezittelijk voornaamwoord

Wat is een bezittelijk vnw?
Wat is een bezittelijk vnw?
En hoe maak je dat in het Frans?
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

Wat is een bezittelijk vnw?
Wat is een bezittelijk vnw?
En hoe maak je dat in het Frans?

Slide 1 - Tekstslide

Voorbeelden
1. Marc est mon frère.
2. Ils sont tes parents.
3. C'est sa maison
4. C'est notre voiture.
5. Ce sont vos livres.
6. Ils font leurs devoirs.

Slide 2 - Tekstslide

Vul het juiste bez. vnw. in:
Je suis dans ... (mijn) chambre.
A
mon
B
ma
C
ta
D
sa

Slide 3 - Quizvraag

Vul het juiste bez. vnw. in:
Pierre et Marie sont ... (zijn) parents.
A
tes
B
mes
C
ses
D
les

Slide 4 - Quizvraag

Vul het juiste bez. vnw. in:
Paul est ... (haar) cousin.
A
son
B
sa
C
ses
D
mon

Slide 5 - Quizvraag

Let op!
Als het zelfstandig naamwoord vrouwelijk enkelvoud is en met een klinker of stomme h begint: altijd mon, ton of son!
Amélie est mon amie.  = Amélie is mijn vriendin.
C'est son école.         = Dat is zijn/haar school.


Slide 6 - Tekstslide

Vul het juiste bez. vnw. in:
1, Prof Holwerdalaan est ... (zijn) adresse .
A
ta
B
ton
C
mes
D
son

Slide 7 - Quizvraag

(Jouw) ami est très sympa
A
ton
B
ta
C
son
D
sa

Slide 8 - Quizvraag

(Haar) frère est très intelligent.
A
Son
B
Sa
C
Ton
D
Ta

Slide 9 - Quizvraag

(Zijn) parents sont très sévères
A
son
B
tes
C
ses

Slide 10 - Quizvraag

Vul in: _____ parents (jouw)
(begin met een hoofdletter)

Slide 11 - Open vraag

Vul in: _____ cousine (mijn)
(begin met een hoofdletter)

Slide 12 - Open vraag

Vul in: ____ amie (zijn)
(Begin met een hoofdletter)

Slide 13 - Open vraag

Vul in: _____ enfants (uw)
(begin met een hoofdletter)

Slide 14 - Open vraag