Les 9: ergens heen

Tu veux .... café?
A
du
B
de la
C
des
D
de
1 / 19
volgende
Slide 1: Quizvraag
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Tu veux .... café?
A
du
B
de la
C
des
D
de

Slide 1 - Quizvraag

Je prends un verre .... lait pour le petit-déjeuner.
A
du
B
d'
C
des
D
de

Slide 2 - Quizvraag

Il y a beaucoup .... élèves dans ta classe?
A
du
B
d'
C
des
D
de

Slide 3 - Quizvraag

Delend lidwoorden:
Woorden van hoeveelheid: 
beurre     "boter"
crême    "(slag)room"
énergie    "energie" 
frites       "frietjes" 
un paquet
beaucoup
trop
un plat
beurre 
crême   
énergie
frites
du
de la
de l'
des
de
de
de
d'

Slide 4 - Sleepvraag

Aujourd'hui:
- Corriger les devoirs
- Herhaling: aller + naar de / naar het 
- Répondre aux questions (vragen beantwoorden)
- Les devoirs

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Ex 12, 13

Slide 8 - Tekstslide

Ex 3, 4

Slide 9 - Tekstslide

Aller quelque part 
Ergens heen gaan - comment dire en français: 

"Ik ga naar (de) school."
"Jij gaat naar de supermarkt."
"Wij gaan naar het strand." 
Etc. 
?????????

Slide 10 - Tekstslide

wij gaan

Slide 11 - Open vraag

u gaat

Slide 12 - Open vraag

jij gaat

Slide 13 - Open vraag

Als je aller niet goed kent, heb je meerdere keren in de toets een probleem.... 

Slide 14 - Tekstslide

Au, à la, à l', aux // du, de la, de l', des
Ik ga van het Louvre naar de Eiffeltoren.
Je vais du Louvre  à la Tour Eiffel. 

Ik ga van de Eiffeltoren naar het Louvre. 
Je vais de la Tour Eiffel au Louvre. 


de le
du
de la
de la
à le
au
à la 
à la 

Slide 15 - Tekstslide

Au, à la, à l', aux // du, de la, de l', des
Ik ga van de Arc de Triomphe naar de Tuileriën.
Je vais de l'Arc de Triomphe  aux Tuileries. 

Ik ga van de Tuileren naar de Arc de Triomphe.  
Je vais des Tuileries à l'Arc de Triomphe. 


de l'
de l'
de les
des
à l'
à l'
à les
aux

Slide 16 - Tekstslide

Donc:
de + le wordt du
de + les wordt des

à + le wordt au
à + les wordt aux


Slide 17 - Tekstslide

page cent deux

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Link