6.2 Populaties

6.2 Populaties
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

6.2 Populaties

Slide 1 - Tekstslide

6.2 Leerdoelen
1. Je past methoden toe om een populatiegrootte te bepalen.

2. Je herkent de invloed van een beperkende factor op de populatiegrootte en legt uit wat de relatie is tussen de draagkracht van het gebied en de populatiegrootte.

3. Je herkent hoe natuurbeheerders populatiegroottes beïnvloeden.


Slide 2 - Tekstslide

Wat is een populatie?
De hoeveelheid individuen van een bepaalde soort in een gebied.




Slide 3 - Tekstslide

Populatiegrootte
Roofdieren
Voedsel
Competitie

Slide 4 - Tekstslide

Populatiegrootte
Wat bepaalt hoe groot een populatie in een bepaald gebied kan worden?

De beperkende factor --> De factor die zorgt dat een populatie niet verder kan groeien. Bijvoorbeeld:
Voedsel, nestplaatsen, beschutting, roofdieren.

Slide 5 - Tekstslide

Beperkende factoren kunnen uit de levende natuur komen (biotische factoren) en uit de levenloze natuur (abiotische factoren).

Slide 6 - Tekstslide

Populatiegrootte

Slide 7 - Tekstslide

Populatiedichtheid - konijnen?

Slide 8 - Tekstslide

Wat is de populatiedichtheid van de konijnen?
A
3,5 konijnen
B
7 konijnen
C
3,5 konijnen /km2
D
7 konijnen /km2

Slide 9 - Quizvraag

Populatiegrootte bepalen
-Schatten

-Vangst - terugvangst methode

Slide 10 - Tekstslide

Schatten

Slide 11 - Tekstslide

Vangst - terugvangst

Slide 12 - Tekstslide

Vangst - terugvangst

Slide 13 - Tekstslide

Vangst - terugvangst

Slide 14 - Tekstslide

Vangst - terugvangst
Stap 4: Rekenen
De verhouding tussen totaal aantal gemerkte dieren (M) en de totale populatie (A), is gelijk aan de verhouding aantal gemerkten 2e vangst (Gm) en gevangen dieren (G) bij 2e vangst.
AM=GGm

Slide 15 - Tekstslide

Vangst - terugvangst
Stap 4: Rekenen 



Aantal gemerkten dieren (M) = 9
Aantal gevangen dieren (G) = 8
Aantal gemerkten 2e vangst (Gm) = 2
Populatiegrootte?

Slide 16 - Tekstslide

Rekenvraag
Mario vangt in de visvijver de eerste keer 37 stekelbaarsjes, die hij allemaal markeert met een groene stip. Vervolgens laat hij de dieren vrij.
Een week later vangt hij 44 vissen, waarvan er 2 een stip hebben.

Hoe groot is de populatie stekelbaarsjes in de vijver?

Slide 17 - Tekstslide

Hoe groot is de populatie stekelbaarsjes in de vijver?

Slide 18 - Open vraag

Rekenvraag
Stekelbaarsjes met een groene stip vallen echter eerder op voor hun roofdier (de snoek), waardoor ze sneller opgegeten worden.
In de vorige vraag was een populatie berekend van 814 stekelbaarsjes. 

Je vangt weer 44 stekelbaarsjes waarvan 2 met een stip.

Zal de werkelijke populatie stekelbaarsjes groter, gelijk aan of kleiner zijn dan 814 stekelbaarsjes?

Slide 19 - Tekstslide

Zal de werkelijke populatie stekelbaarsjes groter, gelijk aan of kleiner zijn dan 814 stekelbaarsjes?
A
groter
B
gelijk aan
C
kleiner

Slide 20 - Quizvraag

Rekenvraag
Want:
aantal stekelbaarsjes is 37*44/2 = 814

Maar die 2 is eigenlijk te laag.
37*44/>2 is kleiner dan 814.

Slide 21 - Tekstslide

Veranderingen in populaties
Sterfte en migratie worden beïnvloed o.a. door intraspecifieke competitie (competitie om ruimte/ voedsel)
--> Competitie omhoog:
overlevingskans omlaag/ sterftecijfer omhoog
emigratie omhoog/ immigratie omlaag
--> Competitie omlaag:
Overlevingskans omhoog/ sterftecijfer omlaag
emigratie omlaag/ immigratie omhoog





Slide 22 - Tekstslide

Oostvaarders plassen

Slide 23 - Tekstslide

Oostvaarders plassen
Uit rapport staatsbosbeheer

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Natuurbeheer
Herintroductie otters

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Ontsnippering

Slide 28 - Tekstslide