Kind in het ziekenhuis 2020

1 / 58
volgende
Slide 1: Tekstslide
sovaHBO

In deze les zitten 58 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 9 videos.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

0

Slide 6 - Video

Slide 7 - Tekstslide

0

Slide 8 - Video

Slide 9 - Tekstslide

Stellingen

Slide 10 - Tekstslide

Bij een opname van een kind in het ziekenhuis moet er
continu een vader of moeder aanwezig zijn.
A
eens
B
oneens

Slide 11 - Quizvraag

Een kind moet je altijd alles volledig vertellen.
A
eens
B
oneens

Slide 12 - Quizvraag

Het dagritme van de zorgorganisatie is leidend voor het
dagritme van het kind.
A
eens
B
oneens

Slide 13 - Quizvraag

Slide 14 - Tekstslide

Heupdysplasie
Willeke

Slide 15 - Tekstslide

Schizis en darmrevalidatie na NEC

Roy

Slide 16 - Tekstslide

Cystic Fibrosis
Iris

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Wat kan de kinderverpleegkundige doen om het kind te begeleiden?
A
Gewoon doorpakken dan is het snel klaar
B
Pedagogisch medewerker erbij vragen
C
Liedje zingen
D
Ouder goed informeren over de handeling

Slide 20 - Quizvraag

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

0

Slide 25 - Video

Gezicht
A
Vertoont geen specifieke expressie of glimlacht
B
Fronst af en toe of trekt een grimas, is teruggetrokken, ongeïnteresseerd
C
Fronst regelmatig tot voortdurend, klemt de kaken op elkaar, heeft een trillende kin

Slide 26 - Quizvraag

Benen
A
Normale houding en/of ontspannen
B
Ongemakkelijk, onrustig, gespannen
C
Schopt of heeft opgetrokken benen

Slide 27 - Quizvraag

0

Slide 28 - Video

Activiteit
A
Ligt rustig, in een normale houding, maakt rustige bewegingen
B
Kronkelt, wringt zich in bochten, verandert steeds van houding, is gespannen
C
Overstrekt zich, trekt een holle rug of ligt ineengekrompen, is verstijfd of maakt schokkende bewegingen

Slide 29 - Quizvraag

Huilen
A
Huilt niet (wakker of slapend)
B
Kreunt, kermt of jengelt; klaagt af en toe
C
Huilt voortdurend, schreeuwt of jammert, klaagt veelvuldig

Slide 30 - Quizvraag

Troostbaar
A
Is tevreden, ontspannen
B
Is te troosten door af en toe aan te raken, te knuffelen of toe te spreken; laat zich afleiden
C
Is moeilijk te troosten of op te beuren

Slide 31 - Quizvraag

Totaal 7 punten
Wat is er aan de hand?
Vergelijken observaties, overdracht
Medicatie bijstellen

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Tekstslide

Gespecialiseerde professionals
Ouders
Rechten van het kind

Slide 34 - Tekstslide

Slide 35 - Tekstslide

Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Tekstslide

0

Slide 38 - Video

Slide 39 - Tekstslide

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Tekstslide

https://www.rtvoost.nl/nieuws/115488/Verschoningsrecht-zaak-baby-Lani-niet-gehonoreerd 

Slide 42 - Tekstslide

Slide 43 - Link

Slide 44 - Tekstslide

0

Slide 45 - Video

Slide 46 - Tekstslide

Slide 47 - Tekstslide

Slide 48 - Tekstslide

Slide 49 - Tekstslide

Stellingen

Slide 50 - Tekstslide

Bij een opname van een kind in het ziekenhuis moet er
continu een vader of moeder aanwezig zijn.
A
eens
B
oneens

Slide 51 - Quizvraag

Een kind moet je altijd alles volledig vertellen.
A
eens
B
oneens

Slide 52 - Quizvraag

Het dagritme van de zorgorganisatie is leidend voor het
dagritme van het kind.
A
eens
B
oneens

Slide 53 - Quizvraag

Slide 54 - Tekstslide

Slide 55 - Tekstslide

0

Slide 56 - Video

0

Slide 57 - Video

0

Slide 58 - Video