Hoofdstuk 6 Van politie naar officier

Vorige week in Hoofdstuk 5 
uitgangspunten van  het strafrecht 
Rechten van een verdachte 
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijleerMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 4

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Vorige week in Hoofdstuk 5 
uitgangspunten van  het strafrecht 
Rechten van een verdachte 

Slide 1 - Tekstslide

Hoe heet iemand die voor de rechter moet verschijnen en nog niet veroordeeld is?
A
Dader
B
Verdachte
C
delict Pleger
D
Misschien pleger

Slide 2 - Quizvraag

Wie bepaald of een verdachte van bedreiging schuldig is?
A
de rechter
B
advocaat
C
Officier van justitie
D
de koning

Slide 3 - Quizvraag

Wie bepaald of een verdachte voor de rechter moet verschijnen?
A
Rechter
B
Officier van justitie
C
Politie
D
ministerie van Justitie en Veiligheid

Slide 4 - Quizvraag

Een verdachte moet altijd antwoord geven op de vragen van de OvJ.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 5 - Quizvraag

Iemand rijdt door rood licht omdat hij/zij een zwaargewonde in de auto heeft zitten. Dit is een voorbeeld van:
A
Ontoerekeningsvatbaarheid
B
noodweer
C
overmacht

Slide 6 - Quizvraag

6.1 Van politie naar officier
Wat zijn de taken en bevoegdheden van de politie?

Slide 7 - Tekstslide

Aan het eind van de les:
  1. Ken je de bevoegdheden van de politie
  2. Ken je de taken van de politie
  3. Kan je een voorbeeld geven van de grenzen bij de politie.

Slide 8 - Tekstslide

Taken politie
  • handhaven openbare orde
  • hulpverlening
  • opsporing
  • preventie
  • dienstverlening

Slide 9 - Tekstslide

Bevoegdheden? van de politie: 
Wat zijn bevoegdheden?

Slide 10 - Tekstslide

Bevoegdheden politie
  • Iemand aanhouden of laten stoppen (staande houden)
  • Bekeuring geven 
  • aanhouden /arresteren 
  • vasthouden 
  • fouilleren 

Bij zware opsporingstaken zoals telefoons aftappen of iemands woning doorzoeken heeft de politie toestemming van de OVJ nodig. 

Slide 11 - Tekstslide

grenzen aan bevoegdheden
Nederland is een rechtstaat 

de taken van de poltie staan in de wet en dit is belangrijk voor de rechtsbescherming

de politie kan niet zomaar alles doen 

Slide 12 - Tekstslide

Dilemma van de rechtsstaat
  • Vrijheid (rechtsbescherming)
  • Veiligheid (rechtshandhaving)
  • Beide botsen soms

Vrijheid vs. veiligheid

Slide 13 - Tekstslide

Pak een blaadje en probeer de volgende examenvragen te beantwoorden 

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Rechtshandhaving

Slide 17 - Tekstslide

Aan de slag! 
Maken paragraaf 6.1

klaar? Ga verder met paragraaf 6.2 

Slide 18 - Tekstslide

Paragraaf 6.2 
De officier van justitie 


- Uitleg paragraaf 6.2
- Maken paragraaf 6.2
-  RTL boulevard 

Slide 19 - Tekstslide

Vragen 
- Waarom mag de politie in een rechtstaat nooit zomaar naar je identiteitsbewijs vragen?

-  Waarom zijn de bevoegdheden van de politie zo nauwkeurig omschreven? Gebruik in je antwoord rechtsbescherming

Slide 20 - Tekstslide

Antwoorden
- Om willekeurig optreden van de politie te voorkomen.
Bijvoorbeeld dat zonder aanleiding allochtonen of hangjongeren gevraagd wordt naar hun identiteitsbewijs.

-Om machtsmisbruik en willekeurig optreden van de politie te voorkomen. Dit is belangrijk voor de rechtsbescherming, waar burgers in een rechtsstaat recht op hebben. 


Slide 21 - Tekstslide



Wie is de Officier van Justitie?

Speciale ambtenaar van het Ministerie van justitie. 
Klaagde de verdachte aan.

Slide 22 - Tekstslide

Officier van Justitie 
Openbaar Ministerie 
alle officieren van justitie bij elkaar

Slide 23 - Tekstslide

Officier van justitie is van het begin tot het eind 
betrokken bij het strafproces. 
1. Leidt het opsporing onderzoek

2. Beslist of een verdachte naar de rechter gaat 
3. Eist in een rechtszaak een bepaalde straf 
4.  zorgt dat die straf ook wordt uitgevoerd

Slide 24 - Tekstslide

Het opsporingsonderzoek
  • Proces verbaal: een officieel schiftelijk verslag.
  • Strafdossier: bewijsmateriaal, getuigenverklaringen en andere gegevens.

Slide 25 - Tekstslide

Klaar met het opsporingsonderzoek?
De Officier van Justitie heeft drie mogelijkheden: 

- Seponeren: afzien van verdere rechtsvervolging 
   onvoldoende bewijs, klein vergrijp of al gestraft. 

- Schikken: geldboetes
vaak bij vernielig of winkeldiefstal

- Vervolgen: naar de rechtbank voor een rechtszaak
OvJ spreekt namens de samenleving en probeert de rechter te overtuigen
hij eist ook een passende straf voor de verdachte. 

Slide 26 - Tekstslide

Officier van Justitie

Heeft 3 mogelijkheden 


  1. Seponeren (zaak laten rusten) afzien van rechtsvervolging
  2. Schikken (boete)
  3. Vervolgen (voor de rechter brengen ) 

Slide 27 - Tekstslide

Waarom seponeren?
- Te weinig bewijs 
-  Iemand is al genoeg gestraft

-  Er worden voorwaarden gesteld. 
Bijv: verslaafden laten afkicken 

Slide 28 - Tekstslide

Waarom schikken?
-  Bij minder zware delicten besluit de OvJ een boete te geven. 


Slide 29 - Tekstslide

Waarom vervolgen?
- Strafdossier komt voor de rechter

- OvJ wordt dan een openbare aanklager, en eist een passende straf tegen de verdachte 

-

Slide 30 - Tekstslide

Concentreer je op de taak van de officier van Justitie in dit filmpje

Slide 31 - Tekstslide

Aan de slag
-Maken paragraaf 6.2 + Samenvatting begrippenlijst
-Examen opgaven 5&6

-Laatste kwartier:  Taghi RTL boulevard

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Link