2.2 Ionen

2.2 Ionen
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 19 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

2.2 Ionen

Slide 1 - Tekstslide

Formules van zouten
  • In zouten trekken de positieve en negatieve ionen elkaar aan door de tegengestelde ladingen. 
  • In het ionrooster dat ontstaat zijn alle ionen gestapeld. 
  • De positieve ionen zijn omgeven door negatieve ionen en de negatieve ionen door positieve. 
  • Er zijn dus geen zoutmoleculen aan te wijzen. 
  • Voor een zout geef je in de formule aan in welke VERHOUDING de ionen voorkomen in het ionrooster (verhoudingsformule)

Slide 2 - Tekstslide

Ionbinding
Een zout bestaat uit positieve en negatieve ionen. Deze ionen samen vormen een ionrooster. De bindingen tussen de ionen heten ionbindingen. Een ionbinding is een zeer sterke binding.

Slide 3 - Tekstslide

Ionen
  • Zouten bestaan altijd uit ionen (zie ook 2.4)
  • Ionen zijn atomen (of een groepje atomen) met een lading. 
      Zie tabel 1, blz. 133 van je boek.

Slide 4 - Tekstslide

Ionbinding


  • Aantrekking tussen + en - ionen noem je de ionbinding.

  • In zout zijn ionen gerangschikt in een ionrooster.

Slide 5 - Tekstslide

Naamgeving
Positieve ion eerst en dan het negatieve ion
Enkelvoudige ionen krijgen uitgang -ide:  -oxide, -chloride
Als de lading van het metaalion kan veranderen, dan de Romeinse cijfers achter het dit metaalion: 
ijzer(II)chloride = FeCl2

Slide 6 - Tekstslide

Dubbelzout
Zout dat bestaat uit drie of meer ionen
Edelsteen bijvoorbeeld malachiet
opgebouwd uit 
twee koper-ion, een carbonaat-ion 
en twee hydroxide-ionen
Geef de verhoudingsformule
Bepaal de lading van het koper-ion 

Slide 7 - Tekstslide

Ionen en geleidbaarheid
Om stroom te kunnen geleiden heb je nodig:
- geladen deeltjes (elektronen/ionen)
- mogelijkheid tot bewegen van de geladen deeltjes

Onthoud: een zout kan stroom geleiden in oplossing of gesmolten toestand. De beweging van ionen zorgen voor geleiding.

Slide 8 - Tekstslide

Positieve ionen

Slide 9 - Tekstslide

Enkelvoudige ionen
  • Ionen die bestaan uit 1 atoomsoort
  • Bestaan atoomsoorten met verschillende ionladingen
  • Binas 40A
  • Aangeven met Romeinse cijfers: goud(I)ion of goud(III)ion

Slide 10 - Tekstslide

Samengestelde ionen
samengestelde ionen zijn kleine
moleculen die een lading hebben.
Deze moleculen kunnen opgenomen
worden in een zoutrooster. 

Slide 11 - Tekstslide

Samengestelde ionen

Slide 12 - Tekstslide

Zout oplossen in water: ionen komen los uit ionrooster en worden omringd door mantel van watermoleculen (hydratatie).
ionbindingen verbroken en ionen omringt door watermoleculen

Slide 13 - Tekstslide

tribune-ionen
Ionen die er wel zijn maar die niet meedoen met de reactie.

Slide 14 - Tekstslide

Oplossen van een zout
  • De negatieve kant van  een watermolecuul richt zich naar het positieve ion
  • De positieve kant van een watermolecuul richt zich naar het negatieve ion

Slide 15 - Tekstslide

Hydratatie van ionen

Slide 16 - Tekstslide

Hydratatie
  •  Ionbinding verbreken
  • Ionrooster
  • Aan de rand van het rooster: omringen van ionen

Slide 17 - Tekstslide

Covalente binding
Elk atoom streeft naar een volle buitenste schil

Dit wordt de octet-regel genoemd.

Niet metalen kunnen dit op twee manieren: Opnemen of delen

Slide 18 - Tekstslide

Vorming van een zout
  • Na heeft 1 valentie-elektron
  • Wilt er 1 wegdoen voor octetregel.
  • Wordt zelf Na+-ion
  • Cl heeft 7 valentie-elektronen.
  • Wilt er nog 1 voor octetregel.
  • Wordt zelf Cl- ion

Slide 19 - Tekstslide