5.2 Olie-industrie: vloek of zegen?

Welkom allemaal / Wat gaan we doen ?
Ga rustig zitten
Pak je werkboek, leerboek, basisboek en aantekeningenschrift op tafel

Wacht rustig tot de les begint
1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo, mavo, havo, vwoLeerjaar 1-6

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Welkom allemaal / Wat gaan we doen ?
Ga rustig zitten
Pak je werkboek, leerboek, basisboek en aantekeningenschrift op tafel

Wacht rustig tot de les begint

Slide 1 - Tekstslide

5.2 Olie-industrie: vloek of zegen

Slide 2 - Tekstslide

5.1Tegenstellingen in Nigeria
Hoofdstuk 5: Nigeria: rijk en toch arm
5.2 Olieindustrie: Vloek of zegen
5.3
Sterkten en zwakten van Nigeria
5.4 Kansen en bedreigingen voor Nigeria
Deelvraag: Is de olie-industrie een vloek of een zegen voor Nigeria?

Slide 3 - Tekstslide

Leerdoelen 
Aan het einde van de les kun je:

  • Omschrijven wat het belang van de olie-industrie is voor het bnp, de export en de overheidsinkomsten.
  • De nadelen van de olie-industrie voor Nigeria benoemen.
  • Omschrijven waarom er in Nigeria, ondanks de olie, veel armoede is.
  • Uitleggen op welke manier de Nigeriaanse overheid de afhankelijkheid van olie wil verkleinen.


Tijdens de uitleg:
 ben je stil,
steek je je hand op als je mee wilt doen
 maak je aantekeningen

Slide 4 - Tekstslide

Het grote plaatje

Slide 5 - Tekstslide

Olievelden in Nigeria

Slide 6 - Tekstslide

Hoe ontstaat aardolie?

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Spannende oliehandel
  • Olievelden in Zuid-Nigeria 
  • Hoog BNP door aardolie.
  • 90% van de export in Nigeria is olie.
  • Inkomsten hangen af van de olieprijs en vraag naar olie
  • Bij economische groei -> meer vraag -> meer inkomsten.
  • Bij crisis-> minder vraag -> minder inkomsten.
  • Zeer belangrijke inkomstenbron  dus!
Maak aantekeningen!!

Slide 9 - Tekstslide

Voor- en nadelen olie
Voordelen
Nadelen
Veel vraag = veel export
Bij wereldwijde economische crisis = weinig vraag = weinig inkomsten.
Bij wereldwijde economische groei = veel vraag naar olie nodig dus meer inkomsten
Niet altijd voldoende olie gewonnen door conflicten of oorlog.
Olie is altijd nodig voor bijv: benzine
CO2 uitstoot /raakt op / milieuvervuiling (lekkage)
Maak aantekeningen!!!

Slide 10 - Tekstslide

V.S. importeerde minder olie uit Nigeria
  • V.S. jarenlang grootste importeur olie Nigeria


  • Tussen 2010 en 2015 V.S. zelf olie produceren.

  • Gevolg: meer olie op de markt -> lagere olieprijzen

Slide 11 - Tekstslide

Exportpakket Nigeria

Diversificatie
Niet afhankelijk zijn van één ding (olie). <br>Meer inkomstenbronnen.&nbsp;

Slide 12 - Tekstslide

Armoede ondanks de olie
  • Waarom leven er 45% de bevolking van minder dan € 1,60 per dag?
  • 1.  Weinig werk in de olie industrie voor lokale bevolking ( alleen overheid + internationale bedrijven zoals Shell kunnen hier werken)
  • 2. Corruptie -> Overheid steekt geld in eigen zak.
  • 3. Overheid investeert niet in landbouw en industrie -> weinig werk voor mensen
    Boeren krijgen geen steun->dus verbouwen ze weinig -> Nigeria moet dus veel voedsel importeren. Dit kost veel geld!
Maak aantekeningen!!

