H5.1 Je omgeving waarnemen

H5.1 Je omgeving waarnemen
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

H5.1 Je omgeving waarnemen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
  • Je kunt de werking van zintuigen beschrijven.
  • Je kunt de zintuigen noemen met hun ligging en hun prikkel.
  • VWO: Je kunt uitleggen wanneer zintuigen prikkels omzetten in zenuwimpulsen

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarnemen
Om je omgeving waar te nemen gebruik je zintuigen.

Zintuig = orgaan dat reageert op invloeden uit je omgeving.


Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Prikkels
Invloeden vanuit de omgeving.
Opgevangen door zintuigen, waardoor je ze kunt waarnemen.

Licht, geluid, geur, smaak en aanraking.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zintuigen
Hebben speciale zintuigcellen die prikkels opvangen.

Sturen een impuls (elektrisch signaal) naar de hersenen, via de zenuwen.
In je hersenen wordt je bewust van de prikkels.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zintuigen
Alle zintuigen samen = zintuigenstelsel


Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zintuigen en prikkels
Elk zintuig vangt andere prikkels op.

Sommige vangen er maar 1 op, andere 4.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zintuigen & prikkels
Geluid
Licht
Warmte
Kou
Druk
Aanraking
Geur
Smaak

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

zintuigen in de huid

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

B1: Je omgeving waarnemen
Zintuigen

Oren: 
  • Gehoorzintuig
  • Evenwichtszintuig

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Pijnpunten
  • pijnpunten nemen pijn waar. 
  • pijnpunten zijn vrije uiteinden van een gevoelszenuw. 

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

H5.7 VWO:
Adequate prikkel
Impuls

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  drempelwaarde

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Drempelwaarde
In de zintuigcellen ontstaan alleen impulsen als de prikkel sterk genoeg is.

De kleinste prikkel die een impuls veroorzaakt  = de drempelwaarde

Beïnvloeding van de drempelwaarde door gewenning

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 Impulsfrequentie
Hoe vaak een impuls ontstaat
Zwakke prikkel:
Lage impulsfrequentie

Sterke prikkel:
Hoge impulsfrequentie

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 Impulsfrequentie

Prikkelsterkte en frequentie zijn aan elkaar gekoppeld

Slide 18 - Tekstslide

Maar
Heeft de neus van een hond een hogere of een lagere drempelwaarde dan jouw neus?
A
Hij is gevoeliger dus een hogere drempelwaarde
B
Hij is minder gevoelig dus een hoger drempelwaarde
C
Hij is gevoeliger dus een lagere drempelwaarde
D
Hij is minder gevoelig dus een lagere drempelwaarde

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies