Herhaling Grammar unit 4 class 2B & 2A

Herhaling Grammar unit 4 class 2B & 2A

s. mohamed
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Herhaling Grammar unit 4 class 2B & 2A

s. mohamed

Slide 1 - Tekstslide

Plan van vandaag
  • Bezit: 'S of '
  • Vraagwoorden: de 5 w's + H
  • Vraagwoorden: What of Which
  • Aan de gang zijn: present continuous
  • This/That/These/Those

Slide 2 - Tekstslide

lesdoel
Grammatica begrijpen en zelf kunnen toepassen.

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Bezit: 's of '
  • Geeft aan van wie iets is.
  1. 's --> bij een persoon (enkelvoud)
  2. ' --> bij meervoud. Let op! als het woord niet eindigt met een -s dan wordt het --> 's 

Slide 5 - Tekstslide

Sophie__ plan
A
Sophies
B
Sophie's
C
Sophie'
D
Sophies''s

Slide 6 - Quizvraag

James__ dog
A
James's
B
Jameses
C
James'
D
James

Slide 7 - Quizvraag

his parents__ shop
A
Parentses
B
Parent's
C
Parents's
D
Parents'

Slide 8 - Quizvraag

The children____ toys
A
Childrenses
B
Childrens's
C
Children's
D
Children'

Slide 9 - Quizvraag

Vraagwoorden: de 5 w's + H
  • Who? 
  • Where?
  • When?
  • Why?
  • What?
  • How?

Slide 10 - Tekstslide

___ are you? (... ben jij)
A
What
B
Why
C
Who
D
How

Slide 11 - Quizvraag

's the name of your dog?
A
Where
B
What
C
How
D
Why

Slide 12 - Quizvraag

___ can use your invention? everyone?
A
What
B
Why
C
Where
D
Who

Slide 13 - Quizvraag

___ is the deadline? tomorrow?
A
When
B
What
C
How
D
Why

Slide 14 - Quizvraag

___ did you create it? For fun?
A
How
B
Why
C
What
D
When

Slide 15 - Quizvraag

___ did you make it? with rubber bands?
A
Where
B
Why
C
How
D
What

Slide 16 - Quizvraag

Vraagwoorden: What of Which
  • Als je moet kiezen, gebruik je What of Which

  1. Als je niet weet waaruit je moet kiezen--> What
  2. Als je weet waaruit je moet kiezen--> which 

Slide 17 - Tekstslide

___ is your favourite drink?
A
-
B
What
C
-
D
Which

Slide 18 - Quizvraag

___ drink is your favourite: ice tea or cola?
A
-
B
What
C
Which
D
-

Slide 19 - Quizvraag

___ sandwich is that? Tuna or egg?
A
Which
B
-
C
What
D
-

Slide 20 - Quizvraag

___ kind of sandwich do you like?
A
What
B
Which
C
-
D
-

Slide 21 - Quizvraag

Aan de gang zijn: present continuous
  • Iets is NU aan de gang
  • Signaalwoorden; now, at the moment etc.
Hoe maak je het?

AM/ARE/IS + WW + ING 

Slide 22 - Tekstslide

He______ on the street (walk).
A
are walk
B
am walking
C
is walking
D
-

Slide 23 - Quizvraag

Sara ______ a movie at the moment (watch).
A
are watch
B
am watching
C
is watched
D
is watching

Slide 24 - Quizvraag

My parents _______ right now (sleep)
A
is sleep
B
sleep
C
are sleeping
D
am sleeping

Slide 25 - Quizvraag

I______ a grown woman (become)
A
am becomeing
B
are became
C
am becoming
D
is becaming

Slide 26 - Quizvraag

This/That/These/Those
VERAF ENKELVOUD --> THAT
DICHTBIJ ENKELVOUD--> THIS

VERAF MEERVOUD--> THOSE
DICHTBIJ MEERVOUD--> THESE

Slide 27 - Tekstslide

Nu jullie!
Maak een start aan de SELFTEST unit 4 op blz. 174
(HUISWERK SELFTEST AF!!!)

Slide 28 - Tekstslide