Slide 13 - Tekstslide

Naast corruptie, ook milieuproblemen

Slide 14 - Tekstslide

0

Slide 15 - Video

Diversificatie
  • Overheid wil minder afhankelijk zijn van aardolie.
  • Overheid wil diversificatie: Veelzijdige economie ( meerdere inkomsten).
  • Diversificatie door: 
  • 1.  Meer investeren in de dienstensector.  Nollywood:  Meer werkgelegenheid en inkomsten voor veel Nigerianen. 
  • 2. Meer investeren in industrie en landbouw. Dit moet uiteindelijk zorgen voor werkgelegenheid, meer export van gewassen en minder import.

Maak aantekeningen!!

Slide 16 - Tekstslide

Terugblik leerdoelen
  • Omschrijven wat het belang van de olie-industrie is voor het bnp, de export en de overheidsinkomsten.
  • De nadelen van de olie-industrie voor Nigeria benoemen.
  • Omschrijven waarom er in Nigeria, ondanks de olie, veel armoede is.
  • Uitleggen op welke manier de Nigeriaanse overheid de afhankelijkheid van olie wil verkleinen.

Slide 17 - Tekstslide

Vragen?

Slide 18 - Tekstslide

Aan de slag
Ga naar SOM Today
Leermiddelen
Aardrijkskunde
2 vmbo t/h
Ga naar paragraaf 5.2

Opdrachten maken: Samenvatting online maken van 5.2. Klaar? Laten zien.
Aantekeningen overnemen vorige les. 

Slide 19 - Tekstslide

HERHALING
5.2
Olie-industrie: vloek of zegen?

Slide 20 - Tekstslide

Tropische
Regenwouden
Savanne
mangroven
Steppe

Slide 21 - Sleepvraag

Veeteelt
yams 
Cassave
Katoen 
Pinda's
Cacao
tabak

Slide 22 - Sleepvraag

<b>Noorden</b>
Hoge bevolkingsdichtheid
Lage 
Welvaart
Hoge welvaart
Lage
Bevolkingsdichtheid
Aardolie
Veel werk in de industrie en diensten
Droog
Veel neerslag

Slide 23 - Sleepvraag

Noem vier oorzaken voor de vele conflicten in Nigeria

Slide 24 - Open vraag

Leg uit wat een deelstaat is. Begin je uitleg met: Een gebied.....

Slide 25 - Open vraag

Leg kort uit hoe aardolie ontstaat

Slide 26 - Open vraag

Leg in 1 zin uit waarom de olie-industrie een zegen is voor Nigeria

Slide 27 - Open vraag

Leg in 1 zin uit waarom de
olie-industrie een vloek is voor Nigeria

Slide 28 - Open vraag

In welk deel van Nigeria is veel aardolie te vinden?
A
Noorden
B
Oosten
C
Zuiden
D
Westen

Slide 29 - Quizvraag

In welke twee natuurlijke landschappen vindt de oliewinning met name plaats?
A
Savanne
B
Steppe
C
Mangroven
D
Tropische regenwouden

Slide 30 - Quizvraag

Waarom heeft het zuiden van Nigeria een hoger BNP dan de rest van Nigeria?

Slide 31 - Open vraag

Noem 1 voordeel van aardolie

Slide 32 - Open vraag

Noem 2 nadelen van aardolie

Slide 33 - Open vraag

Ruim 90% van het .................... wordt verdiend in de olie-industrie.
A
BNP
B
Export

Slide 34 - Quizvraag

Noem 3 redenen waarom er veel armoede is, ondanks dat er veel olie wordt gewonnen.

Slide 35 - Open vraag

Wat kan de overheid doen om de afhankelijkheid van olie te verkleinen? Noem het begrip.

Slide 36 - Open vraag

Hoe doet Nigeria aan diversificatie. Noem er twee

Slide 37 - Open vraag