Les 5: Polyfarmacie

Les 7
Polyfarmacie
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
WelzijnMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

Onderdelen in deze les

Les 7
Polyfarmacie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is polyfarmacie?
timer
1:00

Slide 2 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

timer
1:00
Kan je een voorbeeld van co-morbiditeit
uit de praktijk benoemen?

Slide 4 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

timer
1:00
Verpleegkundige interventies
therapietrouw - therapieontrouw

Slide 11 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kan je een voorbeeld van een NSAID noemen?

Slide 17 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

timer
0:45
Tot welke klachten kunnen verkeerd
gebruik van NSIAD's leiden?

Slide 18 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Werking medicatie

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

farmacokinetiek
Het proces wat een medicijn doet met het lichaam.

Te verdelen in 4 stappen





Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Enteraal:
Oraal
Rectaal



Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Omzetten en uitscheiden
Lever zet medicatie om zodat deze uitgescheiden kan worden

Er worden steeds meer delen van het medicijn bewerkt, net zo lang tot het medicijn uitgescheiden kan worden (via lever en nieren).

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Therapeutische werking

Slide 24 - Tekstslide

therapeutische breedte kan per medicijn en per persoon verschillen.
Toedieningswegen
Enteraal (maag/darm kanaal):
  • Oraal
  • Rectaal

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Toedieningswegen
Paraenteraal (buiten maag/darmstelsel om):
  1. Inhalatie 
  2. Sublinguaal
  3. Subcutaan
  4. Intramusculair
  5. Intraveneus
  6. Transdermaal
Opdracht
Zoek op wat de woorden betekenen

Slide 26 - Tekstslide

             (inademen)
         (onder de tong)
           (onder de huid)
   (in de spier)
         (in een ader)
     (door de huid)  
Snelheid opname
Snelheid afhankelijk van toediening:
Opdracht
Geef van elk punt 2 voorbeelden van medicatie
Via maag/darmstelsel
Via bloedbaan
Langzame opname
Buiten maag/darmstelsel
Snel/rechtstreeks in bloedbaan
Snelle werking
Lokaal
Direct op de plaats
Niet in bloedbaan

Slide 27 - Tekstslide

via de mond (bijvoorbeeld tabletten, capsules, drankjes of druppels), via de anus (bijvoorbeeld zetpillen of klysma's)
Retard vertraagde afgifte

injecties of andere manieren (bijvoorbeeld pleisters, medicijnen onder de tong of medicijnen die ingeademd worden). 

Noem van elke soort opname een voorbeeld