4 vwo - cours 10 - Literature et multiculturalisme 20260527

1 / 41
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 41 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Startklaar
Enlevez votre manteau. 
Mettez votre téléphone portable dans votre sac à dos.
Écouteurs dans vos sacs à dos.
Posez vos sacs à dos par terre.
Posez votre ordinateur portable fermé dans le sac à dos.
Mettez votre matériel scolaire sur la table.
timer
5:00

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  • Correctie van huiswerk/ Correction des devoirs
  • Leerdoelen opstellen/ Objectifs d’apprentissage
  • Instructie/ Instructions
  • Aan de slag/ Connaissance d'aujourd'hui
  • Reflectie en leerdoelen check/ Réflexion et vérification des objectifs d'apprentissage

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Leerdoelen - in het einde van de les:
  1. R: Je connais la littérature contemporaine./ Ik ken de hedendaagse literatuur.
  2.  T2: Je sais comprendre comment Oscar et la Dame Rose parle de la mort et de la spiritualité./ Ik kan begrijpen hoe Oscar en Mevrouw Roze over dood en spiritualiteit spreekt.
  3. I. Je sais comparer les thèmes de la mort et de la spiritualité dans le livre avec ma propre culture./ Ik kan de thema’s dood en spiritualiteit in het boek vergelijken met mijn eigen cultuur.

Slide 4 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
  BrainStorm
C'est quoi la
"littérature contemporaine"?

Slide 5 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
         Terugblik opdracht
a) gebeurtenissen
b) ervaringen
c) hedendaagse literatuur
d) herkent
e) De lezer
f) Invloed (hebben)
g) onbekende situaties
h) autofictie
i) empathie voelen
j) Verplaats je eens in zijn plaats.
Associez les mots en FR et en NL
1) littérature contemporaine
2) autofiction
3) expériences
4) éprouver de l'empathie
5) Situations inédites
6) Le lecteur
7) événements
8) reconnaissent
9) influencer
10) se mettre à sa place

Slide 6 - Tekstslide

Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.

Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:
         Terugblik opdracht - RÉPONSES
c) hedendaagse literatuur
h) autofictie
b) ervaringen
i) empathie voelen
g) onbekende situaties
e) De lezer
a) gebeurtenissen
d) herkent
f) Invloed (hebben)
j) Verplaats je eens in zijn plaats.
Associez les mots en FR et en NL
1) littérature contemporaine
2) autofiction
3) expériences
4) éprouver de l'empathie
5) Situations inédites
6) Le lecteur
7) événements
8) reconnaissent
9) influencer
10) se mettre à sa place

Slide 7 - Tekstslide

Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.

Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:
                        C'est quoi?
La littérature contemporaine

La littérature contemporaine française - C'est l'ensemble des œuvres publiées de la fin du XXe siècle (années 1980) à nos jours. 

Elle se caractérise par une grande diversité, mélangeant fiction et réalité, traitant de sujets actuels avec un style souvent direct, introspectif, et explorant de nouvelles formes narratives sans se limiter aux genres classiques.

Slide 8 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Instructie
Nombre d'auteurs puisent dans leurs propres expériences. Dans la littérature contemporaine, on voit souvent des auteurs présenter des événements et des émotions tirés de leur vie, en y ajoutant une dimension fictionnelle. C'est ce qu'on appelle l'autofiction.
Veel auteurs putten uit hun eigen ervaringen. In de hedendaagse literatuur zien we vaak dat ze gebeurtenissen en emoties uit hun eigen leven opvoeren en daar een fictieve laag aan toevoegen. Dit heet autofictie.
Source: Grandes Lignes- Littérature 4 VWO - https://apps.noordhoff.nl/se/content/book/b7669846-b19b-4e09-a0d5-b1ddf86e9d17/ebook/92d6600a-401c-49a8-846a-cba119a10879?page=174

Slide 10 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Instructie
Cependant, loin d'être tous les romans s'inspirent de la vie de l'auteur, la littérature est avant tout un lieu d'exploration de situations inédites. Cela vaut également pour le lecteur. Dans les livres, on est régulièrement confronté à des situations ou des émotions inconnues, et pourtant on éprouve de l'empathie pour les personnages.
Maar lang niet alle romans zijn gebaseerd op het leven van de schrijver; literatuur is bij uitstek de plek waar je onbekende situaties kunt verkennen. Dat geldt natuurlijk ook voor de lezer. In boeken kom je regelmatig situaties of emoties tegen die je zelf niet kent, maar je leeft wel mee met de personages. 

