Burgerschap les 4 De maatschappij en ik

1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De Wereld en IK!
Module 1 les 3: Kinderrechten

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

LEZEN 10 min
Leesmoment
timer
10:00
1Waarom moet Mikael terug? 
2 Wanneer kwam zijn moeder in NL?

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik vorige week
1. Welke mensenrechten hebben wij besproken?
2.  Wat is vrijheid van geloof?
3.  Wat is vrijheid van meningsuiting?
4.  Wat betekent gelijkheid?

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn de drie belangrijkste mensenrechten die je hebt geleerd?
A
Recht op gelijkheid, vrijheid van geloof, vrijheid van meningsuiting
B
Recht op werk, recht op onderwijs, recht op veiligheid
C
Recht op gezondheid, recht op eigendom, recht op vakantie
D
Recht op sport, recht op kunst, recht op handel

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat houdt het recht op gelijkheid in?
A
Dat de overheid beslist welke mensen gelijk zijn
B
Dat je alles mag zeggen en doen wat je wilt
C
Dat alle mensen even belangrijk zijn en gelijk behandeld worden
D
Dat de juf of meester altijd gelijk heeft

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is het recht op vrijheid van geloof belangrijk in een samenleving?
A
Omdat het economische groei stimuleert
B
Omdat het culturele diversiteit bevordert en religieuze conflicten voorkomt
C
Omdat het de overheid meer macht geeft
D
Omdat het mensen dwingt om atheïstisch te zijn

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

      Leerdoelen
  • Ik weet wat de Kinderwet is (R).
  • Ik weet wat de Leerplichtwet is (R).
  • Ik weet dat Nederland het Kinderrechtenverdrag heeft afgesproken (R).

  • Ik kan zeggen waarom kinderen niet meer mochten     werken (T1).
  • Ik kan zeggen waarom kinderen naar school moesten (T1).
  • Ik kan voorbeelden geven van kinderrechten nu (T2)

  • Ik kan uitleggen hoe wetten kinderen beschermen (I).

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Begrippen
1. Rechten
2. Kinderrechten 
3. Kinderwet Van Houten
4. Leerplichtwet
5. VN-Kinderrechtenverdrag 

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Kinderarbeid
  • Kinderarbeid is werk dat kinderen doen dat slecht is voor hun gezondheid of ontwikkeling.
  • Vroeger moesten veel kinderen lange dagen werken in fabrieken of op het land.
  • Nu is kinderarbeid in veel landen verboden.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is kinderarbeid gevaarlijk?
  • Het zorgt ervoor dat kinderen niet naar school kunnen.
  • Het kan leiden tot gezondheidsproblemen door zwaar werk.
  • Kinderen kunnen door kinderarbeid hun kindertijd missen.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 Belangrijke wetten voor kinderen in Nederland
  • Kinderwet van Van Houten (1874)
  • Leerplichtwet (1901)
  • VN-Kinderrechtenverdrag (1995)


Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Kinderwet van Van Houten (1874)
  • Deze wet was heel belangrijk omdat het kinderen beschermde tegen zwaar en gevaarlijk werk in fabrieken.
  • Waarom was deze wet nodig?
  1. Veel kinderen werkten lange dagen in gevaarlijke omstandigheden.
  2. Ze konden niet naar school en werden niet goed beschermd.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerplichtwet (1901):
  • De Leerplichtwet zorgde ervoor dat alle kinderen tussen 6 en 12 jaar verplicht naar school moesten.
  • Waarom is naar school gaan belangrijk?
  1. Kinderen leren belangrijke dingen voor hun toekomst.
  2. Ze kunnen zich ontwikkelen en later een goede baan vinden.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

VN-Kinderrechtenverdrag (1995):

  • Een internationaal verdrag tussen landen en de Verenigde Naties.

  • Landen beloofden om kinderrechten te beschermen, zoals het recht op onderwijs en bescherming tegen kinderarbeid.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom zijn kinderrechten belangrijk?
  • Kinderen zijn nog in ontwikkeling en hebben daarom speciale bescherming nodig.
  • Vroeger moesten veel kinderen werken, maar nu zorgt de wet ervoor dat ze naar school kunnen gaan en beschermd worden.
  • Kinderrechten helpen kinderen om gezond en veilig op te groeien.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn kinderrechten?
A
Speciale regels voor ouders om kinderen te bescherment
B
Regels die kinderen beschermen en helpen om zich te ontwikkelen
C
Afspraken tussen landen om oorlogen te voorkomen

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat was de Kinderwet van Van Houten?
A
Een wet die kinderen verplichtte om naar school te gaan
B
Een wet uit 1874 die kinderen onder de 12 beschermde tegen fabrieksarbeid
C
Een wet die ouders strafte voor kinderarbeid
D
Een wet die kinderen verplichtte om in fabrieken te werken

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het VN-Kinderrechtenverdrag?
A
Internationale afspraken om kinderrechten te beschermen
B
Een wet die kinderarbeid wereldwijd verbood
C
Een regel die bepaalt hoeveel uur kinderen mogen werken
D
Een wet die kinderen verplicht om naar school te gaan

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Stel 1 vraag over de lesstof die je niet goed hebt begrepen.

Slide 25 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Lesopdracht optie 1
Het is het jaar 1874, vlak nadat de Kinderwet van Van Houten is ingevoerd. Jij bent een kind van 10 jaar dat in een fabriek werkte. Schrijf een brief (minimaal 50 woorden) aan je familie waarin je vertelt over de veranderingen door de nieuwe wet. Gebruik de volgende begrippen in je brief:

  • Kinderarbeid
  • Kinderrechten
  • Kinderwet van Van Houten

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag optie 2


Ga naar de site 

-Welke landen doen het slecht? Welke goed?
-Kies 6 landen in totaal.(één per continent)
-Hoe doet Nederland het?





timer
15:00

Slide 27 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies