Lentekriebels: Verschillen tussen jongens en meisjes

Lentekriebels: Verschillen tussen jongens en meisjes
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieBasisschoolGroep 4

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Lentekriebels: Verschillen tussen jongens en meisjes

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doel van de les
Aan het einde van deze les kun je de verschillen tussen jongens en meisjes benoemen en uitleggen wat lentekriebels zijn.

Slide 2 - Tekstslide

Introduceer het doel van de les en laat de leerlingen weten wat ze aan het einde van de les zullen hebben geleerd.
Wat weet je al over lentekriebels en het verschil tussen jongens en meisjes?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn lentekriebels?
Lentekriebels zijn gevoelens die je krijgt als de lente begint. Het kan zijn dat je meer zin hebt om dingen te doen, zoals buiten spelen of op avontuur gaan.

Slide 4 - Tekstslide

Leg uit wat lentekriebels zijn en vraag aan de leerlingen of ze al eens van dit begrip hebben gehoord.
Verschil tussen jongens en meisjes
Jongens en meisjes zijn verschillend. Meisjes hebben borsten en een vagina, terwijl jongens een penis hebben. Ook hebben jongens meer spieren en zijn ze vaak sterker dan meisjes.

Slide 5 - Tekstslide

Beschrijf de verschillen tussen jongens en meisjes. Dit is een goed moment om aan te geven dat er naast de fysieke verschillen ook andere verschillen zijn.
Jongens en meisjes hebben dezelfde gevoelens
Jongens en meisjes kunnen dezelfde gevoelens hebben. Ze kunnen bijvoorbeeld verliefd worden op iemand of zich verdrietig voelen. Het is belangrijk om hierover te praten en elkaar te steunen.

Slide 6 - Tekstslide

Geef aan dat ondanks de verschillen tussen jongens en meisjes, ze ook veel overeenkomsten hebben. Bespreek het belang van communicatie en steun bieden aan elkaar.
Puberteit
In de puberteit veranderen jongens en meisjes. Meisjes krijgen borsten en worden ongesteld, terwijl jongens een baardgroei krijgen en hun stem zwaarder wordt.

Slide 7 - Tekstslide

Leg uit wat er gebeurt tijdens de puberteit. Dit is een goed moment om aan te geven dat iedereen op zijn eigen tempo verandert.
Verliefdheid
Als je verliefd bent, kun je kriebels in je buik krijgen. Het kan zijn dat je iemand heel leuk vindt en graag bij die persoon wilt zijn. Verliefdheid kan heel fijn zijn, maar soms ook verwarrend.

Slide 8 - Tekstslide

Praat over verliefdheid en geef aan dat het normaal is om gevoelens te hebben voor iemand anders. Bespreek ook dat het belangrijk is om respectvol met elkaar om te gaan.
Zelfbeeld
In de puberteit kun je onzeker zijn over jezelf en hoe je eruit ziet. Het is belangrijk om te weten dat iedereen anders is en dat je goed bent zoals je bent.

Slide 9 - Tekstslide

Leg uit dat het normaal is om onzeker te zijn in de puberteit. Bespreek dat iedereen anders is en dat het belangrijk is om jezelf te accepteren zoals je bent.
Samenvatting
In deze les hebben we geleerd wat lentekriebels zijn en wat de verschillen zijn tussen jongens en meisjes. We hebben besproken dat jongens en meisjes dezelfde gevoelens kunnen hebben en dat het belangrijk is om respectvol met elkaar om te gaan.

Slide 10 - Tekstslide

Geef een samenvatting van wat er in de les is besproken en herhaal het doel van de les.
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 11 - Open vraag

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 12 - Open vraag

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 13 - Open vraag

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.