Slide 11 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Instructie
La façon dont vous, en tant que lecteur, vous identifiez à une scène ou à un personnage dépend de divers facteurs. Ceux qui se reconnaissent en un personnage se sentiront plus proches de lui. 
Hoe jij je als lezer verhoudt tot een scène of personage hangt af van verschillende dingen. Wie zichzelf in een personage herkent, zal zich meer met hem of haar verbonden voelen. 
Source: Grandes Lignes- Littérature 4 VWO - https://apps.noordhoff.nl/se/content/book/b7669846-b19b-4e09-a0d5-b1ddf86e9d17/ebook/92d6600a-401c-49a8-846a-cba119a10879?page=174

Slide 12 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

De plus, le point de vue narratif peut influencer le degré d'empathie que l'on ressent pour un personnage : la narration à la première personne, en particulier, permet de se mettre à sa place et de ressentir des émotions fortes à son égard. Ainsi, la littérature peut développer l'empathie : elle permet de mieux comprendre la façon dont les autres vivent et pensent.
Daarnaast kan het vertelperspectief invloed hebben op de mate waarin je meeleeft met een personage: met name een ik-perspectief zorgt ervoor dat je in het hoofd van een personage kruipt en sterk met hem of haar meeleeft. Literatuur kan je op die manier empathischer maken: je krijgt meer begrip voor hoe andere mensen leven en denken.

Slide 13 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

C'est quoi la littérature contemporaine?

Slide 14 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Éric-Emmanuel Schmitt
Éric-Emmanuel Schmitt est né à Lyon en 1960, de parents d’origine alsacienne. Interrogé par un journaliste, il se peint comme un adolescent rebelle, ne supportant pas les idées reçues et parfois victime d’accès de violence. 
Mais la philosophie, pense-t-il, l’a sauvé en lui apprenant à être lui-même et à se sentir libre. Ses études l’ont mené à l’École normale supérieure et au professorat de philosophie, comme maître de conférence.

Slide 15 - Tekstslide

Erbij vertellen dat zijn achternaam inderdaad Duits klinkt, maar dat dit niet raar is. Kijk waar de Alsace ligt volgens het kaartje.
Éric-Emmanuel Schmitt

D’autres œuvres suivirent, parfois couronnées par des prix littéraires au pouvoir médiatique.

Certaines entrèrent dans la carrière audiovisuelle ou cinématographique comme Monsieur Ibrahim et les Fleurs du Coran créé en 1999 ou Oscar et la dame rose porté au cinéma par Schmitt lui-même en 2009.

En juillet 2001, venant récompenser de nombreuses et riches parutions, l’Académie française lui décerne le Grand Prix du Théâtre pour l’ensemble de son œuvre.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Éric-Emmanuel Schmitt


Éric-Emmanuel Schmitt s’est taillé une belle figure d’écrivain contemporain grâce à une écriture fluide et directe mise au service de thèmes éternels. Il sait donner présence aux figures mythiques les plus populaires: Don Juan, Freud, Dieu, le Christ, Hitler… et enrichir son propos littéraire d’une culture philosophique.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Éric-Emmanuel Schmitt
Remplissez la fiche.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schmitt et les croyances
In zijn interviews en veel van zijn boeken zie je het thema ‘religie’ 
steeds terugkomen.

Slide 19 - Tekstslide

Toen Schmitt 28 was ging hij op reis naar Algerije. Hij ging op rondreis met een gids door de Sahara. 
Op een gegeven moment besluit hij als eerste een afdaling te maken, zonder de rest van de groep.
Hij verdwaalt in de woestijn en het kost de groep een dag om hem weer te vinden.
In de nacht dat Schmitt alleen in angst voor zijn leven in de woestijn wacht tot hij gered zal worden is hij zo bang dat hij alle controle kwijt raakt. 
Gewoonlijk denkt hij veel na, hij is niet snel bang, omdat hij weet dat hij alles onder controle heeft. Dat is nu niet meer zo.
In die nacht zegt hij dat God tot hem gekomen is. Hij ging de woestijn in als atheïst en komt er gelovig in een hogere macht uit.

Oscar et la dame rose
Oscar a dix ans et il est très malade. 
Il sait qu’il ne pourra pas guérir. 
Avec courage et humour, il assume la mauvaise pente que prend sa maladie, mais il n’arrive plus à parler aux adultes. Même ses parents, il les voit comme des menteurs. Seule Mamie Rose, la plus âgée des dames roses qui viennent visiter les enfants malades, reste elle-même avec Oscar et lui conseille de parler à Dieu.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Penser   -   Discuter   -   Partager
Think        -    Pair    -        Share
Instructie
Visible Thinking Routine
timer
0:30
timer
1:00
Comment Oscar et la Dame Rose parle de la mort et de la spiritualité.
Hoe spreekt Oscar en Mevrouw Roze over dood en spiritualiteit?
timer
2:00

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

T2: Je sais comprendre comment Oscar et la Dame Rose parle de la mort et de la spiritualité.
Ik kan begrijpen hoe Oscar en Mevrouw Roze over dood en spiritualiteit spreekt.
😒🙁😐🙂😃

Slide 22 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Monsieur Ibrahim et les Fleurs du Coran
Paris, rue Bleue, dans les années 1960. Moïse, jeune juif de onze ans, supporte mal de vivre seul avec son père et le souvenir incessant d’un frère parfait. 
Monsieur Ibrahim, le vieux sage, l’« Arabe de la rue », musulman, tient une épicerie et
observe le monde de son tabouret .

