H1L8 - Spelling 1.9








: )



Planning van dit uur

  • Tien minuten stillezen
  • Leestekens: aanhalingstekens, komma, dubbele punt


Aan het einde van deze les
  • herhaal je hoe je leestekens goed gebruikt (punt, komma, uitroepteken, vraagteken);
  • leer hoe je hoe een dubbele punt en aanhalingstekens goed gebruikt.

Welkom 2THG
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les








: )



Planning van dit uur

  • Tien minuten stillezen
  • Leestekens: aanhalingstekens, komma, dubbele punt


Aan het einde van deze les
  • herhaal je hoe je leestekens goed gebruikt (punt, komma, uitroepteken, vraagteken);
  • leer hoe je hoe een dubbele punt en aanhalingstekens goed gebruikt.

Welkom 2THG

Slide 1 - Tekstslide

Stillezen
Wat
Lees in stilte uit je leesboek
Hoe
Individueel 
Hulp
Geen
Tijd
Tien minuten
Uitkomst
Over dit boek maak je je eerste leesopdracht
Klaar
Hierna gaan we verder met de les
timer
6:00

Slide 2 - Tekstslide

Welke schrijfwijze is juist?

Let op de leestekens.
A
Als je dat weggooit is dat slecht voor het milieu.
B
Als je dat weggooit, is dat slecht voor het milieu.

Slide 3 - Quizvraag

Welke schrijfwijze is juist?

Let op de leestekens.
A
Die grote groene sjaal is kwijt!
B
Die grote, groene sjaal is kwijt!

Slide 4 - Quizvraag

Welke schrijfwijze is juist?

Let op de leestekens.
A
De training begint altijd zo: inlopen, rekken en wat sprintjes.
B
De training begint altijd zo: inlopen, rekken, en wat sprintjes.

Slide 5 - Quizvraag

Welke schrijfwijze is juist?

Let op de leestekens.
A
Je kunt kiezen: je doet mee of je krijgt ruzie.
B
Je kunt kiezen, je doet mee of je krijgt ruzie.

Slide 6 - Quizvraag

Welke schrijfwijze is juist?

Let op de leestekens.
A
De woordvoerder van de gemeente zei: Duurzaamheid heeft de toekomst!
B
De woordvoerder van de gemeente zei: 'Duurzaamheid heeft de toekomst!'

Slide 7 - Quizvraag

Welke schrijfwijze is juist?

Let op de leestekens.
A
Wat betekent de uitdrukking 'baat het niet dan schaadt het niet'?
B
Wat betekent de uitdrukking: baat het niet dan schaadt het niet?
C
Wat betekent de uitdrukking: 'Baat het niet, dan schaadt het niet?'

Slide 8 - Quizvraag

Welke schrijfwijze is juist?

Let op de leestekens.
A
De Volkskrant berichtte: extreem weer is voor de helft het gevolg van de opwarming van de aarde.
B
De Volkskrant berichtte: 'Extreem weer is voor de helft het gevolg van de opwarming van de aarde'.
C
De Volkskrant berichtte: 'Extreem weer is voor de helft het gevolg van de opwarming van de aarde.'
D
De Volkskrant berichtte, 'Extreem weer is voor de helft het gevolg van de opwarming van de aarde'.

Slide 9 - Quizvraag

, komma ,
Tussen twee persoonsvormen van een samengestelde zin. 
 Om het virus te stoppen, moet iedereen thuisblijven.

Tussen twee bijvoeglijke naamwoorden
Onderzoekers werken in moderne, witte, felverlichte en koude laboratoria.
In een opsomming
Hij kocht ijs, slagroom en hoorntjes.

Slide 10 - Tekstslide

dubbele punt :
  • Na een dubbele punt: kleine letter
  • Behalve: citaat / naam 
Als aankondiging van een opsomming
Dit ga je doen:
1. Je opent de colafles.
2. Je voegt de mentos toe. 
Als aankondiging van een uitleg of een voorbeeld.
Je kunt kiezen: je werkt in een groepje van drie of je werkt alleen.
Als aankondiging van een citaat (iets wat iets of iemand zegt).
Carola: ‘Laat mij maar alleen werken, daar houd ik van.’

Slide 11 - Tekstslide

aanhalingstekens '
Bij een direct citaat
'Gebeurt er nog wat leuks hier?' vroeg mijn vriendin bij de deur.
Als je een letterlijk stukje uit een tekst overneemt
De Volkskrant berichtte: 'Extreem weer is voor de helft het gevolg van de opwarming van de aarde.'
Als je een woord of zin bijzondere aandacht wilt geven
Hoe spel je 'algoritme'? 

Slide 12 - Tekstslide

                   Individueel werken 
timer
6:00
Wat
Maak opdracht 6 en 8 t/m 11 van 1.9 Spelling (in je boek, bladzijde 74).
Hoe
Eerst vijf minuten individueel in stilte, daarna rustig overleggen
Hulp
Eerst vijf minuten zonder hulp, daarna kan je je vinger opsteken en dan kom ik langs
Tijd
Tot het einde van de les 
Uitkomst
Deze opdrachten zijn huiswerk
Klaar
Lees in je leesboek 

Slide 13 - Tekstslide

Samenvatting van de les
Jij
  • hebt herhaald hoe je leestekens goed gebruikt (punt, komma, uitroepteken, vraagteken);
  • hebt geleerd hoe je een dubbele punt en aanhalingstekens goed gebruikt.

Huiswerk 
  • Maak opdracht 6 en 8 t/m 11 van 1.9 Spelling (in je boek, bladzijde 74).

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide