3T 3.2 Krachten meten

Krachten meten
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Krachten meten

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen 
-Je kunt het verband beschrijven tussen de uitrekking en de kracht op een veer.
-Je kunt uitleggen hoe je krachten kunt meten met een krachtmeter (veerunster).
-Je kunt de zwaartekracht op een voorwerp berekenen als de massa is gegeven.
-Je kunt een kracht tekenen op een gegeven of een zelfgekozen krachtenschaal.
-Je kunt uitleggen dat g op elke planeet of maan weer een andere waarde heeft.

Slide 3 - Tekstslide

Krachten meten
Krachten kun je meten met een krachtmeter, 
 ofwel veerunster. Je leest het aantal Newton af
waarmee de aarde aan het voorwerp trekt

Slide 4 - Tekstslide

Slappe veer: kleine krachten
Stugge veer: grotere krachten

Slide 5 - Tekstslide

Kracht en uitrekking 
Het verband tussen de kracht en
uitrekking bij een veer is 
rechtevenredig.
 D.w.z; 2x keer meer kracht,
dan ook 2 x meer
 uitrekking.

Slide 6 - Tekstslide

Grafiek
Je krijgt een rechte lijn door de
oorsprong. Deze lijn zegt iets 
over de stugheid van de veer.

Slide 7 - Tekstslide

Aantal gewichtjes
Gewicht (N)
Uitrekking veer (cm)
0
0
0
1
0,15
1,6
2
0,30
3
4
5

Slide 8 - Tekstslide

Aantal gewichtjes
Gewicht (N)
Uitrekking veer (cm)
0
0
0
1
0,15
1,6
2
0,30
3,2
3
0,45
4,8
4
0,60
6,4
5
0,75
8,0

Slide 9 - Tekstslide

Rekenen met zwaartekracht
Fz = m x g

Fz= zwaartekracht (N)
m = massa (kg)
g = aantrekking, is 9,81 N/kg op aarde.  
Afgerond mag je 10 N/kg kiezen.
De aarde trekt dus met 10 Newton aan 1 kg.

Slide 10 - Tekstslide

Rekenen met zwaartekracht
m=​g​​Fz​​
g=​m​​Fz​​
Fz=m⋅g

Slide 11 - Tekstslide

Check in  duo

Slide 12 - Tekstslide

voorbeeldsom
Bereken de zwaartekracht op een mens met een massa van
 60 kg.


Slide 13 - Tekstslide

voorbeeldsom
Een glas water heeft een massa van 300 gram. 
Bereken het gewicht van dit glas water.


Slide 14 - Tekstslide

voorbeeldsom
Bereken de massa van een man, als je weet dat de zwaartekracht 900 N is.


Slide 15 - Tekstslide

Voorbeeld som

Bepaal de massa's van de gewichtjes aan de krachtmeter a,b en c.

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Krachtenschaal

Slide 18 - Tekstslide

voorbeeld som
Op een steen werkt een zwaartekracht van 100 N

De zwaartekracht op de steen wordt getekend met een pijl van 5 cm.
b. Welke krachtenschaal is er gebruikt?   

Slide 19 - Tekstslide

Zwaartekrachten op planeten
Uit Fz = m x g
blijkt dat je niet 
overal hetzelfde gewicht hebt.

Slide 20 - Tekstslide

Leo is de hoofdpersoon in een sciencefictionfilm. Zijn massa is 46 kg.

Bereken hoe groot de zwaartekracht op Leo's lichaam is:

a) als Leo zich op aarde bevindt.
b) als Leo zich op de maan bevindt.

c) als Leo zich op Jupiter bevindt.

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Video

Slide 24 - Video

0

Slide 25 - Video

Zelfstandig werken 
Wat? 
Niveau 1: 1 t/m 9
Niveau 2 :4 t/m 13
Hoe?
Stil of fluisterend
Tijd?
Tot het eind van de les 
Klaar?
Geef het bewijs voor de formule van Fz en wat jij nodig hebt om een kracht te tekenen

Slide 26 - Tekstslide

Leerdoelen 
-Je kunt het verband beschrijven tussen de uitrekking en de kracht op een veer.
-Je kunt uitleggen hoe je krachten kunt meten met een krachtmeter (veerunster).
-Je kunt de zwaartekracht op een voorwerp berekenen als de massa is gegeven.
-Je kunt een kracht tekenen op een gegeven of een zelfgekozen krachtenschaal.
-Je kunt uitleggen dat g op elke planeet of maan weer een andere waarde heeft.

Slide 27 - Tekstslide

Bereken de massa van een man, als je weet dat de zwaartekracht 800 N is.

Slide 28 - Open vraag

Als je de kracht op een spiraalveer verdubbelt:
A
wordt de lengte van de veer 2x zo groot
B
wordt de uitrekking van de veer 2x zo groot
C
wordt de lengte van de veer 4x zo groot
D
wordt de uitrekking van de veer 4x zo groot

Slide 29 - Quizvraag

Als je een kracht wilt tekenen, 
moet je eerst een                                         kiezen.

1cm=50N betekent dat een pijl van 1cm 
een kracht van                        voorstelt.

Een kracht van 150 N teken je op deze schaal als een pijl van  
Krachtenschaal
50 N
3 cm

Slide 30 - Sleepvraag

In een tuinwinkel wordt tuinaarde verkocht
in zakken van 20 kg.
Hoe groot is de zwaartekracht op zo'n zak tuinaarde?

Slide 31 - Open vraag

Sanne tekent de zwaartekracht op de zak tuinaarde (20kg) als een pijl van 5 cm.
Welke krachtenschaal heeft ze gebruikt?

Slide 32 - Open vraag

Slide 33 - Video

Slide 34 - Video

Slide 35 - Video

Zelfstandig werken 
Wat? 
Niveau 1: 1 t/m 9
Niveau 2 :4 t/m 11
Hoe?
Stil of fluisterend
Tijd?
Tot het eind van de les 
Klaar?
Geef het bewijs voor de formule van Fz en wat jij nodig hebt om een kracht te tekenen

Slide 36 - Tekstslide