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

L'Enfant de Noé
En 1942 en Belgique, Joseph, 7 ans, est le fils unique 
d’une famille juive menacée de déportation. 
Pour sa protection, il est confié au père Pons, 
petit curé de campagne, un « juste » qui 
(avec l’aide des villageois) sauve des enfants 
en cachant leur identité. 
Le père Pons ne se contente pas seulement de sauver des vies, il essaie aussi de préserver la culture juive 
en collectant des objets appartenant à 
une culture menacée de destruction.

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Milarepa
Chaque nuit, Simon rêve d’un moine tibétain 
qui haïssait son neveu. 
Pour arrêter ce phénomène, il doit raconter leur histoire.

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Le sumo qui ne pouvait pas grossir
Jun, adolescent errant dans les rues de Tokyo, 
n’a aucune estime de lui-même et fait 
une « allergie universelle » à lui, à la société, 
et au monde entier. 
Un maître sumo va l’aider à reprendre 
confiance en lui grâce à la méditation.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Les dix enfants que madame Ming n'a jamais eus
Un homme d’affaires français fait couramment
 des voyages en Chine. Il y rencontre madame Ming, responsable des toilettes de l’hôtel où il loge. 
Et elle lui explique qu’elle a dix enfants ; 
malgré la politique de l’enfant unique.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Madame Pylinska et le secret de Chopin
Le jour de ses neufs ans, bouleversé en entendant 
sa tante jouer du Chopin, Éric-Emmanuel 
décide d’apprendre le piano. 
Interpréter Bach, Mozart, Debussy lui pose peu de problèmes, mais Chopin lui reste inaccessible : 
il fait des notes, mais ne retrouve pas le bon son.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Félix et la source invisible
Félix, 12 ans, vit un cauchemar. 
Sa mère Fatou, une magnifique Sénégalaise 
qui tient un petit café à Belleville, 
est entrée dans une dépression profonde. 

L’histoire explore les différentes facettes de l’animisme.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Le Cycle de l'Invisible
Fais une recherche sur Internet à propos de religions suivantes. 
Décris la religion et ses point principaux. 
Tu peux écrire en néerlandais ou en français.
  • Le bouddhisme tibétain
  • Le soufisme
  • Le judaïsme
  • Le christianisme
  • Le shinto
  • L’animisme

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Relie les livres aux spiritualités que l’on peut retrouver dans le livre.

Slide 31 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Le Cycle de l'Invisible
Relie les religions que l'on retrouve dans les livres au bon livre.

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Le Cycle de l'Invisible
Réponses :

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Penser   -   Discuter   -   Partager
Think        -    Pair    -        Share
Instructie
Visible Thinking Routine
timer
0:30
timer
1:00
Les Néerlandais parlent-ils de la mort d’une manière différente des Français ?/
Praten Nederlanders op een andere manier over de dood dan Fransen?
timer
2:00

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

La spiritualité apparaît-elle différemment dans les deux cultures ?
La spiritualité apparaît-elle différemment dans les deux cultures ?

Slide 35 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Comment votre culture parle-t-elle de la maladie, de l’espoir et de la mort ?/
Hoe spreekt jouw cultuur over ziekte, hoop en dood?

Slide 36 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Qu’est-ce que le livre nous enseigne sur le fait de vivre avec des personnes différentes ?/
Wat leert het boek ons over samenleven met mensen die anders zijn?

Slide 37 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


De vraag kan hier 
geplaatst worden.
A
a.
B
b.
C
c.
D
d.

Slide 38 - Quizvraag

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
I. Je sais comparer les thèmes de la mort et de la spiritualité dans le livre avec ma propre culture./
Ik kan de thema’s dood en spiritualiteit in het boek vergelijken met mijn eigen cultuur.
😒🙁😐🙂😃

Slide 39 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

           Afsluiting
Leerdoelen
R: Je connais la littérature contemporaine./ Ik ken de hedendaagse literatuur.
 T2: Je sais comprendre comment Oscar et la Dame Rose parle de la mort et de la spiritualité./ Ik kan begrijpen hoe Oscar en Mevrouw Roze over dood en spiritualiteit spreekt.
I. Je sais comparer les thèmes de la mort et de la spiritualité dans le livre avec ma propre culture./ Ik kan de thema’s dood en spiritualiteit in het boek vergelijken met mijn eigen cultuur.


Slide 40 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 
Eindslide

Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies