Future and past simple/past continuous

4 vormen van de future:
  • Will
  • To be going to
  • Present continuous
  • present simple 
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3-5

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

4 vormen van de future:
  • Will
  • To be going to
  • Present continuous
  • present simple 

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Use future with "will": 
- als iets in de toekomst zal gebeuren, maar het is nog heel vaag
- een voorspelling 
- een belofte/aanbod/spontaan idee op het moment van spreken. Ook als je iets HOOPT/niet zeker weet

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Will + hele ww

Examples:
- I will bring you home after the party.
- I will go swimming if the sun shines tomorrow.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Use future with "to be going to":
- Als je iets van plan bent (er is nog niets vastgelegd!)
- Voorspellingen waar je bewijs voor hebt

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

To be (am/is/are) going to + hele ww

Examples:
- I am going to visit my grandparents tomorrow.
- Look outside! It is going to rain!

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Use future with "Present Continuous" (am/is/are + ww + ing):
- er is al een afspraak is gemaakt/iets is vastgelegd. (I am visiting my sister tomorrow at 15.00
- iets gaat binnenkort gebeuren.

Behalve voor de toekomst gebruik je de present continuous ook om:
- aan te geven dat iets NU aan de gang is
- aan te geven dat iets IRRITANT is (you are always picking your nose)

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Use future with "Present Simple": (hele ww zonder to/ bij she/he/it +S)
- Dingen die volgens een vaste tijdsplanning verlopen (bijvoorbeeld een dienstregeling of een rooster).: English class starts at 9.00
- Na sommige woorden die iets met de toekomst te maken hebben

Je gebruikt de present simple ook:
- om aan te geven dat iets vaker voorkomt (of nooit) of een gewoonte is
- bij werkwoorden die iets te maken hebben met de zintuigen (smell, taste, sound etc)

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

The Future

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welk vorm van de Future gebruik je bij afspraken die volgens schema gaan?
A
will / won't
B
to be going to
C
present continuous
D
present simple

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

FUTURE Next week I ... my grandparents, although I don't know on which day
A
am seeing
B
will see
C
would see
D
am going to see

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

FUTURE My plane ... at 8 o'clock, so I am going to be on time for the meeting
A
is leaving
B
will leave
C
leaves
D
is going to leave

Slide 11 - Quizvraag

Vanwege de vertraging van je bus heb je nu aanleiding om aan te nemen dat je te laat gaat komen.
FUTURE What would you like to eat?
> I ..... some French fries, please.
A
will have
B
have
C
am going to have
D
should have

Slide 12 - Quizvraag

Het is een beslissing die je op dit moment maakt. Daarbij hoort het gebruik van will.
FUTURE Choose the correct answer.
I have to go now. The train _____ at eight o'clock.
A
will leave
B
leaves
C
is going to leave
D
is leaving

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Past simple vs. past continuous


  • Past Simple vs Past Continuous

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Past Simple = ww + ed
- verleden tijd
- plaatsgevonden en afgelopen
- wanneer is belangrijk
- Signaalwoorden: last week, in 2012

:) They cleaned the house last week
:( They didn't clean the house last week
? Did they clean the house last week?

Let op! Onr. ww = 2e rijtje
:) He wrote a letter to her yesterday
:( He didn't write a letter to her yesterday
? Did he write a letter to her yesterday?



Past Continuous = was/were + ww + ing
- verleden tijd
- was in het verleden aan de gang
- in NL: 'ik was aan het ....' 


:) They were cleaning the house when I came home
:( They weren't cleaning the house right now
? Were they cleaning the house right now?


Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fill in the past simple: I .............. to my neighbour yesterday.
timer
0:20
A
talk
B
talks
C
talked
D
were talking

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Fill in the past continuous: We ...................Lupin when suddenly the phone rang.
timer
0:20
A
watched
B
have watched
C
were watching
D
are watching

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Past Simple / Past Continuous
What ___ Mr Mud___ (do) when you went into his office yesterday?

Slide 18 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Homework see Magister

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies